Vrouwen voelen zich gemiddeld minder gezond dan mannen en kloppen ook vaker aan bij de zorg. In 2025 gaf 26 procent van de vrouwen aan dat hun gezondheid niet goed is, bij mannen was dat 21 procent. Vrouwen hebben opvallend vaak te maken met langdurige klachten. Ze melden meer beperkingen in het dagelijks leven en ervaren meer psychische problemen dan mannen van dezelfde leeftijd.
Uit de Gezondheidsenquête 2025 van het CBS blijkt dat een aantal aandoeningen duidelijk vaker voorkomt bij vrouwen. Zo had 18,2 procent van de vrouwen in het afgelopen jaar migraine of regelmatig ernstige hoofdpijn, tegenover 8,3 procent van de mannen. Gewrichtsslijtage speelt bij 20,3 procent van de vrouwen van 12 jaar en ouder, bij mannen is dat 12,6 procent. Ook ernstige of hardnekkige darmklachten raken vrouwen twee keer zo vaak: 6,6 procent tegen 3,3 procent van de mannen.
Urineverlies laat het grootste verschil zien. Onvrijwillig urineverlies komt bij 10,3 procent van de vrouwen vanaf 12 jaar voor, bij mannen is dat 2,8 procent. Chronische gewrichtsontstekingen treffen eveneens meer vrouwen: 8,1 procent tegenover 4,8 procent van de mannen. Mannen staan daar tegenover weer vaker in de statistieken bij hart- en vaatziekten. Vier procent van de mannen van 12 jaar of ouder had ooit een hartinfarct, bij vrouwen is dit 2 procent.
Gezondheidsproblemen vertalen zich ook in beperkingen in het dagelijks leven. 35 procent van de vrouwen voelt zich beperkt in activiteiten die ze normaal doen, bij mannen is dat 27 procent. Het gaat vooral om lichte beperkingen; ernstige beperkingen komen ongeveer even vaak voor bij beide groepen. Vooral vrouwen tussen 25 en 45 jaar lopen hier tegenaan: 29,1 procent van hen zegt beperkt te zijn, tegenover 19,2 procent van de mannen in die leeftijd.
Ook mentaal hebben vrouwen het zwaarder. Bijna de helft, 47 procent, gaf aan in de afgelopen vier weken angstige of depressieve gevoelens te hebben gehad. Bij mannen is dat 36 procent. Dit verschil zie je in alle leeftijdsgroepen terug. Onder jongeren van 12 tot 25 jaar rapporteert 50,6 procent van de meisjes en jonge vrouwen zulke gevoelens, bij jongens en jonge mannen is dat 40 procent. Bij 65-plussers gaat het nog steeds om 41,5 procent van de vrouwen en 29,6 procent van de mannen.
Dat vrouwen zich minder gezond voelen, wordt vooral zichtbaar vanaf middelbare leeftijd. Tot 25 jaar zeggen evenveel vrouwen als mannen dat hun gezondheid goed of zeer goed is. Daarna loopt het uiteen. In de groep van 45 tot 65 jaar vindt 34,4 procent van de vrouwen hun gezondheid niet goed, tegenover 27,2 procent van de mannen. Boven de 65 jaar ligt dit op 39 procent van de vrouwen en 33,2 procent van de mannen.
De hogere ziektelast bij vrouwen zie je terug in het zorggebruik. In 2025 had 72 procent van de vrouwen in de afgelopen twaalf maanden minstens één contact met de huisarts, bij mannen was dat 66 procent. Vrouwen komen ook vaker bij een medisch specialist, fysiotherapeut, psycholoog of psychiater. De cijfers laten zo een duidelijk patroon zien: vrouwen ervaren meer lichamelijke en psychische klachten, voelen zich vaker beperkt en maken meer gebruik van zorg dan mannen.
Source: Fok frontpage