Dertig Navo-ambassadeurs bezoeken deze week Japan, dat opkomt als wapenproducent en inniger begint samen te werken met de Navo. Wat kan Europa van Japan leren? ‘Hun geopolitieke strategie loopt tien jaar voor op Europa.’
is buitenlandredacteur van de Volkskrant. Vlaskamp was 18 jaar correspondent in Beijing.
Wat er ook gebeurt in het Witte Huis, altijd blijven lachen, moet de Japanse premier Sanae Takaichi hebben gedacht toen ze vorige maand naar Washington vloog. En lachen deed ze. Op door het Witte Huis vrijgegeven beelden was duidelijk een giechelende Takaichi te zien naast Trump, die in de portrettengalerij van oud-presidenten zijn voorganger Joe Biden bespotte.
Slechts vijftig seconden bevroor haar glimlach toen Trump een voor Japanners uiterst ongemakkelijke grap maakte. ‘Japan weet als geen ander hoe je verrast. Waarom vertelden jullie ons niet over Pearl Harbor?’, pareerde Trump een vraag van een Japanse journalist die wilde weten waarom de Aziatische en Europese bondgenoten van de VS niet vooraf waren geïnformeerd over de aanval op Iran.
De Amerikaanse president doelde op de Japanse aanval op de Amerikaanse marinebasis Pearl Harbor in 1941, waardoor de VS betrokken raakten bij de Tweede Wereldoorlog. Die eindigde met Amerikaanse atoombommen op de Japanse steden Nagasaki en Hiroshima, nog altijd een pijnpunt in Japan. Vanaf dat moment maakten de VS militair de dienst uit in Japan.
Onder Trump zijn bondgenootschappen niet langer heilig: hij dreigt regelmatig uit de Navo te stappen. Deze militaire alliantie bestaat uit 32 landen uit Europa en Noord-Amerika, die een aanval op een van de lidstaten beschouwen als een aanval op allen. Dit zogenaamde Artikel 5 speelt geen rol in de bondgenootschappen die de VS in Azië met onder meer Japan hebben. Wel werken de Aziatische bondgenoten van de VS en de Navo samen in partnerschappen.
Nadat Trump eerst de Europeanen verweet hem niet te helpen in de Straat van Hormuz, veegde hij ook Japan als grootafnemer van Iraanse olie de mantel uit: hij had op bijstand van Tokio in de Straat van Hormuz gerekend. Toch blijft het Japans-Amerikaanse bondgenootschap intact en zijn er minder spanningen tussen Tokio en Washington dan binnen het trans-Atlantische bondgenootschap.
Vandaar dat deze week dertig ambassadeurs van de Noord-Atlantische Raad, het hoogste politieke orgaan van de Navo, in Tokio zijn. Het is weliswaar geen officieel Navo-initiatief, maar het bezoek is een mijlpaal voor Japan, zegt de Amerikaanse professor Dennis Wilder van de Georgetown Universiteit in Washington. Onder de regering-George W. Bush was hij verantwoordelijk voor het Amerikaanse Azië-beleid en is hierdoor gepokt en gemazeld in zowel Washington als Tokio.
‘Japan doet in stilte wat een bondgenoot moet doen, meer geld uitgeven aan defensie bijvoorbeeld, terwijl Europa telkens weer in paniek raakt omdat ze geen liefde uit het Witte Huis meer krijgen. De Europeanen gaan naar Tokio om daar te leren op een handigere manier met Trump om te gaan’, zegt Wilder.
In tegenstelling tot de Europeanen gedraagt Japan zich als de ondergeschikte partij in de relatie met de VS. Dat mag kruiperig overkomen, maar de Japanners hebben militair geen andere opties. Europa kan, als het alles op alles zet, zonder de Amerikanen zijn defensie op orde krijgen. Zonder de VS staat Japan echter moederziel alleen in een barre veiligheidssituatie.
De naaste buren van Japan zijn Rusland, Noord-Korea en China. Deze landen, allen met een fors kernwapenarsenaal, werken militair en economisch steeds inniger samen. Ze worden daarbij verbonden door een gedeelde afschuw van het Westen en diens Aziatische democratische partners.
Als vriend van de VS ligt Japan in de vuurlinie, niet in de laatste plaats omdat China en Noord-Korea, wegens de Japanse bezetting van deze landen tijdens de Tweede Wereldoorlog, nog een appeltje met Tokio hebben te schillen. Ook bemoeit Japan zich in de ogen van Beijing veel te veel met de kwestie-Taiwan.
Waar Europa ‘slechts’ met Russische dreiging te maken heeft, zit Japan met drie onvriendelijke, tot de tanden toe bewapende buurlanden. Bovendien is Japan kwetsbaar, omdat het land zichzelf na de Tweede Wereldoorlog wettelijk verbood om opnieuw oorlog te voeren.
De Japanse strijdkrachten, de zogeheten Japan Self-Defense Forces (JSDF), mogen slechts in actie komen als het voortbestaan van Japan op het spel staat. Door deze pacifistische koers is het Aziatische land afhankelijk van de bescherming van de Amerikaanse atoomparaplu en de ruim vijftigduizend Amerikaanse militairen die op zo’n 120 militaire bases in Japan zijn gelegerd.
Japan heeft geen plan B, ook niet nu de Amerikanen niet langer de voorspelbare, betrouwbare beschermheer van weleer zijn. Zelfs als Trump Tokio ‘een pistool tegen de slaap zet’ middels het eisen van miljardeninvesteringen in de Amerikaanse economie, kan Japan volgens professor Wilder niets anders doen dan over de brug komen. Japan doet er alles aan om een aantrekkelijke partner te blijven voor de VS. En dat gaat inmiddels in vliegende vaart.
De snelheid waarmee Japan zijn naoorlogs pacifisme op de helling zet, heeft alles te maken met de Russische inval in Oekraïne. Dat conflict heeft een politieke aardverschuiving veroorzaakt in Japan, dat nu de urgentie voelt om militair de boel snel op orde te krijgen. Onder het motto ‘Vandaag Oekraïne, morgen Oost-Azië’ heeft Japan een Europese oorlog verweven met zijn eigen veiligheidsproblemen.
Met 10,7 miljard dollar, voor onder meer het opruimen van mijnen, is Japan een van de grootste financiële donoren van Oekraïne. Het Aziatische land wil tevens meedoen met Navo-initiatieven om aankoop en levering van munitie en andere militaire steun voor Oekraïne te coördineren.
Ook zonder de Navo weten Tokio en Kyiv elkaar te vinden. Nu Noord-Korea, waarschijnlijk met Russische hulp, bouwt aan een vloot drones die met een bereik van 2.500 kilometer Japan kunnen treffen, ontwikkelen Japanse en Oekraïense dronebedrijven samen systemen om drones te onderscheppen. Zo wordt er op allerlei terreinen samengewerkt.
De schok over de Russische inval in Oekraïne vergrootte ook het draagvlak voor versterking van de eigen Japanse defensie. Met het oog op China en Noord-Korea heeft Japan onlangs de eerste lange afstandsraketten aan de westkust geplaatst. Deze week heeft premier Takaichi een herziening geagendeerd van de pacifistische grondwet, een zeer moeilijke politieke discussie, waar ze over een jaar mee wil beginnen.
Ook draait de Japanse defensie-industrie, waarin jaarlijks 60 miljard dollar omgaat, op volle toeren. Binnenkort worden wetten versoepeld die nu nog de export van dodelijke wapensystemen, zoals onderzeeërs, raketten en gevechtsvliegtuigen, aan banden leggen. Vreesden Japanse bedrijven zoals Mitsubishi Electric voorheen reputatieschade als ze ook voor militaire doeleinden zouden produceren, nu worden daar volgens persbureau Reuters zowel koelkasten als raketten gemaakt.
Japan was voor 95 procent afhankelijk van Amerikaanse wapenleveranties, maar maakt steeds meer zelf. Dit werkt als een magneet op Europese Navo-leden, die proberen minder afhankelijk te worden van de Amerikaanse defensie-industrie. De landen weten niet hoe lang ze nog op Trump kunnen rekenen. Ook worden Amerikaanse wapenfabrieken momenteel overvraagd door Trumps oorlog met Iran, waardoor bondgenoten van de VS lang moeten wachten op wapenleveranciers. Japan als nieuwe wapenleverancier is daarom van harte welkom.
Samenwerken bij de productie van wapens en het bijstaan van Oekraïne, blijkt prima te kunnen zonder Navo-lidmaatschap. De Japanners zijn niet uit op toetreding en de Navo loopt niet warm voor uitbreiding richting Azië. Frankrijk stak in 2023 zelfs een stokje voor een gepland Navo-verbindingskantoor in Tokio, om spanningen met China te voorkomen.
Een permanente diplomatieke missie bij de Navo, die Japan in januari 2025 in Brussel opende, is de culminatie van inspanningen van opeenvolgende Japanse regeringsleiders die hun land de afgelopen twintig jaar nader tot de Navo hebben gebracht. Dat begon rond 2007 met het Japanse concept Free and Open Indo-Pacific (Foip). Het idee daarachter is om internationale samenwerking, ook op militair gebied, op gang te brengen om belangrijke Aziatische handelsroutes te beschermen.
Foip is een succesvolle Japanse strategie waarmee Tokio allerlei partners binnen en buiten Azië aan zich weet te binden. In Foip-verband gaan er bijvoorbeeld regelmatig Nederlandse fregatten naar Japan, en onlangs zelfs gevechtsvliegtuigen.
Nog belangrijker voor Japan is de geïntensiveerde samenwerking met Zuidoost-Aziatische landen die zoeken naar tegenwicht voor de Chinese dominantie. Zo stonden deze week voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog weer Japanse gevechtstroepen op Filipijnse bodem. Ditmaal niet met het geweld dat gepaard gaat met een bezetting: de Japanners kwamen voor gezamenlijke militaire oefeningen.
Deze exercitie vindt plaats onder Amerikaanse regie. Dit ter geruststelling van Trumps Aziatische bondgenoten, om hen ervan te vergewissen dat Azië niet wordt vergeten, ondanks alle afleiding in het Midden-Oosten.
Japan blijft zijn uiterste best doen om de wispelturige Trump binnenboord te houden, want zelfs in het ijltempo waarmee het Japanse leger wordt opgetuigd heeft Tokio naar verwachting nog vijftien jaar nodig om militair op eigen benen te staan.
Zelfs dan redt Japan het zonder de VS nooit tegen Rusland, Noord-Korea en China, zegt Japan-kenner Casper Wits van de Universiteit Leiden. ‘Tokio zoekt daarom samenwerking met veiligheidspartners binnen en buiten Azië om een betere bondgenoot voor Washington te worden. Japan heeft al heel slim de VS, de Navo en Zuidoost-Aziatische landen samengebracht in de Indo-Pacific. Hun geopolitieke strategie loopt tien jaar voor op Europa.’
Japan, een keten van eilanden die een natuurlijke barrière vormt tegen een oprukkend China, is militair belangrijker voor de VS dan Europa. Wits voorspelt dan ook dat Europese Navo-lidstaten in de toekomst zullen aankloppen bij Japan. ‘Tokio kan hen helpen om de Europese relaties met Washington in goede banen te leiden.’
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant