De politiemedewerker van Iraanse afkomst die donderdagochtend werd neergeschoten in Schoonhoven, is volgens bekenden een ‘lieve, zachte man’. Een buurvrouw vond hem na de aanslag. ‘Hij zei dat er iemand boos op hem was.’
Een harde doffe knal, gevolgd door dertig seconden gekerm van een man die duidelijk vergaat van de pijn. Een rode kater schiet verschrikt op uit zijn slaap. Een deurbelcamera aan de Leeghwaterstraat in Schoonhoven heeft het schietincident donderdagochtend om exact 6.55.56 uur hoorbaar vastgelegd. Een kleine zwarte auto, een Toyota Yaris met geblindeerde ruiten, rijdt 40 seconden later weg. Een vrouw rent naar buiten en treft haar buurman aan, vertelt ze. Het bloed gutst uit zijn zij. Van de dader ontbreekt op dat moment elk spoor.
Het slachtoffer is een 36-jarige man van Iraanse afkomst en medewerker van de ICT-afdeling van de politie. Hij ligt sindsdien zwaargewond in het ziekenhuis. Volgens de buren woont de man met zijn vrouw en dochter ongeveer zes jaar in Nederland.
De politie noemt het een ‘grote klap’. ‘In de eerste plaats voor zijn familie en naasten. Maar ook voor zijn directe collega’s van de ICT-organisatie van het Politiedienstencentrum en uiteindelijk voor alle politiemedewerkers.’
Het duurt donderdag niet lang of ook het Team Statelijke Inmenging van de politie wordt geïnformeerd. Er is namelijk reden om te vermoeden dat dit geen familieruzie of afrekening in het criminele circuit is. ‘Het feit dat hij Iraans is en zich uitsprak tegen het regime, is iets wat we serieus moeten nemen’, zei minister David van Weel van Justitie en Veiligheid vrijdag voor de ministerraad.
Zijn socialemediaprofielen laten zien dat hij een uitgesproken tegenstander is van het Iraanse regime. De ICT’er heeft tienduizenden volgers op Instagram en is beheerder van een Telegram-kanaal, waarin hij zijn steun uitspreekt voor de Amerikaanse en Israëlische bombardementen op Iran. In de Iraanse gemeenschap in Nederland lijkt hij relatief onbekend.
Op zijn Telegram-kanaal, waar hij zichzelf ‘atheïst’ en een ‘religieuze vluchteling’ noemt, stelde hij servercapaciteit ter beschikking aan Iraniërs die daar in eigen land moeilijk toegang toe hebben door blokkades van het regime. Ook is hij op Telegram betrokken bij een besloten protestgroep van de stad Kerman in Iran.
‘Hoor je de jammerkreten van de moeder, Khamenei? Weet dan dat je dichter bij je dood bent gekomen’, schreef hij in januari op Instagram. Eind februari, op de ochtend van de Israëlisch-Amerikaanse aanvallen op Iran, citeerde hij de voormalige Iraanse kroonprins Reza Pahlavi die zijn landgenoten opriep om in actie te komen. ‘Wij, de natie van Iran, zullen de klus afmaken in deze laatste strijd. Het wordt tijd om weer de straat op te gaan.’
De buurvrouw in het hofje in Schoonhoven die eerste hulp aan de man verleende (ze wil niet met haar naam in de krant: ‘Ik wil niet beroemd worden’), vroeg hem wat er was gebeurd terwijl ze probeerde het bloeden te stoppen. ‘Hij zei dat er iemand boos op hem was.’ Of het een bekende van hem was? ‘Daar heeft hij niks over gezegd.’
In het plaatsje gingen meteen geruchten rond dat het een afrekening zou zijn in het criminele circuit, dat het met drugs te maken zou hebben. Dat is allemaal onzin, zegt de buurvrouw. ‘Daar heeft het niks mee te maken.’
Hij is een voorbeeld voor andere vluchtelingen, vertelt Wilbert van Straaten, een medewerker van de stichting die hem in de gemeente Krimpenerwaard hielp met integreren. ‘Hij is gemotiveerd, komt altijd op tijd en wil echt wat opbouwen hier’, zegt hij. ‘Hij is een hele zachte, lieve man, die écht wil integreren. Hij gaf jeugdtraining bij de voetbalclub.’
In Iran had de man een ICT-opleiding gevolgd. En dus regelde Van Straaten een stage voor hem bij een ICT-bedrijf. ‘Hij pakte dat meteen goed op en leerde de taal. Uiteindelijk heeft hij zelf een baan bij de politie geregeld. Een heleboel jongens gaan gewoon pakketjes rondbrengen.’
De laatste tijd hadden ze nog contact. ‘Hij hielp ons in het buurthuis als vrijwilliger bij ontmoetingsgroepen, avonden voor mannen die wilden integreren. Hij kon anderen echt inspireren.’
Van Straaten weet niet waarom de man naar Nederland was gekomen. ‘Daar vraag ik nooit naar, omdat dat vaak nogal gevoelig ligt.’ Dat hij een fel tegenstander was van het Iraanse regime en dat online ook volop uitte, is nieuw voor hem.
Het is niet voor het eerst dat een Iraanse vluchteling in Nederland wordt neergeschoten. In 2015 en 2017 werden twee Iraniërs vermoord in Almere en Den Haag. In de zomer van 2024 overleefde de Iraanse activist Siamak Tahmasbi een liquidatiepoging in zijn woning in Haarlem. Meerdere verdachten werden aangehouden. In alle drie gevallen vermoedde inlichtingendienst AIVD dat Iran achter de aanslagen zat.
De AIVD schreef vorig jaar in het jaarverslag dat die laatste liquidatiepoging past in ‘de werkwijze die Iran al jarenlang toepast: het gebruiken van criminele netwerken in Europa om veronderstelde tegenstanders van het regime het zwijgen op te leggen.’
Op beelden van een beveiligingscamera van een nabijgelegen bedrijf, 2,5 kilometer verderop, is te zien hoe vlak na de aanslag een man midden op de weg uit een zwarte Toyota Yaris stapt, zijn alarmlichten heef hij aangezet. Hij steekt rennend de weg N-weg over, loopt rustig naar de waterkant waar hij een voorwerp in een rietkraag gooit. De man rijdt vervolgens weg in de richting van Lopik.
Volgens een ooggetuige ter plaatse heeft de politie donderdag met een duikteam in het water gezocht. De politie meldt die avond dat daar een vuurwapen is gevonden.
Met medewerking van Abel Bormans, Mark Misérus, Huib Modderkolk, Willem Feenstra en Pepijn de Lange.
Source: Volkskrant