Home

Mijn hond Wally en ik liggen een keer per week gezusterlijk lepeltje-lepeltje te snurken, en dat is hemels

is columnist voor de Volkskrant

Het slapen met een huisdier in bed kan een van de grootste vreugdes, maar ook een van de grotere decepties van het leven zijn.

Nadat ik mijn hond Wally eerst in een zogenoemde bench, eigenlijk een kooi, en later in een mand naast mijn bed had laten slapen, verhuisde die mand op een gegeven moment naar óp het bed, en later ging de mand weg en nu liggen we één keer per week gezusterlijk lepeltje-lepeltje gezellig te snurken; althans, zij snurkt, ik niet. Het helpt dat ik haar maar parttime heb, anders zou deze constructie misschien tot problemen leiden met toekomstige partners. Maar nu kan het, en dat is hemels.

Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Ook had ik ooit een poes genaamd Suus, die als het bedtijd was keurig onder het dekbed sprong als ware zij ook een mens, en dan sliepen we gerust de hele nacht zonder elkaar te storen, en stonden tegelijk weer op.

Maar bij een recentere uitbreiding van mijn dierentuin kwamen Dora en Kasi, twee zwerfkatten uit het verre Griekenland, en het zal wel aan hun zwerverigheid liggen, of hun jeugd, maar ze kunnen niet stil in een bed liggen. Ze moeten de hele nacht rennen, en hun hobby is het glaasje water naast mijn bed omstoten, het liefst zo dat er veel water over het ondergelegen stopcontact valt.

Daarom sluit ik ze buiten mijn kamer, en omdat ze niets beters te doen hebben, en ook een klein beetje raar zijn, staan ze de hele nacht op de wacht tot ik naar de wc ga, en dan proberen ze binnen te komen.

Deze week lukte dat, en ik besloot me er maar bij neer te leggen, letterlijk, want ik was te moe om ze te verjagen, iets wat ook onmogelijk is, want ze zijn streetwise. Ze begonnen over mijn bed te rennen en te springen, en Dora rende over mijn hoofd heen, en nu zit daar, midden op mijn neus, een grote, rode snee.

Noem me achterdochtig of zwartgallig, maar ik geloof dat poezen heus wel weten wat ze doen. Mijn vorige katten, Bremma en Bremton, zijn op de eerste dag dat mijn babyzoon met me thuiskwam na de bevalling, over zijn hoofdje heengerend terwijl hij argeloos in een hoek van de kamer lag te slapen. Het heeft me jaren gekost dat ze te vergeven. Op al zijn babyfoto’s heeft hij een snorvormig litteken. Dat was natuurlijk wraak, omdat zij niet meer mijn enige huisdieren waren.

De kras op mijn neus is Dora’s wraak, omdat ze me ’s nachts niet mag wakker houden. Dat weet ik zeker. En het erge is: poezenliefhebbers die die kras zien, vinden zoiets nog leuk ook.

Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app. Klik op het belletje naast de auteursnaam.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next