Home

Schrijft de Volkskrant anders over het oorlogsgeweld van Iran dan over dat van de Israëliërs en de Amerikanen?

is verslaggever van de Volkskrant.

‘Ongelooflijk teleurstellend’ noemde de lezer de kop die zij aantrof op pagina 2 van de zaterdagkrant. ‘Iraans regime steekt de regio in brand – en daarmee zichzelf’, luidde de tekst boven de analyse van de correspondent die vanuit standplaats Istanbul schrijft over Iran, Israël en de Palestijnse gebieden.

Ombudsvrouw Loes Reijmer behandelt vragen, klachten en opmerkingen over de journalistiek van de Volkskrant. U kunt haar per mail bereiken.

De analyse was genuanceerd, vond de lezer. Maar de kop begreep ze niet. Waren het immers niet de Verenigde Staten en Israël die met hun aanval eind februari de regio op zijn kop hadden gezet?

Een paar dagen eerder reageerde een andere lezer op een kop in de ochtendnieuwsbrief van de Volkskrant. ‘Iran slaat wild om zich heen’, stond daar. Zelf dacht ze bij ‘wild om zich heen slaan’ aan andere dingen. De inslag van een waarschijnlijk Amerikaanse raket op een meisjesschool bijvoorbeeld, waarbij zeker 175 doden vielen, onder wie veel kinderen. ‘De verantwoordelijkheid voor het geweld wordt verlegd naar degene die zich verdedigt’, schreef ze.

De kwestie die de lezers hier aan de orde stellen, is of er in de berichtgeving, en op zichtbare plekken zoals de koppen, met twee maten wordt gemeten. Schrijft de Volkskrant anders over het oorlogsgeweld van Iran dan over dat van de Israëliërs en de Amerikanen?

Om meteen maar met een teleurstellende mededeling te komen: het definitieve antwoord op die vraag kan ik hier niet geven. Het is te hopen dat een masterstudent de handschoen oppakt en de berichtgeving in Nederlandse media tegen het licht houdt, want een interessant en belangrijk onderwerp is het zeker. Wel kan ik hier enkele observaties delen.

In zijn geheel lijkt de berichtgeving me feitelijk, genuanceerd en in balans. De bijna 150 artikelen die sinds de aanval van de VS en Israël zijn verschenen, doen recht aan de morele complexiteit van deze oorlog. Er is de realiteit van een verstikkend islamitisch regime dat scherpschutters loslaat op de eigen bevolking, en de hoop dat de decennialange onderdrukking met deze aanval misschien ten einde komt.

Tegelijkertijd is de aanval een middelvinger naar het internationaal recht, en zijn de gevolgen van de oorlog nu al groot, vooral voor de burgers in Iran en Libanon, maar ook in Israël, de rest van de regio en de wereld. (Heuglijk nieuws van TikTok: de influencers in Dubai hebben gelukkig hun fotogenieke leven weer gewoon opgepakt.)

In koppen is er wel een verschil in toon. Gaat het om Amerikaans en Israëlisch oorlogsgeweld in Iran, dan is de kop feitelijker, met hier en daar een zweempje actiefilm. ‘VS en Israël maken nu jacht op ondergrondse raket-en dronebases van Iran’, bijvoorbeeld. Of ‘Amerikaanse onderzeeër brengt met torpedo Iraans marineschip tot zinken’. Al stond er wel boven een analyse: ‘President Trump speelt een gevaarlijk spel, maar er is geen weg terug.’

Opvallend was de kop boven het nieuwsbericht over de Spaanse kritiek op de Israëlisch-Amerikaanse aanval. De argumenten die premier Sánchez gaf in zijn televisietoespraak leken me, hoe je ze ook weegt, behoorlijk weloverwogen en rationeel. ‘Spanje reageert woest op Trumps aanval op Iran’, stond er desalniettemin boven – telegraafiaanse allure.

De koppen over de Iraanse aanvallen hebben eveneens wat meer kleur op de wangen. ‘Geplaagd Iran spuwt raketten en drones op zijn buurlanden’. Iran ‘bestookt’ de Golfstaten en die acties zetten de stabiliteit van de regio ‘volledig op zijn kop’. ‘De uitzinnige reactie van het Iraanse regime trekt steeds meer landen het conflict in, tegen Iran’, luidde de online kop van een analyse. In de papieren krant stond boven hetzelfde artikel ‘Iraans regime steekt de regio in brand – en daarmee zichzelf’. De kop waarover een van de lezers viel, dus.

Nu zullen weinig mensen wakker liggen van het pr-probleem van de ayatollahs. ‘Ik ben geen supporter van het Iraanse regime’, schreef de vrouw er voor de volledigheid bij. De lezers maken zich meer zorgen over de andere kant, namelijk dat de acties van president Donald Trump en premier Benjamin Netanyahu niet met dezelfde kritische blik bekeken worden. Dat hun legitimatie van de oorlog, de bewering dat Iran een onmiddellijke dreiging vormde, voor zoete koek wordt geslikt, bijvoorbeeld. En dat er minder oog is voor de burgerslachtoffers die zij maken.

In dat opzicht kan ik me de kritiek op de koppen voorstellen. Geïsoleerd kunnen ze de suggestie wekken dat Iran deze oorlog is begonnen. ‘Iran steekt de regio in brand’ gaat ook voorbij aan wat de auteur ook vrijwel direct in de analyse constateert, namelijk dat Epic Fury, naast een ‘evidente inbreuk op het internationaal recht’, ook ‘een onbesuisd avontuur’ is. En dat Israël bijdraagt aan de uitbreiding van het conflict, door Libanon met grof geschut aan te vallen in de strijd tegen Hezbollah.

De correspondent, die sinds het uitbreken van de oorlog nog harder werkt dan normaal, ziet geen probleem in de kop. Sterker nog, hij bedacht hem zelf. ‘Iran had gereageerd met grootschalige aanvallen op de regio. Dat die daardoor in brand was komen te staan, lijkt me geen overdrijving. Vervolgens stelde ik vast dat door die Iraanse reactie de buurlanden in het anti-Iraanse kamp werden geduwd. Vandaar dat Iran ook ‘zichzelf’ in brand stak.’

Het was een analyse na een week oorlog, benadrukt hij. ‘Bedoeld om de stand van zaken van dat moment te duiden. En ja, dan kun je twee stappen achteruit doen en de kop lezen als onze analyse of ons commentaar op de gehele oorlog. Maar dat is het natuurlijk niet.’

Toch denk ik dat lezers het juist daar, op pagina 2 en 3 van de zaterdagkrant, wel zo ervaren. De prominente plek laat niet alleen de laatste stand van zaken zien, maar markeert ook wat de krant de belangrijkste ontwikkelingen van die week vindt.

Inderdaad had Iran ongekende aanvallen uitgevoerd op de Golfregio. Maar de krant schreef ook over het dreigement van de extreemrechtse Israëlische minister Bezalel Smotrich dat de Libanese voorstad Dahiyeh op de grotendeels vernietigde Gazaanse stad Khan Younis zou gaan lijken. Uit onderzoek van The New York Times was gebleken dat de raket die de meisjesschool in de as legde waarschijnlijk Amerikaans was. De Iraans-Amerikaanse ngo HRANA meldde toen al meer dan duizend burgerslachtoffers in Iran, onder wie bijna tweehonderd kinderen.

Dat in een kop dan de indruk wordt gewekt dat het geweld van één kant komt, is zonde van de uitstekende analyse die eronder stond.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next