Home

Lector Janine Janssen: ‘Wegkijken van online huiselijk geweld is onverantwoordelijk en naïef’

Technologie speelt steeds vaker een rol in relaties met huiselijk geweld. Slachtoffers, politieagenten en hulpverleners moeten daar alerter op zijn. Dat stelt Janine Janssen, lector geweld in afhankelijkheidsrelaties, in een boek dat vandaag verschijnt.

is politie- en justitieverslaggever van de Volkskrant.

Het klinkt als een scène uit een spannende film, maar het is echt gebeurd in Nederland. Een moeder werd mishandeld door haar man en vluchtte met haar zoontje naar een opvanghuis met een geheim adres. Na een paar dagen schrok ze zich kapot: haar man liep door de straat. Hoe had hij hen gevonden?

‘De moeder verhuisde naar een tweede opvanghuis, maar ook daar dook hij op’, vertelt Janine Janssen (57). ‘Bij toeval ontdekte zij dat haar man gebruikmaakte van de nieuwe knuffelbeer die hij voor hun zoontje had gekocht. Toen ze die beer wilde inpakken, hoorde ze iets rammelen. Ze maakte hem open en vond een zwart apparaatje dat een gps-signaal uitzond.’

Dit illustreert dat technologie steeds vaker een rol speelt in relaties waarin sprake is van huiselijk geweld, zegt Janssen. Al ruim tien jaar doet ze onderzoek naar (ex-)partnergeweld, intieme terreur en eergerelateerd geweld. Ze is lector geweld in afhankelijkheidsrelaties aan de Avans Hogeschool en aan de Politieacademie en hoogleraar criminologie en rechtsantropologie aan de Open Universiteit.

Spyware

Vandaag presenteert ze haar nieuwe boek, De prijs van het vuur; technologie en geweld in afhankelijkheidsrelaties. Daarin schrijft Janssen dat hulpverleners en politieagenten die zich bezighouden met huiselijk geweld alerter moeten zijn op het gebruik van technologie.

Je kunt het zo gek niet verzinnen of het gebeurt, volgens haar. Zo geven meerdere plegers van intieme terreur hun partner een smartphone waarop ze alvast een flink aantal apps hebben geïnstalleerd. Wat plegers er niet (meteen) bij vertellen, is dat er spyware op staat: software die aan hen doorgeeft waar de gebruiker is en welke berichten die stuurt en ontvangt.

Ze kent verhalen over stalkers die deurbellen met een camera hacken of nog altijd toegang hebben tot de digitale thermostaat van de woning van hun ex, waardoor ze weten wanneer hij of zij thuis is. Anderen plakken een tracker onder de auto van hun voormalige partner, volgen die via de smartwatch van een gezamenlijk kind of chanteren hun ex met nep-pornofilmpjes die ze dreigen te verspreiden.

Spannend of eng

Het begrijpen van de werking en de impact van zulke technologie is volgens Janssen ‘essentieel voor professionals én betrokkenen om geweld in afhankelijkheidsrelaties te herkennen, voorkomen en aan te pakken’.

Met haar boek wil ze professionals stimuleren om ‘op ontdekkingsreis te gaan’ in de wereld van smartphones, apps en gadgets. ‘Ik snap dat ze dat spannend of eng vinden. Zelf ben ik ook niet de handigste. Maar als je echt iets wilt betekenen voor slachtoffers van huiselijk geweld, kun je hier niet meer omheen. Wees nieuwsgierig, doe niet aan struisvogelpolitiek. Wegkijken van technologie is onverantwoordelijk en naïef.’

Het gaat langzaam al de goede kant op, vindt Janssen. Ze spreekt vol lof over het landelijke expertisecentrum SafetyNed, ontstaan uit een samenwerking van vier grote vrouwenopvangorganisaties. Dat biedt praktische hulp en brengt praktijkvoorbeelden in kaart, zoals het verhaal van de knuffelbeer.

Doorvragen

Specialistische politieteams hebben bijzonder veel digitale expertise. Maar bij de aanpak van huiselijk geweld is volgens haar de nodige winst te behalen: ‘Ik zou willen dat aandacht voor technologie een integraal onderdeel wordt van die aanpak, dat agenten er automatisch op doorvragen. Het is te simpel om te denken: de voordeur zit op slot, het slachtoffer is veilig.’

Ze gaat de inhoud van haar boek, dat ook in het Engels verschijnt, gebruiken tijdens lessen aan nieuwe lichtingen agenten op de Politieacademie. ‘En het vormt de basis van een nieuw vak dat gegeven gaat worden op de Avans Hogeschool.’

Kansen

Technologie biedt ook kansen, benadrukt ze. Zo vindt hulpverlening meer en meer online plaats, via lotgenotenplatforms, chatbots en digitale een-op-eengesprekken met hulpverleners. Het verlaagt de drempel voor slachtoffers die zich schamen en/of nog altijd worden gecontroleerd door geweldplegers.

Janssen: ‘Voor dit soort hulpverlening heb je als professional wel speciale vaardigheden nodig. Online moet je expliciet werken aan het opbouwen van een vertrouwensband, weten hoe je via tekst of beeld empathie overbrengt en hoe je signalen herkent dat iemand snel reguliere hulp nodig heeft, offline.’

Noodknop

Een pluspunt is ook het toenemende aantal wearables. Een flink aantal slachtoffers van huiselijk geweld maakt bijvoorbeeld gebruik van een draagbare noodknop die in verbinding staat met de meldkamer van de politie. Als op zo’n Aware-knop wordt gedrukt, rukt de politie meteen uit naar de gps-locatie.

Tientallen vrouwen die gevaar lopen door een gewelddadige ex, lopen rond met een ‘slachtofferdevice’. Als hun ex te dichtbij komt, worden ze gewaarschuwd en kan de politie hen in veiligheid brengen.

EviSafe

Ook zijn er apps als EviSafe, die automatisch opnamen beginnen te maken als er sprake is van geschreeuw, gehuil of als de gebruiker een codewoord uitspreekt. Indien gewenst stuurt de app een noodsignaal naar vrienden of familie.

‘Dat klinkt op zich goed’, zegt Janssen, ‘maar een randvoorwaarde is dat van tevoren goed wordt nagedacht: wie wordt ingeseind, en waarom? Zoiets kan ook leiden tot eigenrichting, tegen de man die het slachtoffer lastigvalt.’

‘Mijn boodschap voor professionals is: technologie is niet per definitie goed of fout. Weet wat er mogelijk is, heb oog voor dit soort dilemma’s. En vergeet niet dat zorgvuldigheid, betrokkenheid en oog voor de kwetsbaarheid van slachtoffers minstens zo belangrijk zijn als technologische kennis.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next