Home

Op het pluche voor de dieren, hoe succesvol zijn de wethouders van de Partij voor de Dieren geweest?

Sinds de vorige gemeenteraadsverkiezingen levert de Partij voor de Dieren voor het eerst wethouders. Wat hebben zij bereikt? En waar liepen ze tegenaan?

is regioverslaggever van de Volkskrant in de provincies Utrecht en Flevoland.

Het knetterde en spetterde eind 2024 in het Haagse gemeentebestuur. CDA-wethouder Hilbert Bredemeijer had na een bezoek aan een visvereniging een vrolijke foto op Instagram geplaatst. Dat was zijn collega-wethouder van de Partij voor de Dieren in het verkeerde keelgat geschoten. Omroep West kopte ‘Woede om vissende wethouder’.

Op de foto wierp Bredemeijer – opgestroopte mouwen, gelukzalige blik – zelf een hengeltje uit. ‘Ik ben trots dat deze vereniging zoveel mensen, oud én jong, bij elkaar brengt’, schreef hij eronder. ‘Het haalt Hagenaars uit hun sociale isolement, trekt honderden jongeren weg van hun schermpje om de buitenlucht op te zoeken en zet ouderen in beweging door wandelingen te organiseren.’

Daarmee schond Bredemeijer een coalitie-afspraak, vond collega Robert Barker van de Partij voor de Dieren (PvdD), die anderhalve maand eerder een voorlichtingscampagne had gelanceerd om het vissen te ontmoedigen. ‘Of hengelen pijn doet?’ stond er op posters in de stad. ‘Wat denk je zelf?’ Dat er zo’n campagne zou komen, was vastgelegd in het coalitieakkoord.

De andere partijen moesten wennen aan de PvdD als coalitiepartner, zegt Barker er nu over. ‘Ze snapten soms niet helemaal hoe belangrijk dierenrechten, groen en klimaat voor ons zijn. En dat we op die thema’s scherpe grenzen trekken. Dat zo’n hengelvereniging ook een sociale functie heeft, maakt ons niet opeens voorstander van dierenleed.’

Vegan worteltaart

De hengelkwestie is exemplarisch voor de nieuwe fase waarin de PvdD vier jaar geleden terechtkwam: de fase van meebesturen. De partij deed bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2022 in 29 gemeenten mee, behaalde 62 raadszetels en besloot daarna ook her en der te gaan onderhandelen over een plek in het college.

Met succes. Arnhem, waar de partij drie zetels haalde, had de primeur. Op 8 juni 2022 werd Marco van der Wel geïnstalleerd als de eerste wethouder ooit van de PvdD, tevens de eerste wethouder ter wereld van een dierenpartij. ‘Wat mij betreft maken we van Arnhem de diervriendelijkste gemeente van Nederland’, zei hij bij zijn aantreden tegen de Gelderlander. Partijleider Esther Ouwehand stuurde een vegan worteltaart.

In de weken daarna volgden meer steden. Ook in Almere (waar de partij drie zetels heeft), Amersfoort (twee) en Groningen (vier) kreeg de PvdD een wethouder. In Heerlen (één zetel) besloot de partij samen met GroenLinks en de PvdA één wethouder naar voren te schuiven. In het najaar van 2023 kwam er nog een PvdD-wethouder bij: in Den Haag (drie zetels), waar de VVD uit het college was gestapt.

Nu hun termijn er bijna op zit, rijst de vraag wat het opleverde. Wat wist de PvdD te bereiken? Hebben de wethouders ooit knarsetandend moeten instemmen met maatregelen die slecht voor dieren waren? En lonkt het pluche opnieuw, nu de partij bij de komende verkiezingen in 46 van de 340 gemeenten meedoet?

Aanjaagpartij

Dat de partij überhaupt in coalities zou stappen, was niet evident. De PvdD – in 2002 opgericht en sinds 2006 als eerste dierenpartij ter wereld vertegenwoordigd in het parlement – was van oorsprong een getuigenispartij, waarbij politieke macht niet het hoogste doel was. De strategie: vanuit de oppositie het debat aanjagen en zo andere partijen overtuigen de donkergroene idealen over dieren, natuur, milieu en klimaat over te nemen. Partijleider Ouwehand spreekt liever van een ‘aanjaagpartij’.

Illustratief in dat opzicht is een interview dat de Rotterdamse lijsttrekker Ruud van der Velden in de aanloop naar de raadsverkiezingen van 2022 aan het AD gaf. De krant vroeg hem wat hij wilde bereiken als zijn partij in het college zou komen. Van der Velden, destijds ook interim-voorzitter van de partij, reageerde scherp. ‘Collegevorming, dat is compromissen bereiken, dat wordt vaak slap. Je kunt ook gaan voor je idealen, je eigen onderwerpen op de agenda zetten en mensen bewust maken. Zo bedrijf ik politiek.’

Rond diezelfde verkiezingen voerden Ouwehand en het partijbestuur achter de schermen gesprekken over het al dan niet nemen van bestuursverantwoordelijkheid, al is niet helemaal duidelijk hoe die gesprekken verliepen.

Ouwehand beweert dat het partijbestuur van haar verlangde dat ze ‘alle fractievoorzitters na de gemeenteraadsverkiezingen ‘naar de oppositie’ zou begeleiden’, zoals ze het in het najaar van 2023 verwoordde in een uitgelekte brief aan het partijbestuur. Ze noemde dit ‘verbijsterend’. Op het moment van schrijven woedde er een machtsstrijd binnen de partij.

De toenmalige partijvoorzitter Van der Velden noemt het verwijt van Ouwehand onzin. ‘Wij waren niet tegen meebesturen’, zegt hij. ‘Ik heb alle medewerking verleend, en zelfs nog meegezocht naar geschikte wethouders.’ Van der Velden heeft de partij inmiddels verlaten. Hij doet dit jaar namens de afgesplitste partij Vrede voor Dieren mee in Rotterdam.

Ouwehand wil niet in detail op de kwestie ingaan. ‘Iedereen heeft gezien dat ik stond voor de autonomie van de lokale fracties’, zegt ze. ‘Zij kunnen zelf het beste inschatten wat de mogelijkheden en de kansen zijn.’

Wereldnieuws

Uiteindelijk besloten zes lokale fracties het avontuur aan te gaan, en dat leidde de afgelopen jaren tot een bont boeket aan maatregelen met een duidelijke PvdD-signatuur. Zo voerden de gemeenten insectvriendelijk maaibeleid of een verbod op houtstook in. Er werden bomen geplant of natuurgebieden gered. Er kwam een dierenvoedselbank of een gemeentelijke tegemoetkoming in de dierenartskosten voor minima.

Den Haag haalde het wereldnieuws met een verbod op ‘fossiele buitenreclames’, reclames voor onder meer vliegvakanties, auto’s met een brandstofmotor en grijzestroomcontracten. De maatregel werd door de reisbranche aangevochten, maar hield bij de rechter stand.

In Groningen sloot de gemeente met onder meer boeren, ondernemers, kennisinstellingen en ziekenhuizen het Convenant gezond eten uit de omgeving. ‘Grote partijen gaan hun voedsel meer lokaal inkopen’, zegt wethouder Janette Bosma. ‘Dat scheelt uitstoot van broeikasgassen en het geeft boeren in de omgeving zekerheid. We belonen lokaal ondernemerschap.’

Wethouder Jesse Luijendijk beleefde ‘de belangrijkste dag’ uit zijn politieke leven, toen in Almere de Nota Dieren werd aangenomen. Hij noemt de nota ‘revolutionair’, omdat de stad ‘dieren nu echt als medebewoners van de stad ziet, als entiteiten met een eigen waarde’.

Daardoor wordt nu bij vrijwel alle plannen van de gemeente, van gebiedsontwikkeling tot evenementenbeleid, meegenomen wat de consequenties zijn voor dieren. ‘En niet alleen beschermde dieren’, benadrukt hij. ‘Alle dieren.’ De nota leidde er onder meer toe dat Almere als eerste Nederlandse gemeente een verbod op circussen met dieren afkondigde. Landelijk geldt alleen een verbod op wilde dieren.

En in Heerlen wist de PvdD met die gedeelde wethouder ook enkele punten te scoren. Zo werden roofvogelshows verboden, zegt fractievoorzitter Eliane Géron. ‘En bij elk bouwproject moeten voortaan natuurinclusieve maatregelen worden genomen: er komen bijvoorbeeld nestkasten of groene daken.’ Een verbod op fossiele reclame, dat geen deel uitmaakte van het coalitieakkoord, kreeg ze niet door de raad. ‘Ik ben dik op mijn neus gegaan, Heerlen is er nog niet aan toe. Hier vinden ze dat iets voor de havermelk drinkende grachtengordel.’

Links college

De geboekte resultaten stemmen partijleider Ouwehand tevreden. ‘Macht is voor ons nooit een doel op zich’, zegt ze. ‘Maar we kwamen in een positie dat we in het college mooie groene, diervriendelijke en sociale dingen konden realiseren. Ik ben heel trots dat dat is gelukt.’

Hoe kreeg de partij dat voor elkaar? Dat valt niet los te zien van het feit dat de PvdD alleen ging meebesturen in een geheel links college, of in een college met het CDA als meest rechtse coalitiepartner. Alleen in Heerlen, waar de PvdD een wethouder deelt, maakt ook de VVD deel uit van de coalitie, die daar uit acht partijen bestaat.

Maar er is nog iets anders, zegt Luijendijk. Zo zijn veel andere partijen het ‘niet per se heel erg oneens’ met veel van de standpunten van de PvdD. ‘Wij strijden tegen dierenleed. Maar er zijn geen partijen die vóór dierenleed zijn. Alleen staat zo’n onderwerp bij ons veel nadrukkelijker op de agenda.’

Ouwehand heeft een vergelijkbare analyse: ‘Als geen van de coalitiepartijen opkomt voor dierenrechten en het beschermen van groen, dan komen die onderwerpen meestal niet prominent in het akkoord terecht. Maar als één partij ze wel agendeert, dan lukt het vaak de rest te overtuigen: ‘O ja, als we dit gaan doen, wordt het voor iedereen fijner.’’

Donkergroene stappen

Toch botsten de principes van de PvdD binnen een coalitie soms met de meer pragmatische houding van andere partijen, die gewend zijn op vrijwel alle dossiers compromissen te kunnen sluiten.

Zo ontstond kort na de hengelkwestie een nieuw conflict in het Haagse college, toen het CDA dreigde tegen de plannen voor de invoering van een zero-emissiezone langs de kust te stemmen. ‘Maar die maatregel stond niet voor niets in het coalitieakkoord’, zegt wethouder Barker. ‘Wij willen de slechte lucht aanpakken, mede daarom zijn we in dit college gestapt.’ Na een paar aanpassingen ging het CDA alsnog akkoord.

De kwestie illustreert hoe de partij in de wedstrijd zit. De PvdD wil best meebesturen, maar alleen als er duidelijke donkergroene stappen worden gezet. Instemmen met maatregelen die dieren, natuur, milieu en klimaat extra schade berokkenen is niet aan de orde. ‘Die zaken zijn voor ons nooit onderhandelbaar’, zegt Luijendijk.

En ja, soms kappen ze een boom, zegt de Groningse wethouder Bosma. ‘Dat is onvermijdelijk, bijvoorbeeld om woningbouw te realiseren. We kunnen ermee leven, omdat we weten dat de plannen aan het einde van de rit nooit zo groen waren geweest zonder de PvdD.’

Wil de partij straks weer gaan meebesturen? Als het aan Ouwehand ligt wel. ‘Het smaakt in de steden waar we al meebesturen naar meer. En ook fracties elders in het land zijn er klaar voor.’ De wethouders zien evenmin beren op de weg, al benadrukken ze dat het geen doel op zich moet worden. ‘Doe het alleen als je het verschil kunt maken’, zegt Barker.

‘Het is voor onze partij een lakmoesproef geweest en die verliep meer dan geslaagd’, zegt Johnas van Lammeren, wethouder in Amersfoort. ‘De invloed vanuit bestuur en coalitie is zo veel groter dan alleen vanuit de raad.’

En Luijendijk: ‘Mijn grootste angst van meebesturen was dat we uiteindelijk onze unieke rol en plaats in het politieke landschap zouden verliezen. Maar we hebben in deze vier jaar laten zien dat dat niet hoeft te gebeuren.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next