Home

Duizend schilderijen kunnen geen huis vinden

De nieuwe spoorlijn naar Arnhem opende kunstenaars de ogen voor de bossen, zandverstuivingen en de stuwwal als balkon boven de uiterwaarden en de Rijn. Vanaf 1845 streken ze neer op de zuidelijke Veluwe: schilders als Maris, Mauve en Mesdag, die later de Haagse School zouden vormen.

Ze werkten, net als hun Franse kunstbroeders, en plein air, in de buitenlucht. Oosterbeek werd de eerste kunstenaarskolonie, het Nederlandse Barbizon.

Bergen, Domburg, Laren hebben hun museum. Oosterbeek zoekt al decennia tevergeefs een eigen huis voor de collectie van wat nu de Oosterbeekse School heet. Ruim duizend schilderijen staan in depot op de zolder van Kasteel Doorwerth, waar Museum Veluwezoom – een naam die eerder natuur dan cultuur suggereert – sinds 1986 drie zaaltjes huurt voor wisseltentoonstellingen.

Er is geen aparte ingang. Je komt er alleen kruip-door-sluip-door langs harnassen en opgezette haviken. De jongste tentoonstelling is gewijd aan landschapsschilder Théophile de Bock (1851-1904), een onterecht onbekende meester, die Den Haag permanent voor Gelderland verruilde.

En nu dreigt de collectie dakloos te raken. Geldersch Landschap & Kasteelen, eigenaar van Doorwerth, werkt aan een „overkoepelend narratief” voor kasteel en omgeving en heeft per eind mei de huur opgezegd, al rijdt niet meteen de verhuiswagen voor.

„Het kasteel was altijd een gekke plek”, zegt Annemiek van der Veen, bestuursvoorzitter. „We willen graag weg, maar dan moeten we wel ergens heen kunnen.”

Niet dat ze het niet hebben geprobeerd. In een recente raadszitting liep ze het lijstje af: vijftien locaties vielen af. De gemeente zet nu in op een leeg schoolcomplex als ‘museumkwartier’, met het Airborne Museum over de Slag om Arnhem (1944), plus appartementen. Maar als het er al komt (wetten, praktische bezwaren, projectontwikkelaars) is het niet binnen vijf jaar.

Terwijl, zegt Van der Veen, de oplossing zo voor de hand ligt: de Concertzaal, in 1867 gebouwd door landgoedeigenaar en mecenas Johannes Kneppelhout. Wellicht hoopte hij daar iets terug te vinden van de Leidse muziekavonden die hij onder het pseudoniem Klikspaan had beschreven in Studenten-typen en -Leven („Een toonkunstenaar te zijn, een dezer afgoden der eeuw slechts min of meer van nabij te kennen, welk eene verleiding!”).

Zijn weduwe schonk het witgepleisterde gebouw aan de gemeente, mits het gebruik cultureel bleef. Maar de zaal, nog even ‘EventTheater’ geheten, ligt vrijwel stil. In 2023 heeft Museum Veluwezoom er met een drukbezochte tentoonstelling geoefend en toen plannen getekend voor permanente inrichting, inclusief ruimte voor muziek en lezingen.

De gemeente wilde verkopen, maar gaat er nu zelf raadsvergaderingen houden en denkt aan „toekomstbestendige culturele invulling”. Museum Veluwezoom valt daar ondanks een duizenden keren ondertekende petitie niet onder. „Het blijft een eindeloos verhaal van een kleine gemeente die geen idee heeft wat ze met erfgoed aan moet”, zegt Van der Veen. Er is geen beweging.”

Maar een nieuw huis is nog geen sluitende exploitatie, ontdekten veel podia en musea. Misschien is het slim om de band met het kasteel nog even aan te houden, zegt Erik de Jong, landschapshistoricus en betrokken bij de herinrichting van ‘Heerlijkheid Doorwerth’.

„Je kunt het kasteel niet begrijpen zonder het landschap dat de aanleiding was om het juist daar te vestigen. De latere ontdekking van het toerisme en de artistieke manier om naar het landschap te kijken, kun je juist aan de hand van de schilderijencollectie tonen”, zegt hij. „Dan lift het museum mee.”

Hans Steketee doet elke maandag ergens vanuit Nederland verslag

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next