Home

Regisseur Nanouk Leopold: ‘De hele wereld zegt dat ik kleine films maak, maar ik geloof dat zelf helemaal niet’

Wat zijn dit voor vragen? Naar aanleiding van haar nieuwe film Whitetail negen dilemma’s voor regisseur Nanouk Leopold (57). Zoals spreken of zwijgen? ‘Ik kan alles op zo’n manier zeggen dat jij het fijn vindt om te horen.’

Film of beeldende kunst?

‘Ik heb het idee dat ik met Whitetail, over een vrouw die door de terugkeer van een jeugdvriendje geconfronteerd wordt met een trauma uit haar jeugd, een wat toegankelijkere film heb gemaakt, iets minder kunstzinnig. Dat kunstzinnige vond zijn plek in een heel autonoom werk dat ik met mijn partner Daan Emmen maakte, 3 Scenes from a Marriage, dat net als Whitetail te zien was op het International Film Festival Rotterdam.

Ik heb eerst kunstacademie gedaan en toen filmacademie. Ik kwam pas heel laat op het idee dat er een medium was waarin ik alle dingen die ik binnen de kunst aan het uitproberen was kon samenvoegen. In film heb je taal, kaders, licht, beweging, ritme, choreografie. Toch keer ik ook altijd weer terug bij de beeldende kunst. Er is een soort abstractie die ik daarin volledig kan omarmen. Dus ik zeg niet of, ik zeg en.’

Het bos: vriend of vijand?

‘Jen, het hoofdpersonage in Whitetail, werkt als natuurbeheerder in Zuid-Ierland, het bos is haar vriend. Ze voelt zich daar meer thuis dan in de kleine gemeenschap waar ze woont. Maar het is ook de grote entiteit die zich niets van je aantrekt. Dat ambigue vind ik het allermooist. Het moet allebei waar zijn, want dan wordt het iets. Soms vindt Jen in dat bos vrede en rust, soms is het de plek waar ze schuilt voor de wereld. Op andere momenten is het de plek die haar herinnert aan het tragische ongeval uit haar jeugd, waarbij haar zus omkwam.

‘Het bos in de film bestaat in werkelijkheid uit vier, vijf verschillende bossen. Elk ervan vertegenwoordigt een eigen gevoel. Er is een akelig bos met veel dode takken, er is een weelderig groen, gezond bos. Zo hebben we steeds gezocht naar stukken bos die een facet uitdrukken van Jens relatie met de natuur. En ook de verhouding tussen leven en dood, wat een belangrijk thema is in de film. Als een boom omvalt en sterft, kunnen daar weer torretjes in leven en plantjes op groeien. Een bos geeft een ander perspectief op de dood.’

Spreken of zwijgen?

‘Ik ben dol op praten. En ik praat ook veel, met vrienden, met mezelf. Maar ik heb ook een wantrouwen ten opzichte van woorden. Ik zou denk ik een heel goede verkoper zijn. Ik kan alles op zo’n manier zeggen dat jij het fijn vindt om te horen. Maar wat echt waar is, een soort werkelijkheid vinden in je eigen woorden, vind ik lastig. Wat ik mooi vind in film, is dat je mensen ziet bewegen, dat je zo veel kunt vertellen in lichaamstaal. Maar ik heb de woorden wel nodig. Ook voor Whitetail heb ik heel veel dialoog geschreven en ook opgenomen met de acteurs. En uiteindelijk weggegooid.

‘Als ik schrijf, denk ik: dit heb ik allemaal nodig. Dat geloof ik echt. Maar als je gaat repeteren kom je erachter dat je met veel minder woorden toekunt. Er is bijvoorbeeld een scène waarin Jen bij haar vader in het ziekenhuis is en moet huilen. In het script zat daar drie pagina’s dialoog. Over vroeger en over jezelf vergeven. Wat uiteindelijk in de film is terechtgekomen is alleen het staartje daarvan, waarin alles gezegd is en zij nog één keer in tranen uitbarst. Maar daarin voel je dat hele gesprek.’

Controle of loslaten?

‘Ik ben een combinatie van een gigantische controlfreak en op het moment zelf alles loslaten. En dat is het leukste wat er is. Dat loslaten brengt vaak ook weer dingen. Het is raar om te zeggen, maar ik hou eigenlijk van problemen op de set. Het focust je. Voor mij is filmmaken alsof je allemaal bij elkaar inplugt en elkaars intuïtie gaat opstapelen. Dan overstijg je ook jezelf, wat alleen maar fijn is. Een cameraman brengt andere dingen mee, de acteur, maar de dag ook. Is het koud? Hebben we haast? Hoe ga je daarmee om?

‘Natasha O’Keeffe bijvoorbeeld, is van nature een zachte, lieve vrouw. En dit personage, Jen, is een beetje grof en onbehouwen. Dat speelt ze fantastisch, maar soms brengt ze ook die zachtheid mee in haar spel. Dat zag ik in het begin en dat heb ik omarmd. Het personage is anders geworden dan op papier, maar wel gegrond in haar wezen, hoe zij is. Dat had ik zelf niet op die manier kunnen schrijven.’

Erbij horen of erbuiten staan?

‘Ha, het grote dilemma. Ik wil natuurlijk heel graag erbij horen en ik heb altijd het idee dat ik erbuiten sta. Soms voelen ik en mijn editor, Katharina Wartena, ons een soort spookrijders. Dan vinden wij iets heel mooi en bijzonder, terwijl iets heel anders opeens populair blijkt te zijn.

‘Dat ik ouder word, geeft daarin wel een bepaalde rust. Bij de première van Whitetail in Rotterdam waren veel vrienden en bekenden. Dat is best eng, maar ik zat in de zaal en ik kon genieten. Dat heeft wel iets met leeftijd te maken. Dat erbij horen of erbuiten vallen eigenlijk niet meer de vraag is. Ik weet wat ik mooi vind, wat ik wil maken. En wat het publiek er dan van vindt, dat is niet aan mij.’

‘In de film zit het natuurlijk ook, dat dilemma. Jen denkt zelf dat ze overal buiten staat, maar iedereen staat klaar om er voor haar te zijn. Om met haar te gaan darten, iets leuks te doen. Er zijn wel degelijk mensen bij wie ze terechtkan, alleen kan ze dat niet zien.’

Een statische of beweeglijke camera?

‘Ik mocht heel lang niet bewegen van mezelf. Dat statische zit heel diep in mij. Dat heeft te maken met duur, ik hou van kijken. Ik denk dat ik voor het eerst heb geleerd om de camera wat meer los te laten bij Boven is het stil en daarna in Cobain (films van Leopold uit 2013 en 2018, red.). En dat ik nu meer een mix heb gemaakt. Cameraman Frank van den Eeden is iemand die zijn camera naar dingen toe laat gaan, meebeweegt. Met een takje dat valt in het bos, een acteur die iets onverwachts doet. En de beweging die dan in het shot komt, dat vind ik het mooiste wat er is. Het is een cliché, maar je ziet beweging pas als het daarvoor stil was. Als je alles constant laat bewegen, dan voel je de beweging niet meer. Maar als je heel lang stilhoudt en dan opeens gaat rennen, dan gebeurt er iets.’

Regisseur Pier Paolo Pasolini of actrice Sandra Bullock?

Lacht. ‘Allebei. Ik hou heel veel van allebei. Sandra Bullock maakt mij altijd blij. Die geeft me het gevoel dat het goed kan komen met de wereld. Pasolini, daarentegen, die laat zien dat de wereld rauw, ruw, mooi en gevaarlijk is. Ik zou zeggen dat ik als maker tussen Pasolini en Bullock in zit. Mijn producent, Stienette Bosklopper, noemt mij altijd een humanist. Ik denk dat ze daarmee bedoelt dat ik een soort vriendelijke kijk kan hebben op zowel het goede als het slechte. Zonder te oordelen. En ook zonder het hard te willen maken. Meer zodat je denkt: ja, zo kan het gaan. Zo kunnen mensen zijn.’

Doorgronden of enigma?

‘Mijn hoofdpersonages zijn eigenlijk altijd een enigma. Je kunt een ander niet volledig doorgronden. Dat bestaat niet. Je kunt jezelf ook niet doorgronden. Tegelijk: als je wilt weten waarom Jen de dingen doet die ze doet, kan ik je zo van zes redenen voorzien. Maar dat wil niet zeggen dat het waar is. Dat heeft weer te maken met dat praten, en de waarachtigheid van woorden.

‘Dat merk ik ook met mijn acteurs, dat ik aan de een heel andere dingen vertel dan aan de ander. Ieder van hen moet geloven dat hun personage het juiste probeert te doen, zelfs al doen ze misschien iets wat een ander verschrikkelijk pijn doet. Die ambivalentie heb je nodig, anders wordt het plat en saai. Mensen hebben heel veel beweegredenen om dingen te doen. Goede en slechte. Het is ook maar net aan welke je wilt toegeven.’

Kleine of grote films?

‘De hele wereld vertelt mij dat ik kleine films maak, dus ik ben dat op den duur gaan herhalen. Maar ik geloof dat zelf helemaal niet. Ik maak de grootst mogelijke films die ik kan maken. En ik vind ze ook heel groot. Ik heb Whitetail gezien in Pathé Imax, bij de première op het IFFR. Dan komt zo’n film eigenlijk pas volledig tot zijn recht, ervaar je hoe het beeld en het geluid je op verschillende lagen aanspreekt.

‘Dat onderscheid tussen grote en kleine films is vaak een soort inschatting van hoe groot het publiek voor een film is. Ik ben misschien naïef, maar ik denk: waarom zou niet de hele wereld hiernaartoe gaan? Ik heb eigenlijk helemaal geen zin meer om in dat onderscheid mee te gaan. Zie dit dan maar als een soort coming-out: ik maak grote films.’

Whitetail draait nu in de bioscoop.

CV Nanouk Leopold

1968 Geboren in Rotterdam
1992 Willem de Kooning Academie
1998 Filmacademie, wint Tuschinski Film Award met afstudeerfilm Weekend
2001 Speelfilmdebuut Îles flottantes
2005 Guernsey geselecteerd voor Quinzaine des réalisateurs-programma van het filmfestival van Cannes (bekroond met Gouden Kalf voor beste actrice en regie)
2007 Wolfsbergen, geselecteerd voor filmfestival van Berlijn (Gouden Kalf voor camera en beste mannelijke bijrol)
2010 Brownian Movement (2010), Berlinale, bekroond met Gouden Kalf voor regie en scenario
2013 Boven is het stil opent Panorama-programma van de Berlinale (Gouden Kalf voor beste montage)
2016 Lid van Academie van Kunsten
2017 Eerste toneelregie, Ingmar Bergmans Uit het leven van marionetten, voor Toneelgroep Amsterdam
2018 Cobain, geselecteerd voor Berlinale (Gouden Kalf beste muziek, beste mannelijke bijrol)
2019 Toneelregie Harold Pinters De thuiskomst, voor Internationaal Theater Amsterdam
2026 Installatie 3 Scenes from a Marriage, samen met Daan Emmen onder de naam Leopold Emmen
2026 Whitetail

Nanouk Leopold woont met haar partner Daan Emmen in Rotterdam. Ze heeft een zoon en twee stiefkinderen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next