De Formule 1 is dit jaar overgestapt op een compleet nieuw regelpakket en dat heeft ingrijpende veranderingen met zich meegebracht op motorisch vlak. Waar de afgelopen jaren het meeste vermogen van de interne verbrandingsmotor kwam - een verhouding van 80-20 - is dat nu veel meer gelijkgetrokken en ligt het meer op 50-50 met de elektromotor.
De Motor Generator Unit - Kinetic (MGU-K) levert vanaf dit jaar namelijk 350 kilowatt, waar dat de afgelopen nog 120 kilowatt was. Deze MGU-K slaat energie op tijdens het remmen, maar kan ook al door lift and coast en 'superclipping' energie in de batterij opslaan. Deze energie kan vervolgens weer ingezet worden als vermogen, wat met name helpt bij de acceleratie uit de bochten.
Het gaat dit Formule 1-seizoen dan ook vooral draaien om energiemanagement, maar hoe is van buitenaf goed te zien wat de coureurs precies aan het doen zijn? Dat moet dankzij de signalen van de achterlichten - een centrale in het verlengde van de uitlaat, bekend als de rear impact structure light, en twee lichten achterop de achtervleugel aan beide zijden - iets duidelijker worden.
De rear impact structure light kleurt meestal rood - net als de lichten op de achtervleugel - en geeft over het algemeen aan dat er energie gespaard wordt en dat er dus minder vermogen van de elektromotor gevraagd wordt. Dat is ook een veiligheidskwestie, want zo weet de coureur erachter dat er een snelheidsverschil kan ontstaan.
Als deze maar één keer oplicht, dan betekent dit dat de MGU-K minder dan de maximale 350 kilowatt aan vermogen levert. Wanneer deze twee keer oplicht, dan levert de MGU-K helemaal geen vermogen en rijdt de coureur dus alleen op het vermogen van de verbrandingsmotor. Als de rear impact structure light snel achter elkaar rood knippert, dan wordt de MGU-K op dat moment opgeladen terwijl de verbrandingsmotor op volle toeren werkt.
In al deze gevallen zullen ook de lampen op de endplates van de achtervleugel in hetzelfde patroon oplichten, wat dus kan variëren van één keer oplichten tot meerdere keren snel achter elkaar.
De achterlichten op een F1-auto hebben meerdere functies.
Foto door: Sona Maleterova / Getty Images
De rear impact structure light kan ook voor andere doeleinden - allemaal met veiligheid in gedachten - gebruikt worden. Zo zal deze onder meer oplichten tijdens een (virtuele) safety car-fase, als het regent, als er in een sector gereden wordt waar een dubbele gele vlag gezwaaid wordt en als de auto op de pit limiter door de pitstraat rijdt.
Het is overigens de bedoeling dat de FIA en Formule 1 verder werken aan het duidelijker maken van de signalen naar de coureurs die achter een auto rijden. "Om te beginnen hebben we een nieuwe specificatie, wat betekent dat we de kleur kunnen aanpassen", geeft FIA's hoofd voor eenzitters, Nikolas Tombazis, aan.
"Op die manier kunnen we verschillende signalen geven aan de coureurs die volgen. Dat zal zich in de loop der tijd verder ontwikkelen en verbeteren – het is bedoeld om niet slechts één enkel rood licht te hebben. Op dit moment zijn de lampen bedoeld om de coureurs achterop te waarschuwen wanneer er energie wordt teruggewonnen, of wanneer er sprake is van een plotselinge vertraging. Daarnaast is er uiteraard ook de hoofdfunctie, de oorspronkelijke functie, namelijk bij regen."
"We denken dat we met de nieuwe specificatie, die verschillende kleuren mogelijk maakt, meer informatie kunnen geven aan de coureurs die achterop rijden."
Op het vlak van verlichting heeft de Formule 1 dit jaar ook iets nieuws geïntroduceerd: lampen op de spiegels. Deze kleuren oranje en fungeert ook als veiligheidsmiddel. Deze lichten namelijk op wanneer een auto langzamer dan 20 kilometer per uur rijdt of op de baan gestopt is. Deze zogenaamde laterale veiligheidslampen zijn ook op de startgrid te zien als een coureur zijn auto in neutraal heeft gezet. Als er een versnelling is gekozen, zullen de lichten niet meer te zien zijn.
Wat zou jij graag willen zien op Motorsport.com?
- Het Motorsport.com-team
Source: Motorsport