Home

Hoelang kan Trump de economische realiteit nog blijven ontkennen, terwijl Amerikaanse burgers de pijn voelen?

Stijgende kosten van het dagelijks leven zijn een tikkende bom voor Donald Trump. Zo bezuinigt een op de drie Amerikanen op alledaagse uitgaven om zorgkosten te dekken. De Democraten reppen op weg naar de midterms over een betaalbaarheidscrisis.

is buitenlandredacteur van de Volkskrant en schrijft over Noord-Amerika, het Caribisch gebied en Suriname.

Wie Donald Trump hoort spreken bij de eerste campagnebijeenkomsten op weg naar de tussentijdse verkiezingen van dit najaar, zou kunnen denken dat de Verenigde Staten economische gloriedagen beleven. ‘Lagere prijzen, hogere salarissen’, schreeuwden levensgrote kapitalen op een spandoek dat Trumps campagneteam had opgehangen in een pakhuis in Kentucky, waar de president vorige week sprak. Oorlogen en handelsoorlogen kwamen in Trumps verhaal niet aan bod, hoge benzineprijzen evenmin.

Wel vertelde de president over de volgens hem ‘gekelderde inflatie’, gestegen inkomens en toegenomen werkgelegenheid. En hij beweerde dat medicijnen momenteel nergens ter wereld goedkoper zijn dan in de VS.

Dat de inflatie in de VS sinds begin dit jaar licht is gedaald, klopt wel. Maar verder was Trumps verhaal volledig losgezongen van de realiteit waarin de meeste Amerikanen leven. Zo betalen Amerikanen bij de apotheek gemiddeld meer dan twee keer zoveel als de meeste inwoners van landen met ontwikkelde economieën.

De vraag is hoelang de president de economische zorgen van de Amerikaanse burgers kan blijven ontkennen, zeker in het licht van naderende midterms van het najaar. Juist in de week dat ook in de VS de benzineprijzen met gemiddeld 80 dollarcent per liter omhoogschoten als gevolg van de Amerikaans-Israëlische oorlog tegen Iran, verscheen een groot onderzoek waaruit blijkt dat een op de drie Amerikanen – dus zo’n 80 miljoen mensen – moet bezuinigen op alledaagse uitgaven om de kosten van hun zorgverzekering te kunnen betalen.

Maaltijden overslaan

Deze mensen gaan korter op vakantie, rijden minder auto, doen goedkoper boodschappen en stellen grote investeringen zoals een verbouwing uit. Van de 20 duizend Amerikanen die werden ondervraagd door enquêtebureau Gallup, zei 15 procent een lening te hebben genomen om medische rekeningen te kunnen betalen en gaf 10 procent aan noodgedwongen maaltijden over te slaan. De groep respondenten was representatief voor de Amerikaanse bevolking, waarvan ruim 90 procent een zorgverzekering heeft en een kleine 10 procent onverzekerd is. Mensen uit die laatste groep hebben soms niet eens geld voor steunzolen of astmamedicatie, om van onderzoeken of operaties te zwijgen.

Waarschijnlijk ligt het aantal mensen in de knel in werkelijkheid inmiddels nog hoger, want de bevragingen door Gallup vonden vorige zomer plaats – voordat Trumps regering in december een aantal subsidies in het kader van de onder Barack Obama ingevoerde Affordable Care Act afschafte. Als gevolg daarvan zullen de zorgkosten voor zo’n 20 miljoen Amerikanen met lage inkomens dit jaar verdubbelen. Op de wat langere termijn, na de tussentijdse verkiezingen, zal de federale overheid drastisch verder bezuinigen op de zorg voor de economische onderklasse, zoals vorig jaar werd besloten in Trumps begrotingspakket ‘One Big Beautiful Bill’.

De dure zorg is een belangrijk onderdeel van wat in de VS de affordability crisis wordt genoemd, de ‘betaalbaarheidscrisis.’ Het afgelopen najaar door de Democraten succesvol gemunte paraplubegrip verwijst naar de gestegen woonlasten, energieprijzen, de kassabon in de supermarkt, zorgkosten en sinds kort ook de prijzen aan de benzinepomp.

Joe Biden

Het is te kort door de bocht om te stellen dat Trumps regering die crisis heeft veroorzaakt. Na de hoge inflatie tijdens de pandemie zijn de consumentenprijzen om allerlei redenen altijd boven het niveau van 2019 gebleven. Voormalig president Joe Biden raakte twee jaar geleden hopeloos verstrikt in de communicatie over de op macroniveau aantrekkende economie en de tegelijkertijd onverminderd hoge prijzen in de supermarkt.

Trump won de verkiezingen in 2024 mede door zijn belofte om het leven weer ‘betaalbaar te maken voor gewone Amerikanen’ (onder meer door de inmiddels gebroken belofte geen buitenlandse oorlogen meer te beginnen). Maar door de maatregelen die hij in het eerste jaar van zijn presidentschap nam, lijkt de economische situatie van vooral Amerikanen met lage inkomens verder te verslechteren.

Hun koopkracht daalde licht, onder meer doordat de prijzen in de supermarkt ruim 3 procent stegen ten opzichte het jaar ervoor en de energieprijzen met 6 procent. De Democratische minderheid in de Senaat berekende onlangs, op basis van data van het ministerie van Financiën, dat een gemiddeld Amerikaans gezin er vorig jaar 1.700 dollar op achteruitgegaan is door Trumps importheffingen.

In een peiling in opdracht van de Britse krant The Guardian geeft 72 procent van de ondervraagden aan dat de importheffingen die Trump oplegt aan verre en nabije buitenlanden nadelig zijn gebleken voor hun persoonlijke financiën. Ook een meerderheid van de Republikeinse ondervraagden ondervindt dit, al vermoedt een deel van hen dat Trumps ingrepen op de lange termijn in hun voordeel zullen werken.

It’s the economy, stupid

Peiling na peiling blijkt nu dat een van de bekendste uitspraken uit het huis-tuin-en-keukenjargon van de Amerikaanse politiek, ‘it’s the economy, stupid’ (in 1992 gezegd door strateeg James Carville in reactie op de overwinning van Bill Clinton op George Bush senior) ook opgaat in aanloop naar de midterms. De meerderheid van de Amerikanen noemt de affordability crisis, en daarmee dus de gevreesde verslechtering van hun levensstandaard, als hun grootste zorg.

Maar de afgelopen jaren hebben geleerd dat de ideologische kern van Trumps achterban de president niet noodzakelijkerwijs afrekent op politieke resultaten. Het lijkt er daarom op dat de aanloop naar de midterms een wedloop wordt tussen twee narratieven: dat van de affordability crisis, tegenover het winnaarsverhaal van Trump.

‘De economie herstelt zich krachtig!’, riep de president op campagne in Kentucky. Een voorlichter van Trump gaf vorige week op X wel toe dat de oorlog in Iran tot ‘kortetermijnverstoringen’ in dat herstel leidt. Maar als dat voorbij is, verzekerde hij, wacht de Amerikanen volgens hem ‘nog grotere vooruitgang’.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Lees hier alle artikelen over dit thema

Source: Volkskrant

Previous

Next