Stugge pensioenstelsels kannibaliseren in Europa de investeringen in haar toekomst. Ook in Nederland stapelen de negatieve gevolgen zich op. Volkskrant-lezers reageren.
In de krant van zaterdag 11 april stonden twee belangwekkende artikelen over AOW en pensioen. Maar het valt wel op dat de auteur van het artikel ‘Pensioenvraat’ de term ‘pensioen’ bij voortduring verwart met de term ‘AOW’; zie alleen al de titel van het artikel. Misschien heeft hij het artikel ‘Het alternatief voor het AOW-plan’ niet gelezen?
Want waar gaat het over? Het gaat erover dat de AOW voor de regeringen van meerdere Europese landen steeds meer onbetaalbaar wordt. En wat kunnen we daar (in en voor Nederland) aan doen? Frank Kalshoven beschrijft een logische eerste stap. Maar naar mijn idee zou ook een tweede stap veel, zo niet alles, daaraan kunnen bijdragen: het verlagen van de AOW-premie kost de overheid geld. Dat geld zou gevonden kunnen worden door iedereen, AOW-gerechtigd of niet, meer belasting te laten betalen over de eigen inkomsten, dus ook over de AOW.
Maar dan moet er wel voor gezorgd worden dat de mensen met een dikkere portemonnee meer gaan bijdragen aan de oplossing van dit probleem dan zij door de verlaging van de AOW-premie erbij krijgen. En dat kan heel simpel door of een hoger belastingpercentage in te stellen over de hoogste schijf en/of het bedrag waarbij deze hoogste schijf begint te verlagen.
Denivellerend? Jazeker. Tegen mijn eigen belang in? Ook dat! Maar zeg nu zelf: het is toch bizar dat ik nu, enkele jaren nadat ik AOW-gerechtigd ben geworden, maandelijks meer op mijn rekening gestort krijg dan enkele jaren voordat ik dat werd?
Dus mensen die nog niet AOW-gerechtigd zijn, krijgen een voordeel: de AOW-premie gaat voor hen omlaag. Alleen als je toch al in de hoogste schijf van de inkomstenbelasting valt, ga je inleveren doordat je meer inkomstenbelasting over de top van je salaris gaat betalen.
De mensen die al wel AOW-gerechtigd zijn gaan meer belasting betalen. Dit zou voor de mensen die alleen AOW hebben bijna geheel gecompenseerd moeten worden door een hogere AOW. Bijna geheel gecompenseerd dus, want het in stand houden van ons prachtige AOW stelsel, is het waard dat iedereen een bijdrage levert. Maar laat de sterkste schouders dan ook de zwaarste lasten dragen!
Tom Stoek, Delft
We zijn eraan gewend geraakt dat er in de media koppen verschijnen als ‘De Europese economie dreigt te bezwijken onder pensioenlasten’. Of: ‘Minder nieuwe baby’s geboren’, ‘Oudere mensen leven langer’. Zie hier de cocktail die voor hoofdpijn zorgt bij de beleidsmakers.
Een simpele oplossing is er natuurlijk niet. Maar er zijn een paar maatregelen te bedenken waardoor er een groep mensen langer gaat doorwerken.
Ten eerste zouden we moeten afstappen van de verplichte leeftijd om te stoppen met werken. Verander dat in een recht om te stoppen met werken. Handhaaf de huidige leeftijdsgrens: 67 jaar en 3 maanden. De werknemer moet kunnen doorwerken, als hij of zij dat wil. De meesten zullen stoppen maar er zijn beslist mensen die willen doorwerken.
Bied dan een palet aan keuzemogelijkheden: fulltime doorwerken of parttime (driekwart- of halve baan, of een luttel aantal uren). Natuurlijk moet én de werkgever én de werknemer akkoord zijn. Anders wordt het gewoon automatisch stoppen met werken.
De tweede maatregel kan eigenlijk maatschappijbreed, dus niet alleen geldend voor oudere werknemers: belast extra werken niet, of zo veel minder dat extra werken aantrekkelijker wordt. Als je twee banen hebt, wordt de ‘tweede’ baan vaak zo zwaar belast dat mensen er het voordeel niet van inzien.
Bovengenoemde maatregelen kunnen ook interessant zijn voor het bedrijfsleven; met het heenzenden van pensioengerechtigde werknemers gaat immers veel kostbare ervaring verloren. Doodzonde.
Te overwegen valt de tweede baan of bijbaan bij pensioen alleen te laten meebetalen aan de pensioenfondsen. Overige fiscale toeslagen zouden geheel of gedeeltelijk kunnen worden verwijderd. Dat moet dus zo afgestemd worden dat de werknemer voordeel heeft van extra doorwerken. Het heeft dan voordeel voor de werknemer én extra inkomsten voor de pensioenfondsen.
Als laatste mogelijkheid zou het mooi zijn als pensioengerechtigde medewerkers (gedeeltelijk) hun baan inruilen voor een andere functie die past bij hun (werk)ervaring en mentale en fysieke mogelijkheden. Maak het stoppen met werken minder lomp, diversifieer waar mogelijk. Uitgangspunt blijft de bestaande wettelijke pensioensleeftijd, met toevoeging van een vrije keuzemogelijkheid voor deze werknemers.
Het is zeker dat een groep werknemers in zo’n belonende constructie blijft werken. Mogelijkerwijs ontlast het ook enigszins het collectief opbrengen van pensioengelden. En de pensionado die (gedeeltelijk) doorwerkt heeft een extra centje. Voor de economie als geheel is het waarschijnlijk in ieder geval niet slecht.
Beleidsmakers, durf creatief te denken! En alle werknemers die willen stoppen op hun 67ste (en 3 maanden), laat ze lekker van hun pensioen genieten. Ze hebben lang genoeg gewerkt.
Guy Bangoura, Amsterdam
Een immense pensioenpot wordt te vuur en te zwaard verdedigd door de pensioengerechtigden, en de jongere generaties zullen krom gaan liggen om een beetje prettig te kunnen leven en de verzorgingsstaat overeind te houden.
Hoe was het ook alweer bedoeld? Met de AOW zou een oude dag zonder armoede voor iedereen mogelijk zijn. En met de verplichte pensioenopbouw voor werkenden zou die een appeltje voor de dorst opleveren zodat de oude dag zelfs niet karig zou hoeven te zijn.
Hoe zijn velen dan zo schathemeltjerijk geworden dat ze van gekkigheid niet weten waar ze naartoe op reis moeten, hoe groot de camper moet zijn en hoe ze vermogen kunnen overdragen voordat de fiscus er wel 10 procent of (boven de anderhalve ton) 20 procent van afhaalt?
Vijftigplus zegt steevast dat de mensen het zelf allemaal hebben verdiend met keihard werken en men er dus allemaal gewoon recht op heeft. Velen zullen best hard hebben gewerkt, maar we zijn rijk geworden door gas en de ellende van Groningers, het uitwonen van het milieu in Nederland en elders, het profiteren van gastarbeiders en lagelonenlanden en dat alles gaat door tot op de dag van vandaag.
Maar de wal is het schip aan het keren en de jongeren worden het kind van de rekening. Althans, dat deel van de jongere generaties die niet kunnen rekenen op forse erfenissen uit vermogen en overwaarde. Want er is geen enkele solidariteit tussen generaties. Die kan er alleen zijn als er een progressieve erfbelasting is. En dat zou alleszins redelijk zijn, want hoe rijker de mensen, hoe meer geluk die hebben gehad bij het profiteren van de Nederlandse welvaartstijging na de Tweede Wereldoorlog. Dat heeft weinig met hard werken te maken.
Er zijn zoveel mogelijkheden voor een eerlijker Nederland: progressieve vermogensbelasting en erfbelasting, pensioenen belasten als gewoon regulier inkomen of een paar procent erbij in de hoogste schalen van de inkomstenbelasting. En daar heeft niemand pijn van, zoals wel eens gezegd wordt. Van een progressief stelsel heeft nog nooit iemand honger gekregen. Het alternatief is bezuinigen en weer zullen met name de jongere generaties dat het hardst voelen. We zien nu al dat de meest kwetsbaren in een rijk land letterlijk hongerlijden.
Jan-Willem Meertens, Nieuwkoop
In het artikel over hoe pensioenen langzaam maar zeker Europa’s economie opvreten wordt erg eenzijdig naar de Europese pensioenstelsels gekeken. Het stelsel wordt selectief uit het stelsel van verzorgingsstaat en economie getrokken waardoor de context verdwijnt. In Nederland is pensioen uitgesteld salaris en wordt dit gespaard tijdens het werkende leven in loondienst. Daarom is de pot in verhouding tot andere Europese landen nog goed gevuld, maar volgens de OESO zeker alleen in Nederland.
Europa vergrijst en de economische groei (of gebrek daaraan) wordt in het artikel van Jonathan Witteman een op een gekoppeld. Ons stelsel van pensioensparen zou echter juist tot economische welvaart moeten leiden: Het geld wordt geïnvesteerd om te kunnen indexeren. Daarmee zou je ook nog eens met goed beleid de Europese economie kunnen stimuleren.
Overigens zou je de wenkbrauwen toch moeten fronsen bij de opmerking van de Spaanse hoogleraar economie en pensioenen over de Amerikaanse financiering van onze verzorgingsstaat. Ruim 10 procent van de immense Amerikaanse staatsschuld wordt vanuit Europese pensioenen gefinancierd. Zonder deze financiering zal Amerika waarschijnlijk geen fatsoenlijk leger op de been kunnen brengen.
De conclusie dat het onverstandig is voor politici om een greep uit de pensioenpot te willen doen, is juist. Het is politiek, maatschappelijk en economisch onverstandig. Dat zien zelfs de mensen die nog volop pensioensparen, zoals ikzelf,
Paul de Klaver, ’s-Hertogenbosch.
Het voor de huidige één of twee generaties gesignaleerde pensioenprobleem gaat uitdraaien op een vele malen groter probleem voor de daaropvolgende generaties.
Het basale gegeven daarin is de beoogde handhaving, zelfs oplopende, stand van overbevolking. De planeet kan dat bij de gewend geraakte stand van materiële welvaart nooit faciliteren. Nu al niet. Bovendien wordt de stand van materiële welvaart van een kleine minderheid van welvaartsvoortrekkende landen als norm genomen.
De grote meerderheid van welvaartsvolgende landen streeft naar hetzelfde. De beoogde materialiteit zou in culminerende mate uit de planeet getrokken moeten worden.
Het is puur onvervangbaar geofysiek verlies. Berichten over vervangende materie van elders hebben ons nog niet mogen bereiken. Verder wordt het vanaf de 19de eeuw verspreide financiële stelsel van onbetwijfelbare groei als norm genomen. Echter, met geld is van alles te regelen en ook weer te wijzigen. Als men wil, en in het uiterste geval als het moet. Dat moeten volgt later.
Han Snijders, Eindhoven
Jonathan Witteman schreef een goed artikel over ‘pensioenvraat’. Het aantal mensen in Nederland met dementie bedraagt nu 320 duizend. Over vijfentwintig jaar zal dat aantal zijn verdubbeld. De meesten hebben een pensioen. Een soepeler beleid met betrekking tot euthanasie kan dat aantal sterk verminderen.
Henk Rang, Almelo
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant