Gezondheidskloof Vrouwen leven langer dan mannen, maar ook langer in slechte gezondheid. Er moet meer aandacht komen voor chronische ziektes en combinaties van aandoeningen bij vrouwen. „Verschrikkelijk hoelang het duurt voordat iets verandert.”
Vrouwen hebben vaker dan mannen te maken met angst en depressie.
Ziektes waar je jarenlang aan lijdt maar waar je niet aan doodgaat, krijgen in de geneeskunde minder aandacht. Dat is de ervaring van Silvan Licher, klinisch epidemioloog bij het Erasmus MC en huisarts in opleiding. „Het gaat om aandoeningen waar vrouwen vaker last van hebben dan mannen.”
Er speelt mee dat mannen gemiddeld eerder overlijden dan vrouwen. „Met name lageropgeleide mannen”, verklaart Petra Verdonk, psycholoog en medeoprichter van de Nederlandse Vereniging Gender en Gezondheid. Ze beoefenen vaker zware beroepen en hebben over het algemeen een minder gezonde levensstijl.
Vrouwen worden dus ouder, maar leven tegelijkertijd meer jaren in slechte gezondheid. Ze hebben vaker chronische ziektes als bekkenbodemverzakking en reuma, ziet Verdonk, „Daarom is de aandacht voor vrouwengezondheid zo belangrijk: vrouwen worden vaak ziek oud.”
Uit de Gezondheidsenquête 2025 van het CBS blijkt dat meer vrouwen dan mannen hun gezondheid als niet goed beoordelen. „Dat is niks nieuws”, benadrukt Verdonk, dit patroon blijkt al tientallen jaren uit dit CBS-onderzoek. „Het is echt verschrikkelijk dat het zo lang duurt voordat iets verandert.”
Vrouwen gaan vaker naar hulpverleners dan mannen. Zo blijkt ook uit het CBS-onderzoek. „Ze gaan naar de huisarts bij serieuze klachten en niet om een beetje te klagen, zoals weleens wordt beweerd”, benadrukt Licher. „Niemand gaat voor de lol naar de dokter.”
Na hun 25ste worden gezondheidsverschillen tussen mannen en vrouwen zichtbaarder. „Mogelijk door chronische aandoeningen die rond deze leeftijd beginnen”, zegt Verdonk. En dan begint ook de levensfase waarin vrouwen kinderen krijgen.
Vrouwen hebben vaker dan mannen te maken met angst en depressie. Een enorm aandeel van de ziektekosten, maar ook arbeidsuitval, hangt samen met de mentale gezondheid. „Dat is deels angst, depressie, maar ook zwaardere psychiatrische aandoeningen,” legt Licher uit.
Licher ziet bij vrouwen vaker combinaties van ziektes die zich niet makkelijk in het zorgsysteem laten inpassen. Patronen die niet onder één specialist vallen. „Bijvoorbeeld iemand met hartfalen én een depressie.”
„Vanaf de puberteit zijn meisjes vaker angstig en somber”, zegt Verdonk. „Er is nog heel weinig bekend over de rol van de hormooncyclus bij vrouwen op mentale gezondheid. Tegelijkertijd denk ik dat we depressie bij mannen wel vaker over het hoofd zien.”
„We mogen wel iets meer over angst bij mannen praten”, vindt ook Licher. „Zoals bij hartklachten ook steeds meer aandacht komt voor het vrouwenhart.”
Steeds vaker behandelt een team van verschillende specialisten een patiënt, ziet Licher. „Als je kijkt hoelang we hebben gewerkt met een zorgmodel gericht op één ziekte, dan stemt de snelheid waarmee we nieuwe aanpakken ontwikkelen mij best optimistisch.”
„En het wegwerken van de gezondheidskloof levert gewoon geld op”, ziet Verdonk in diverse onderzoeken. Er is in juli 2025 een Nationale Strategie Vrouwengezondheid gepresenteerd. „Ik hoop dat ook de nieuwe staatssecretaris daarmee aan de slag gaat. We moeten nu kiezen: waar krijgen we het snelste effect? En dan gewoon uitvoeren.”
Economieredacteuren nemen je mee in de discussies die zij op de redactie voeren over actuele ontwikkelingen