Home

De val van de Muur werd de ondergang van het Oost-Duitse voetbal. ‘Het oosten kende de nieuwe spelregels niet’

DDR-voetbal Na de Wende moest de voormalige DDR integreren in een nieuw, westers en kapitalistisch systeem. Zo ook de voetbalclubs uit het oosten. Dat lukte nauwelijks: vandaag telt de Bundesliga slechts één club met DDR-wortels. Voetballiefhebber en sportjournalist Mathias Liebing schreef er een boek over. „De DDR was de schurk die verslagen was.”

Het team van de DDR voorafgaand aan de groepswedstrijd tegen West-Duitsland in Hamburg, tijdens het WK in 1974. De DDR won met 1-0.

Een woensdagavond in november 1989. De 9-jarige Mathias Liebing zit alleen voor de televisie en kijkt naar het kwalificatieduel tussen de Duitse Democratische Republiek (DDR) en Oostenrijk. Normaal gesproken zitten ze met z’n allen voor de buis, maar veel aandacht is er niet meer voor de laatste wedstrijd van het DDR-elftal: de Berlijnse Muur is zes dagen eerder gevallen.

Wie wél met evenveel interesse als de jonge voetbalfan kijkt, is Reiner Calmund, directeur van Bayer Leverkusen. Op deze avond begint hij met het werven van Oost-Duitse spelers. En daarmee luidt hij de leegloop van het Oost-Duitse voetbal in. In die eerste jaren vertrekken zeker 150 voetballers naar clubs uit het westen. Van de clubs uit het oosten blijft weinig over.

Bijna vier decennia later publiceert Liebing een boek over de teloorgang van de Oost-Duitse voetbalverenigingen na de Duitse hereniging. Plattgemacht kwam begin deze maand uit. Vrij vertaald: platgewalst. Zoals de voormalige DDR moest integreren in een westers, kapitalistisch systeem, moest ook het Oost-Duitse voetbal dat. Maar terwijl door de regering een zogenoemde Aufbau Ost werd opgetuigd (economische maatregelen om het voormalige oosten te ondersteunen) moesten de voetbalclubs hun weg in het voor hen nieuwe Duitsland zelf zien te vinden. Dat lukte nauwelijks. En de Duitse voetbalbond DFB liet het gebeuren, schrijft Liebing, die zelf opgroeide in het toenmalige Oost-Duitse district Halle.

Waarom bekommerde niemand zich om de Oost-Duitse clubs?

„De DDR was de schurk die verslagen was. De winnaar, West-Duitsland, maakte de regels en de verliezers moesten zich aanpassen. Daarom was er geen enkele interesse vanuit de Duitse voetbalorganisaties om een arm om de clubs uit het oosten te slaan. In de Bundesliga spelen achttien teams. Voor dat ene seizoen werd dat uitgebreid naar twintig, zodat de top twee uit de DDR mee kon doen. Dat was het. Een seizoen later werden het er weer achttien.

„Er was veel wantrouwen vanuit het westen. De algemene opvatting was dat iedereen in het oosten banden had met de communistische DDR-regeringspartij SED en dat iedereen voor de Stasi werkte. Die angst kwam ergens vandaan: een nationale coach moest slapen met het SED-partijboekje onder het hoofdkussen. De meeste clubs in de DDR hoorden bij staatsbedrijven. Terwijl het regime was gevallen, bleef dat imago kleven.”

Dat eerste seizoen kregen FC Hansa Rostock en Dynamo Dresden – destijds fenomenen in het Oost-Duitse voetbal – een plek in de Bundesliga. Tegenwoordig speelt Hansa Rostock in de derde divisie en bungelt Dynamo Dresden onder aan de tweede divisie. Union Berlin is momenteel de enige club met DDR-wortels in de Bundesliga. Andere grote clubs van toen, zoals Stahl Brandenburg, Hallescher FC en FC Carl Zeiss Jena, spelen nu in de regionale vierde divisie (Regionalliga Nordost) of zelfs lager.

Op de avond dat de muur viel was het DDR-elftal op trainingskamp in Leipzig, in aanloop naar het kwalificatieduel tegen Oostenrijk. Via de televisie in het hotel volgden de voetballers de ontwikkelingen in Berlijn. Ondertussen hielden staf en beveiligers de uitgangen van het hotel nauwlettend in de gaten, schrijft Liebing, opdat de spelers zich niet massaal vrij waanden en nog voor de wedstrijd naar het westen uitweken. Een vrees die zich al tijdens het kwalificatieduel begon te verwezenlijken.

Een modeshow van schaars geklede vrouwen kon de verleiding die Leverkusendirecteur Reiner Calmund bood niet overtreffen.

„De DDR-voetbalbond haalde allerlei potsierlijke trucs uit, zoals een modeshow van vrouwen in lingerie om de spelers af te leiden. Maar de spelers waren vooral bezig met de vraag: betekent dit dat we straks in de Bundesliga kunnen spelen?

„Die vraag hield managers in het westen ook bezig. Veel West-Duitse voetballers vertrokken destijds naar Italië om te spelen voor clubs als Internazionale en AC Milan, dus hadden de clubs nieuw talent nodig. Nu kwam er een heel nieuwe vijver om uit te vissen: het oosten.

„Reiner Calmund was er als eerste bij: al bij dat laatste kwalificatieduel. Hij kon zelf niet onopvallend naar het stadion, dus stuurde hij een van zijn jeugdtrainers. Om te zorgen dat die als eerste met de selectie kon praten, deed Calmund alsof dat een fotograaf was en regelde hij een persaccreditatie voor hem. Zodoende kon de jeugdtrainer vermomd als fotograaf in de dug-out komen. Hij benaderde de beste spelers met de boodschap dat Bayer Leverkusen geïnteresseerd was. Het seizoen daarop speelden DDR-sterspelers Andreas Thom en Ulf Kirsten voor Leverkusen.”

Leverkusen-directeur Reiner Calmund met op de achtergrond Ulf Kirsten, een van de talenten uit de DDR die overstapte naar Leverkusen en daar een ster werd.

Wat was de rol van managers als Calmund in de ondergang van Oost-Duitse clubs?

„Ik wijs niet graag schuldigen aan voor de gebeurtenissen. Uiteindelijk deden ze in het westen hun werk zoals ze dat kenden: via marketing, met groot geld en mooie beloftes. Calmund was geen slechterik. Hij vond het belangrijk dat goed voor de spelers en hun families werd gezorgd, regelde bijvoorbeeld woningen en banen. Maar het oosten kende de regels van het spel nog niet.

„Bovendien waren er óók slechteriken. Zakenlieden uit het westen zonder hart voor voetbal die kansen zagen in het oosten. Dat overkwam Dynamo Dresden. Die club had misschien wel de grootste potentie succes te behalen in de Bundesliga, maar ging in de jaren negentig ten onder aan financieel mismanagement door voormalig bokspromotor in het westen Rolf-Jürgen Otto.” Die zou uiteindelijk in de gevangenis belandde voor fraude.

Wanneer en hoe had voetbalbond DFB moeten ingrijpen, volgens u?

„Op z’n minst toen duidelijk werd dat ook de clubs in de tweede divisie verder afzakten. Clubs die succesvol waren in de Oberliga [de voormalige Oost-Duitse competitie] liepen leeg. Ook bij jeugdteams gebeurde dat massaal. De DFB had zich kunnen realiseren dat deze clubs ineens aan andere regels moesten voldoen, een andere werkwijze. Marketing, PR en media kenden die clubs helemaal niet. Financiering kwam vaak van de staat, die viel weg. De strijd om spelers met de clubs uit het westen was dus bij voorbaat kansloos. De DFB had zich kunnen inzetten voor kennisoverdracht om een gelijker speelveld te creëren. Maar niemand interesseerde zich voor het oosten. Dat was triest voor de clubs, voor de spelers die achterbleven en natuurlijk voor de fans: voor hen ging het voetbal verloren.

„Grote clubs uit het westen zoals Bayer Leverkusen en VfB Stuttgart behaalden ondertussen grote sportieve successen dankzij spelers uit het oosten.”

U noemt de generatie voetballers uit de jaren rond de hereniging de ‘gouden generatie’.

„Ja. Deze spelers hadden het Oost-Duitse voetbal naar een hoger niveau kunnen tillen. Maar de val van de Muur kwam een paar jaar te vroeg en zo ging die generatie verloren aan het westen.”

Hebben de Oost-Duitse clubs zich niet te zeer laten overrompelen?

„Er waren genoeg mensen met vooruitstrevende ideeën, zoals Walter Toussaint, die het voetbal in de oostelijke deelstaten wilde moderniseren, of Frank Engel, die tactische vernieuwingen wilde aanbrengen in het vaak fysieke DDR-voetbal. Maar zij werden niet serieus genomen. Daarbij kwam dat de hereniging voor grote problemen in het oosten zorgde. De bestuurders en coaches van de clubs deden dat doorgaans náást hun werk bij het staatsbedrijf waarvan de club was. Dat betekende dat zij hun voornaamste inkomen verloren, want die bedrijven werden gesloten. Ze moesten op zoek naar nieuw werk – of vonden dat, maar zonder ruimte voor het coachen van een voetbalteam.

„Bovendien hadden mensen in de voormalige DDR wel iets anders aan hun hoofd dan voetbal. Omdat ze hun baan verloren, of omdat ze geld spaarden voor wat eerst niet mogelijk was: een tripje naar het westen, een eigen auto. Dat betekende dat clubs weinig kaarten meer verkochten voor wedstrijden. De vaak toch al vervallen stadions verloederden en de tribunes bleven leeg. Vergis je niet: vóór de val van de Muur waren er soms zelfs meer mensen dan stoelen in de stadions.

„Engel was in de jaren negentig trainer van FC Magdeburg. De financiële situatie was dermate dramatisch dat hij in de scheidsrechterskamer van het stadion moest slapen. Hoe anders was de situatie voor clubs die al jaren in de Bundesliga speelden.

„Toch zijn er ook succesverhalen, zoals Energie Cottbus. Die club had slim leiderschap en goede connecties met Oost Europa. In 2000 schopte Energie Cottbus het tot de Bundesliga – eenmaal zelfs zonder een enkele Duitse speler in het veld. Aangezien de Duitsers uit het oosten nu uitkwamen in het westen, rekruteerde Cottbus goedkope spelers uit voormalig Joegoslavië, Roemenië, Polen. Uiteindelijk was het niet genoeg om de grote problemen in een industriestad als Cottbus, waar veel banen verloren gingen, het hoofd te bieden en degradeerde de club meermaals. Maar het laat zien: met goede ideeën en strategieën, met een verhaal, is succes ook voor clubs uit het oosten mogelijk.”

Zoals Union Berlin?

„Absoluut. Na jaren malaise [de club zakte af naar de vijfde divisie] speelt Union nu weer in de Bundesliga. De club werd van faillissement gered door fans die financieel bijdroegen, acties opzetten en meebouwden aan het stadion. Union werd opgebouwd door solidariteit en houdt daarmee de Oost-Duitse waarden in ere. Ook in het spel, overigens: dat is nog net zo fysiek als in de DDR.

„Union is de Berghain [technoclub in Berlijn] van het voetbal: rauw en authentiek. Coaches en specialisten kunnen overal vandaan komen, maar bestuurders die beslissingen maken over de toekomst van de club komen uit Köpenick, een wijk in het oosten van Berlijn. De mediawoordvoerder is tegelijkertijd stadionspeaker. De president zit al vijfentwintig jaar op zijn plek. Ik ben niet van de ‘Ostalgie’ [nostalgie naar het leven in de DDR], maar wel voor behoud van erfgoed. Dat doet Union.”

Jonge fans van 1.FC Union Berlin bij een thuiswedstrijd in 1985. De club is de enige voormalige DDR-club die nog uitkomst op het hoogste niveau.

Union Berlin tegen Lokomotiv Leipzig.

Tegenhanger RB Leipzig, de enige andere club uit het oosten in de Bundesliga, heeft die geschiedenis niet. De club werd in 2009 opgericht door sponsor Red Bull. Is dat succesvolle aanpassing of verloochening van Oost-Duitse voetbalidealen?

„Allebei. RB Leipzig is gemaakt van marketing en geld. In de beginjaren werd de club niet omarmd. Maar: het was de enige kans voor mensen uit die regio om voetbal op dit niveau te kunnen aanschouwen. Nu zit het stadion bijna altijd vol en komen mensen uit het hele land kijken. In die zin was RB Leipzig een cadeau voor voetbalfans in het oosten, ook al is het vanwege Red Bull-geld. Jarenlang werd het stadion nauwelijks gebruikt, hooguit door bands die oefenden voor een tournee. Nu is er weer voetbal.

„Het mooie is: clubs als BSG Chemie Leipzig en Lok Leipzig spelen in de Regionalliga Nordost en hebben ook iedere wedstrijd vijfduizend toeschouwers – je wilt niet weten hoeveel kabaal die maken. Je hebt in Saksen dus de keus tussen het rode loper-voetbal van RB Leipzig en voetbal met een verhaal in een lagere divisie.”

Is het erfgoed van het DDR-voetbal in de Regionalliga Nordost toch behouden?

„In zekere zin wel, daar spelen de meeste overgebleven clubs. Het is mooi dat er een divisie is waarin die clubs voortbestaan, maar het jammere is dat ze met één been in het amateurvoetbal staan.”

Is er een weg omhoog?

„Veel clubs vieren dit jaar hun zestigste verjaardag. Ze zullen nooit meer zo groot worden als vroeger, toen clubs als Stahl Brandenburg en Dynamo Dresden in de Europa Cup I en II meededen. Maar door voort te borduren op hun geschiedenis – de fanbase! – is een weg terug naar de top mogelijk.”

In uw voorwoord benadrukt u het belang van het perspectief van de Ossi, de Oost-Duitser, in dit verhaal.

„De verhalen van deze clubs zijn nauwelijks verteld, want de winnaars schrijven de geschiedenis. Maar Bundesliga-clubs als Bayer Leverkusen hebben hun recente geschiedenis te danken aan deze gebeurtenissen. Ralf Minge [voormalig voetballer van Dynamo Dresden] was de tactische man achter het Champions League-succes van Leverkusen in 2002. Maar niemand had het over deze voetballegende uit Dresden. Deze geschiedenis heeft het Duitse voetbal van vandaag gevormd. Dat mogen we niet vergeten.”

Aanvaller Ralf Minge, die zijn hele loopbaan speelde voor Dynamo Dresden en uitkwam voor de DDR, juicht nadat hij heeft gescoord tegen BFC Dynamo (1985).

CV Mathias Liebing

Mathias Liebing (1980) is sportjournalist, documentairemaker en schrijver. Hij is auteur van de autobiografie van voetballer Norbert Nachtweih. Liebing is geboren en opgegroeid in Mansfelder Land, in het district Halle, in de voormalige DDR. Tegenwoordig woont hij in Leipzig.

Voetbal

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next