Knokke Off, Got Talent en Undercover: Vlaams-Nederlandse coproducties schieten als paddenstoelen uit de grond. Dat is volgens Frank Lammers geen toeval. "Het is alleen maar slim om de krachten te bundelen", zegt de acteur in gesprek met NU.nl.
Luk Wyns, hoofdscenarist van Knokke Off en betrokken bij de nieuwe serie All In, heeft veel ervaring met Vlaams-Nederlandse coproducties en is er groot voorstander van.
Vooral op budgettair vlak ziet hij veel voordelen. "Waarom denk je dat ik altijd samenwerk met Nederlanders? Ze zijn met drie keer zoveel als wij, en de budgetten zijn drie keer zo groot", vertelde Wyns afgelopen februari aan De Morgen. "Als je de programma's maakt die ik maak, maak je weinig kans op steun van het Vlaams Audiovisueel Fonds."
Dat er op budgettair vlak meer mogelijk is, heeft te maken met de samenwerking tussen het Nederlands Filmfonds en het Vlaams Audiovisueel Fonds. België heeft daarnaast een gunstige fiscale maatregel die investeringen vanuit de markt in film en series aanmoedigt. Ook Nederlandse films en series kunnen hier met een Vlaamse coproducent een beroep op doen. Dat levert een hoger budget op en verhoogt de productiewaarde.
Maar de samenwerking tussen Nederland en België draait niet alleen om budget. Volgens Lammers, die te zien is in de dramaserie Undercover, wordt bij Vlaams-Nederlandse coproducties vaak gezocht naar verhalen die beide landen aanspreken.
"Dan kom je toch al snel weer uit bij drugshandel, omdat dat in de havens van Antwerpen en Rotterdam speelt." Tegelijkertijd ziet hij kansen. "Ik denk dat er nog veel meer samenwerking mogelijk is."
Lammers merkt veel verschil in de manier van werken tussen Nederland en België. "In België is er meer tijd, meer rust en meer aandacht, waar ik van hou. In Nederland moeten we altijd meer doen in zo min mogelijk tijd."
Dat verschil zie je volgens hem ook terug op de set. "Waar je in Nederland vaak tien à elf bladzijden moet filmen, zetten ze in België vaak in op vier à vijf. Dat geeft meer rust en tijd om echt iets bijzonders neer te zetten."
Ook op inhoudelijk vlak lopen de benaderingen uiteen. "Het is in Nederland moeilijker om producties met een duisterder randje door de commissies te krijgen. Vaak wordt al vooraf berekend of het een groot succes wordt. In België is het wat gedurfder en makkelijker om een bijzonder verhaal te vertellen."
Toch blijken die verschillen de samenwerking nauwelijks in de weg te staan. Dat wordt duidelijk op de set van de dramaserie Knokke Off, waarvan het nieuwe seizoen sinds kort op Netflix staat.
Hoewel het om een Vlaams-Nederlandse coproductie gaat, merken ze daar op de set weinig van. "Nederlanders en Belgen beweren heel anders te zijn, maar dat valt mee", vertelt Pommelien Thijs, die de rol van Louise speelt.
Ondanks de mix van Vlaamse en Nederlandse acteurs verloopt de samenwerking soepel. Volgens de Belgische actrice zijn de culturele verschillen verder klein. "Nederlanders en Belgen lijken meer op elkaar dan gedacht. Afgezien van een kleine taalbarrière merk je weinig verschil."
Tegelijkertijd kunnen juist die kleine culturele verschillen tussen beide landen een meerwaarde vormen. "Ik heb zowel met Vlamingen als met Nederlanders een haat-liefdeverhouding. Nederlanders zijn verbaal en weten het allemaal beter...", zegt Wyns.
Volgens hem levert dat een interessante dynamiek op: "Het is heerlijk om te spelen met de verschillen tussen Nederlanders - zelfverzekerd, assertief - en Belgen - bescheiden, of erger nog, vals bescheiden, een beetje hypocriet ook", vertelt de regisseur aan HLN.
Uiteindelijk bieden Vlaams-Nederlandse coproducties volgens Lammers veel voordelen. "Het is alleen maar slim om de krachten te bundelen. Zo is er qua budget meer mogelijk, maar wordt ook het bereik vergroot."
Source: Nu.nl algemeen