Heel beroemde mensen verwarren nogal eens hun eigen mening met de alledaagse werkelijkheid. Zo zei acteur Timothée Chalamet dat je hem niet krijgt voor een rol in opera en ballet en andere „dingen”, die op sterven na dood zijn aangezien „niemand er meer om geeft”.
Hij dacht dat hij iets zei wat iedereen denkt. Maar nee. En dat heeft hij geweten. Allerlei culturele zwaar- en lichtgewichten begonnen luidkeels hun woede op hem te koelen, eensgezind hogelijk verontwaardigd over die ene opmerking. Ook de machtige dans- en operagezelschappen aller landen zetten hun stekels op.
Nou, nou, nou. Wat een geweld. Alsof opera en ballet afhankelijk zijn van de mening van een 30-jarige filmster met een grote bek. Ja, als dat waar zou zijn, dan ben je inderdaad reddeloos passé. Chalamets sop is de kool niet waard, en precies dat ontmaskert al die hoog van de toren geblazen reacties als dikdoenerij.
Met zijn uithaal naar opera en ballet zie je een Timothée Chalamet die strandt in opzichtig niet-braaf willen zijn maar dat niet in zich heeft. Wat niet-braaf werkelijk inhoudt, zag ik theatermaakster Elvis de Launay waarmaken in een kleine voorstelling waar de Timothées van deze wereld geen idee van willen hebben. Pech voor hen.
Hannah Hoekstra speelt Blanche DuBois in ‘A Streetcar Named Desire’ door ITA.
Wat De Launay doet is adembenemend, ook omdat het nergens op lijkt, alleen op zichzelf. Ze schiep op basis van brieven van de dichteres Sylvia Plath een jonge vrouw die haar moeder de hele tijd verzekert dat ze ‘dolgelukkig’ is, met haar leven, met zichzelf, met alles. De moeder praat. De Launay als de dochter reageert nauwelijks, en hoe langer dat duurt hoe beklemmender dat is. En dan is ze een spook in een teil en vraag niet hoe, maar tot slot rent ze als een enthousiaste, blote elf onder een fladderend laken haar einde tegemoet. Dolgelukkig, nu echt. En uitgesproken niet-braaf.
Serieus niet-braaf is weergaloos. Niet-braaf is Sophie Calle die de museumgrote installatie (Prenez soin de vous, 2007) maakte waarmee ze de botte scheidingsmail van haar ex-geliefde voor het oog van de wereld fileerde. Niet-braaf is de Britse zangeres Lily Allen. Zij gaf een concert in een jurk bedrukt met de afbeeldingen van een zwik bonnetjes, stille getuigen van wat haar echtgenoot, filmster David Harbour, spendeerde aan zijn minnaressen.
Niet-braaf, zo speelt Hannah Hoekstra dezer dagen de beste Blanche die ik ooit zag in A Streetcar Named Desire. Blanche wordt doorgaans neergezet als slachtoffer, trillend, breekbaar, een vluchtdier. Niet door Hoekstra. Zich voegen naar hoe het hoort? Proberen een brave indruk te maken? Geen sprake van. Fier gooit haar Blanche de sleutelzin van het stuk in de strijd: „Ik wil geen realisme, ik wil magie.” Ja, zo is het, daar doen we het voor. En met haar stappen wij op de tram met bestemming Verlangen.
Elke donderdag de mooiste verhalen over kunst en cultuur: interviews, recensies en achtergronden