Van eiersorteermachines tot vliegtuigonderdelen: in een loods in Borculo worden machines van de Nederlandse maakindustrie verpakt voor transport over de hele wereld. ‘Elke machine is uniek’, zegt eigenaar Peter Rikken. ‘Dus elke verpakking ook.’
De weg van Nederland naar de rest van de wereld loopt via de Achterhoek. Daar, in een grote hal in Borculo, waar het ruikt naar zaagsel en klinkt naar getimmer, worden houten kisten opgestapeld met verreikende opschriften. Een militaire basis in het Midden-Oosten. Advanced Poultry in Albertville, Alabama. Een Airbus-fabriek in Wales. Hier, op een industrieterrein aan het riviertje de Berkel, wordt de export van de Nederlandse maakindustrie verpakt.
Eigenaar Peter Rikken (57) ziet het als een levensteken van de Nederlandse high-tech bedrijvigheid. In de ene loods staan, omhuld door doorzichtig blauw folie, eiersorteermachines van Vencomatic. Verderop kisten voor de apparatuur van ASML. De vracht voor het Midden-Oosten is afkomstig van Fokker in Hoogeveen. Buiten op het terrein tekent een contour van schuim het profiel van een stuk vliegtuigvleugel, made in Papendrecht.
De Onderneming
In deze wekelijkse rubriek vertellen ondernemers over hun bedrijf. Vandaag: Koninklijke Meilink in Borculo, opgericht in 1874, met 500 werknemers en een omzet van 120 miljoen euro in 2025.
‘Nederland heeft echt nog steeds een prominente maakindustrie’, zegt Rikken. ‘Ik zie het hier allemaal voorbij komen. En heel innovatief. Dat moet ook wel, anders kan het niet uit, met onze relatief hoge loonkosten.’
Zijn bedrijf zorgt ervoor dat die machines ongeschonden en op tijd bij de klant terechtkomen. ‘Elke machine is uniek’, zegt Rikken. ‘Dus elke verpakking is uniek. Daar bedenken we oplossingen voor. Het is nooit routine, maar we gebruiken wel onze ervaring.’ In een database staan alle varianten die ze ooit hebben bedacht. ‘We hoeven nooit het wiel opnieuw uit te vinden.’
Het bedrijf werd in 1874 door Derk Meilink plus zoon en schoonzoon opgericht als stoomzagerij. De mannen zaagden de eiken van de landgoederen uit de omgeving tot planken voor de plaatselijke timmerlieden. Toen kleinzoon Meilink in 1945 bij een ongeluk omkwam, ging het bedrijf over in handen van Frits Braam.
Op een grote zwartwit-foto in de kantine zie je de nieuwe eigenaar, ergens in de jaren na de oorlog, met vijftien man een kist op een vrachtwagen laden – vijftien paar armen tillen de kist, Braam duwt met een lange plank tegen de bovenkant om hem te laten kantelen. ‘Hij had bedacht dat hij ander, goedkoper vurenhout ook zelf kon verwerken als verpakkingsmateriaal’, zegt Rikken. ‘Met bedrijven als Stork en Holland Signaal hier in de buurt had hij al snel een paar grote klanten.’
In 1988 stapte Rikkens vader in het bedrijf. Die was al op jonge leeftijd gaan werken, had een ondernemende geest en was met zijn palletfabriek in Halfweg een toeleverancier van Meilink. ‘Hij kreeg een enorme lening van ABN Amro’, zegt Rikken. ‘Ik denk niet dat de bank dat nu nog zou doen.’
Het gecertificeerde hout van de kisten komt tegenwoordig uit Scandinavië. De balken en planken worden in grote geprogrammeerde machines op maat gezaagd. Daarvan wordt een onderstel getimmerd en een kist, die wordt gevuld met materiaal en slimmigheden om de lading zeevast te zetten: balken, stuwzakken, straps. De machine wordt eerst in folie verpakt om hem tegen corrosie te beschermen. ‘Bij een evenaarpassage zeikt het condenswater ervan af’, zegt Rikken. Het geheel gaat in zeecontainers, en dan op pad.
In een van de hallen is bij de laadkuil voor vrachtwagens een groot bord te zien waarop staat hoeveel containers ze dit jaar al hebben geladen, en de eindstand van de afgelopen twintig jaar. Vorig jaar was een record: 679 stuks. ‘En dat is alleen deze vestiging’, zegt Rikken. ‘In totaal zitten we in de groep wel op ruim tweeduizend.’
Ook doen ze regelmatig klussen bij de klant, er komt net een busje aanrijden met mannen die ergens op locatie iets hebben ingepakt. ‘Wij willen onze klanten volledig ontzorgen’, zegt Rikken. ‘We doen ook vaak verzekering en douaneformaliteiten. We zorgen ervoor dat het ding aankomt.’
Een succesvol bedrijf? ‘Per saldo betekent dat dat er meer gelukt is dan er mislukt is.’
Een van de innovaties van vader Rikken was om ook dozen van karton te maken: een stuk lichter en handig als er veel van hetzelfde moet worden verzonden. Grote machines snijden uit dik twee- of drielaags karton de patronen waar de spullen precies in passen. Met deze toepassing stond Meilink dit najaar op de grote defensiebeurs in Ahoy. Op deze manier worden onder meer drones naar Oekraïne verstuurd.
Intussen hapt een grote grijper stukken muur en dak uit een woonhuis dat midden tussen de loodsen staat. Een restant uit een vorige oorlog, zegt Rikken: tijdens de Koude Oorlog was er continu bewaking nodig van het terrein, en dat besloot Meilink op te lossen door een paar werknemers te huisvesten. Nu zijn er bewakingscamera’s en worden de huizen gesloopt. ‘Er zijn weinig mensen die zo op hun werk willen wonen’, zegt Rikken.
Een andere grote verandering is dat het Meilink, dat de afgelopen decennia door overnames fors is gegroeid en inmiddels negen vestigingen heeft, gaat krimpen. De semiconafdeling, met vier vestigingen rond Eindhoven die onder meer de ASML-machines verpakken en versturen, wordt overgenomen door een grotere branchegenoot, HQPack. ‘We waren te klein voor het tafellaken’, zegt Rikken. ‘We hadden niet de schaal en internationale aanwezigheid die ASML graag ziet.’
Dus gaat Meilink ‘een nieuwe fase’ in, zegt Rikken. ‘Als je kijkt naar bedrijven die langer bestaan dan zie je af en toe een grote wending. Dit is er zo eentje. Een andere was de aanstelling van een externe algemeen directeur, Dennis Groesbeek, een aantal jaren geleden. Vanwege persoonlijke redenen en Dennis is ook evident gewoon beter in een aantal zaken. We vullen elkaar goed aan.’
Daarbij is het belangrijkste criterium: neem geen beslissingen die, als het mis gaat, het hele bedrijf kunnen meeslepen.
Het betekent dat Meilink teruggaat van negen naar vijf vestigingen, en van 500 naar 300 werknemers. Maar een deel van de opbrengst gaat terug het bedrijf in, en dus is er cash om overnames te doen. ‘We hebben wel kandidaten op het oog. Maar dat moet wel uitkomen. De andere partij moet er ook net zin in hebben.’
Intussen is Meilink nog steeds een familiebedrijf. Rikkens zus is minderheidaandeelhouder, zijn vrouw Frederiek zit in de directie en ze hebben samen drie kinderen, twintigers, die mogelijk het bedrijf in gaan. Hij heeft het een en ander vastgelegd in een familiestatuut, waarin onder meer is opgenomen dat de kinderen alleen aandelen mogen bezitten als ze ook werken in het bedrijf, en wat voor opleiding ze daarvoor moeten hebben. Zo’n statuut met afspraken kan hij elk familiebedrijf aanraden – dat kun je nooit te vroeg doen, alleen te laat. ‘Dan weet iedereen waar ie aan toe is. Wat je niet wil, is gedoe in de familie.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant