Schoonmaakmiddelen met bacteriën, dat klinkt contra-intuïtief. Toch hebben ze voordelen boven traditionele bacteriedodende schoonmaakproducten. Hoe werken ze?
Plons. Daar valt een bom met een miljard bacteriën in de wc-pot. In plaats van een toiletreiniger die micro-organismen doodt, voegt de wc-bom van het Belgische biotechbedrijf Yokuu ze juist toe. Deze middelen beloven een schoon toilet met extra gemak, want de bacteriën zouden zelfs tot een week na gebruik nog doorgaan met ‘poetsen’.
Het toevoegen van bacteriën aan een omgeving die we juist obsessief proberen te steriliseren klinkt contra-intuïtief, maar echt nieuwe technologie is het niet. Mathijs Mabesoone, groepsleider fysisch organische chemie aan de Radboud Universiteit in Nijmegen, wijst op een patent van Henkel uit 2010, producent van grote merken als Persil en Schwarzkopf. Ook wijst hij op probiotische producten van schoonmaakgigant Cif die sinds 2025 in delen van Europa op de markt zijn.
Joris Jansen, oprichter van probiotisch schoonmaakmerk Yokuu en biotechneut, heeft een heilig geloof in probiotische schoonmaakmiddelen als wapen tegen een industrie die ons natuurlijke microbioom ‘om zeep’ helpt. Jansen begon een campagne met een petitie en stuurde begin april een open brief aan de overheid en grote producenten om te stoppen met de misleidende marketingclaim ‘doodt 99,9 procent van de bacteriën’ bij dagelijks schoonmaken.
‘Die slogan is effectief omdat hij angst zaait’, legt Jansen uit. ‘Mensen denken dat die 99,9 procent alle slechte microben zijn, maar in werkelijkheid creëer je een biologisch vacuüm. De bacteriën die overleven zijn vaak de sterkste soort. Zonder concurrentie van goede bacteriën kunnen die zich razendsnel vermenigvuldigen.’
Beter Leven
In de rubriek Beter Leven beantwoorden we, samen met experts, praktische vragen op het terrein van onder meer gezondheid, geld en duurzaamheid. Nu gebundeld in een boek: Beter Leven: lifehacks volgens de wetenschap.
De gezondheidswinst door basale hygiëne, zoals riolering en het scheiden van keuken en toilet, staat buiten kijf volgens Remco Kort, microbioloog aan de VU en Artis-Micropia-hoogleraar. Toch slaan we tegenwoordig door in een ‘totale oorlog’ tegen micro-organismen. ‘In een echte leefomgeving bestaat steriliteit simpelweg niet’, stelt Kort.
Bovendien moeten we dit niet willen: ‘De mensheid leeft al sinds haar ontstaan samen met bacteriën; onze biologie is daarop ingesteld.’ Het merendeel van de microben is cruciaal voor onze gezondheid. ‘Hygiëne moet gaan over het gericht bestrijden van schadelijke uitzonderingen, niet over onze natuurlijke defensie wegpoetsen met antibacteriële zeep.’
De obsessie met hygiëne bereikte tijdens de coronapandemie een dieptepunt toen in Azië zelfs in de buitenlucht met antibacteriële middelen werd gesproeid. ‘Ironie ten top’, aldus Jansen, aangezien corona een virus is en geen bacterie. Ontsmettingsdrang is daarnaast niet zonder risico. Elk jaar zijn er in Nederland ongeveer zevenduizend ongelukken waarbij ‘bijtende’ huishoudelijke middelen zoals bleekmiddel, gootsteenontstopper en verfverdunner betrokken zijn.
De grootste kans voor deze technologie ligt in de zorg, ziet Kort. ‘Ziekenhuisinfecties zijn een enorm probleem, mede doordat schadelijke bacteriën steeds vaker ongevoelig zijn voor antibiotica.' Volgens Mabesoone komt dat deels door de huidige aanpak. Ziekenhuizen proberen alles te doden met agressieve chemische middelen, maar hierdoor overleven juist de sterkste bacteriën. Deze resistente ziekmakers verschuilen zich vaak in sporen: een winterslaapvorm die zelfs 70 procent ethanol overleeft.’
Door goede bacteriën in te zetten als ‘biologische hulptroepen’ ontstaat een natuurlijke bescherming via competitieve uitsluiting. ‘Deze gunstige microben bezetten de ruimte en consumeren de voeding die ziekmakers nodig hebben, waardoor schadelijke soorten geen kans krijgen om te groeien’, aldus Mabesoone.
Laura Cuijpers, student bij Kort aan de Vrije Universiteit Amsterdam, onderzocht dit principe voor haar afstudeerscriptie. Ze wijst op Italiaans onderzoek waarin het aantal infecties in ziekenhuizen met de helft daalde. Hoewel een Duitse studie minder uitgesproken resultaten liet zien wat betreft het aantal infecties, bevestigde dit onderzoek wel de voordelen voor de patiëntveiligheid en het milieu. Toch blijven Nederlandse ziekenhuizen terughoudend. Kort legt uit waar de twijfel zit: ‘Voor patiënten met een extreem lage weerstand kunnen zelfs goede bacteriën een risico vormen. Hoewel deze methode dodelijke infecties kan voorkomen, durven ziekenhuizen het risico bij de meest kwetsbare patiënten nog niet aan.’
Mabesoone legt uit dat probiotische schoonmaakmiddelen exact dezelfde overlevingstactiek gebruiken door eveneens met sporen te werken. Zodra deze worden geactiveerd door vocht en vuil, produceren ze enzymen die als microscopische schaartjes vetten en eiwitten opknippen.
Jansen: ‘Het voordeel is dat deze bacteriën langer op een oppervlak of in kleding blijven zitten en continu nieuwe enzymen blijven maken. Waar traditionele zeep stopt met werken zodra het oppervlak droogt, gaat de probiotische reiniger dagenlang door.’ Zo zouden ze ook kunnen afrekenen met de beruchte ‘permastank’ in sportkleding of muffe afvoerlucht. ‘De sporen ontwaken bij contact met vuil en breken de organische stoffen af die aan de basis liggen van hardnekkige geuren, in plaats van ze enkel te maskeren met parfum’, zegt Jansen.
Of we over tien jaar allemaal wc-bommen in onze potten gooien? Volgens Mabesoone zullen we in de komende jaren steeds vaker probioticaproducten tegenkomen, mogelijk verwerkt in standaardproducten zonder dat het er groot op staat, om de consument niet af te schrikken. Jansen: ‘Wij hebben onze marketingleuzen ook aangepast en praten liever over probiotica dan bacteriën. Mensen associëren bacteriën helaas nog steeds met ziekte in plaats van dat we ze als medestanders zien.’
Hoewel je met bacteriën niet direct een vlek wegpoetst, zit er volgens Kort een reële en nuttige werking in het biologisch afbreken van vet en vuil. Toch is zulke actieve tussenkomst voor een gezond binnenklimaat in een huishouden niet per se noodzakelijk, zegt Kort. ‘Door simpelweg goed te ventileren en natuurlijke bouwmaterialen te gebruiken ontstaat er al vanzelf een omgeving waarin nuttige bacteriën gedijen.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant