Zaterdag wordt Milaan-San Remo verreden, de eerste grote klassieker van het wielerseizoen. Het is een van de weinige koersen die Tadej Pogačar nog nooit heeft gewonnen, en ook Mathieu van der Poel staat aan de start. Beiden zijn in bloedvorm, dus de pure sprinters weten genoeg. De aanval komt vroeg, dit wordt niet hun jaar.
schrijft voor de Volkskrant over wielrennen en Formule 1.
Milaan-San Remo stond altijd bekend als het monument – een eendagswedstrijd die al meer dan honderd jaar bestaat – dat je als elk type renner zou kunnen winnen. Aanvallers sloegen toe op de Poggio, zoals Vincenzo Nibali met een solo op de klim, of Matej Mohorič, die zijn aanval juist in de afdaling plaatste. Pure sprinters zoals Mark Cavendish konden in San Remo winnen wanneer de koers na een kleine 300 kilometer eindigde in een massasprint.
Maar nu Mathieu van der Poel (31) en Tadej Pogačar (27) de laatste jaren hun zinnen op La Primavera hebben gezet, blijven er voor die laatste groep bijzonder weinig kansen over. Zo weinig dat het gros van de sprinters niet eens naar Italië is afgereisd voor de langste koers op de kalender.
‘Ik moet realistisch blijven: met hen aan de start maak ik geen schijn van kans’, zei Arnaud De Lie in gesprek met de Vlaamse krant Het Laatste Nieuws. De sprinter van Lotto-Intermarché besloot voor het derde jaar op rij niet aan de start te verschijnen. ‘Tenzij Pogačar en Van der Poel zich vijf dagen vooraf ziek melden.’
Vanwege het relatief vlakke parcours, vergeleken met de vier andere monumenten (de Ronde van Vlaanderen, Parijs-Roubaix, Luik-Bastenaken-Luik en de Ronde van Lombardije), bood Milaan-San Remo altijd de grootste kansen voor de sprinters. Na Cavendish in 2009, triomfeerden onder anderen Alexander Kristoff in 2014 en Arnaud Démare in 2016. De overwinning in een wielermonument is een prestatie die direct je carrière kan maken.
Maar tot een massasprint zal het deze zaterdagmiddag in Italië niet komen. In 2023 en 2024 zette Pogačar op de Poggio de aanval in, vorig jaar op de Cipressa, nog een klim eerder. De laatste jaren rijdt de wereldkampioen de slotklimmen zo hard omhoog dat de pure sprinters al meteen moeten afhaken. Niet dat klimmers en puncheurs wel tot de top het wiel kunnen houden.
‘Ze rijden de Cipressa een minuut sneller op dan de rest’, zei De Lie. ‘Milaan-San Remo is voor mij een verloren dag.’
Vorig jaar konden alleen Van der Poel en Filippo Ganna met Pogačar mee. Met z’n drieën zouden ze de Via Roma opkomen, en in een sprint zou Van der Poel de snelste zijn, en zijn tweede overwinning binnenhalen.
Alles wijst erop dat het deze editie weer op de Cipressa gaat gebeuren. Op Parijs-Roubaix na is Milaan-San Remo de enige grote koers die Pogačar nog niet heeft gewonnen. Sinds zijn eerste deelname in 2019, toen hij twaalfde werd, is hij telkens dichtbij geweest: vier keer top vijf, maar nog nooit op de hoogste trede. En dus gaat UAE Team Emirates dit jaar opnieuw met de wereldkampioen voor de zege.
Vorig jaar beklommen Pogačar en Van der Poel de Cipressa voor het eerst onder de 9 minuten. De kans is groot dat het deze editie nog harder zal gaan, omdat de Sloveen niet alleen alle sprinters, maar ook Van der Poel op die klim wil lossen. En dat terwijl de twee misschien wel in hun allerbeste vorm ooit verkeren.
Tijdens een trainingsrit begin deze maand lieten Strava-gegevens zien dat Pogačar zijn persoonlijke record op de Cipressa met 6 seconden verbeterde. Deze keer zou de wereldkampioen er 8 minuten en 51 seconden over hebben gedaan. Dat komt neer op een bizar hoge gemiddelde snelheid van 37,8 kilometer per uur, op een klim van 5,6 kilometer met een stijgingspercentage van 4,2 procent.
Alleen al het vooruitzicht van een aanval van Pogačar op de Cipressa beïnvloedt hoe andere ploegen hun selectie en tactiek bepalen. Op de startlijst van 2026 is Jasper Philipsen de grootste sprintnaam. De Belg is de ploeggenoot van Van der Poel en weet dat het team in de eerste plaats voor de Nederlander zal gaan rijden.
Ook sprinters Rick Pluimers (Tudor Pro Cycling), Tobias Lund Andresen (Decathlon) en Paul Magnier (Soudal Quick-Step) zijn nog op de lijst te vinden. Maar ook zij maken zich geen illusies. De ploegleider van Magnier liet al weten dat de Fransman vooral start met het idee ervaring op te doen, nu ook zij zien dat Milaan-San Remo deze jaren geen sprinterskoers meer is.
Je zou het een selffulfilling prophecy kunnen noemen. Omdat sprinters denken dat ze op de Cipressa niet kunnen volgen en geen kans maken op de overwinning, blijven ze op voorhand thuis. Daarmee zijn er dus ook te weinig teams om samen te werken om het tot een massasprint te kunnen laten komen. En dus zal er geen massasprint komen, en zal er geen sprinter winnen.
Onmogelijk is het niet. Philipsen deed het twee jaar geleden nog. Maar toch kijken de meeste sprinters nu al naar de toekomst. De Lie: ‘Ooit zal het er misschien nog eens van komen, maar alles op zijn tijd.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant