Nadat Nijmegen vorige maand een pilot met hospitaverhuur aankondigde, begint ook Almere met een proef die 100 kamers moet opleveren. Hospitaverhuur is onbekend en dat maakt volgens de gemeenten onbemind. Ook landelijk worden de regels versoepeld.
Hospitaverhuur was toch vooral iets van na de Tweede Wereldoorlog?
Door de woningcrisis na de Tweede Wereldoorlog piekte de hospitaverhuur toendertijd. Maar ook door het huidige woningtekort kan het voor een behoorlijke groep studenten, pas gescheiden mensen, expats en jonge werkenden een uitkomst zijn. Al is het geen eenvoudige woonvorm.
Bij hospitaverhuur stelt de hospita als hoofdbewoner een of meer kamers in de eigen koop- of huurwoning ter beschikking. Een onderhuurder moet toegang hebben tot de keuken, badkamer en toilet. Grote kans dus dat je elkaar vaak tegenkomt. Iets wat een gezellige gedachte is voor de een, en de kriebels geeft aan de ander.
Wat kan er nu al in sommige gemeenten zoals in Almere?
Almere staat voortaan hospitaverhuur toe zonder vergunningplicht. Wel moet de verhuurder van de kamer(s) zelf ook in de woning wonen en minimaal de helft van de woning zelf gebruiken. Wie een huurwoning heeft, moet eerst toestemming vragen aan de woningcorporatie. Vaak geldt daarnaast een maximumbedrag voor de huur.
Er komt begeleiding voor verhuurders en huurders. Met de pilot wil Almere hospitaverhuur actief onder de aandacht brengen en makkelijker maken voor inwoners. Ook voor sociale huurders is het vaak toegestaan om een kamer te verhuren.
Naar schatting telt Nederland zo’n 30 duizend hospitaverhuurders. Exacte cijfers worden niet bijgehouden. Van oudsher zijn dit vaak alleenstaande senioren en oudere stellen. Deze empty nesters hebben vaak kamers over omdat de kinderen het huis uit zijn. Maar door gestegen kosten en betrokkenheid bij de wooncrisis haken ook steeds meer jongere hospita’s aan.
Volgens een inventarisatie van het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO) overweegt 8 procent van de Nederlanders om hospita te worden als de regels soepeler zouden zijn. De extra inkomsten en het sociale aspect zijn veelgenoemde redenen.
In potentie zijn volgens het ministerie nog zo’n 100 duizend kamers in zowel koop- als huurwoningen geschikt voor hospitaverhuur. Woningcorporatie Portaal zegt 10 duizend geschikte woningen in beheer te hebben, waarvan er 205 aangemerkt zijn als ‘direct kansrijk’. Almere hoopt zo in twee jaar tijd honderd extra woonplekken te krijgen.
Is dat een realistische verwachting?
Proeven laten tot nu toe wisselende resultaten zien. Rotterdam wist in vier jaar honderd hospitakamers verhuurd te krijgen. In steden als Amsterdam en Purmerend loopt het aantal achter op de verwachting. De Amsterdamse Federatie van Woningcorporaties denkt dat veel hoofdhuurders niet weten dat het is toegestaan. Daarnaast worstelen eigenaren van een koopwoning met strenge regels rond hun hypotheek.
Een koophuis met een zittende huurder levert doorgaans aanzienlijk minder op bij verkoop en vormt zo een financieel risico voor geldschieters. Banken staan onderhuur dus vaak niet toe. Het is de vraag hoeveel woningeigenaren na toestemming wel een kamer zullen verhuren. Ook kunnen inkomsten voor mensen met een bijstandsuitkering wel invloed hebben.
Inkomsten uit onderhuur hebben geen gevolgen voor de huursubsidie, zorgtoeslag of uitkeringen zoals de WW, benadrukt Daan Donkers. Hij richtte in 2019 het hospitaplatform Hospi Housing op, waar woningcorporaties zoals Portaal en nu ook Almere mee samenwerken. ‘Ook kregen hoofdhuurders aan de servicebalie van hun woningcorporatie veelal te horen dat onderhuur niet mocht’, zegt Donkers. ‘Terwijl het beleid dit al jaren toestaat.’
Wat gaat er mogelijk veranderen in de landelijke wetgeving?
Voor woningeigenaren is er een vrijstelling tot 6.633 euro op huurinkomsten, maar vaak geven hypotheekverstrekkers geen toestemming voor onderhuur. Eigenaren kunnen bij verkoop van de woning een hospitacontract niet opzeggen. Er is een wetswijziging in voorbereiding die dit wel mogelijk maakt.
Hierdoor zouden hypotheekverstrekkers geen reden meer hebben om hospitaverhuur te verbieden. Overigens blijft ‘koop breekt geen huur’, zoals deze huurbescherming heet, nog wel gelden voor reguliere huurcontracten.
De Raad van State waarschuwt wel voor al te veel optimisme. Uit onderzoek blijkt dat veruit de grootste bezwaren van potentiële hospita’s vooral gaan over het verlies van privacy, het hebben van een onbekende in de woning en zorgen over veiligheid. Dat neemt een wetswijziging volgens de Raad van State ‘begrijpelijkerwijs’ niet weg.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant