Trumps dreigementen blijken vaak loos en toegeven aan die dreigementen is daardoor bijna altijd een slecht idee, zoals Anthropic-baas Amodei liet zien.
Soms blijken Amerikaanse techbedrijven toch een geweten te hebben. Anthropic, een van de voorlopers op het gebied van kunstmatige intelligentie, wilde absoluut niet dat zijn software werd gebruikt voor massasurveillance en de ontwikkeling van autonome wapens. Het eiste van het Amerikaanse ministerie van Defensie, dat zijn software intensief gebruikt, dat ze deze wens zou respecteren. Dit tot grote woede van minister van Defensie Pete Hegseth en president Donald Trump. Beiden dreigden het bedrijf financieel kapot te maken door er geen zaken meer mee te doen en dat anderen ook te verbieden.
Anthropic-baas Dario Amodei bezweek niet onder de druk. Hij maakte de enige juiste analyse. Een grote wetenschappelijke of technologische doorbraak, zoals nu bij kunstmatige intelligentie, kan voorspoed brengen, maar ook veel onheil. Er komen onvoorziene krachten los, die zich vaak moeilijk laten beheersen. Het oervoorbeeld is de ontwikkeling van de atoombom, die voortvloeide uit de ontdekking van de kernsplijting. Het is dus terecht dat Amodei het zekere voor het onzekere wil nemen en bepaalde toepassingen wil uitsluiten.
In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.
Trump en Hegseth interpreteerden dit als insubordinatie en maakten er direct een machtsstrijd van. De banden met Anthropic werden kortstondig verbroken – of althans: dat werd beweerd – en Pete Hegseth sloot een overeenkomst met concurrent OpenAI.
Inmiddels zit Amodei weer bij het ministerie van Defensie aan tafel. Het is nog af te wachten of hij daarbij toch nog concessies gaat doen, maar het lijkt erop dat Hegseth en Trump zijn bezweken omdat ze de de technologie van Anthropic eenvoudigweg niet kunnen missen. Die speelde onder meer een grote rol bij de aanval op Venezuela en het oppakken van president Nicolás Maduro.
Amodei toont als eerste techbedrijf aan dat openlijk verzet werkt, en dat slijmen en Trump naar de mond praten niet de beste strategie is, zoals de rest van de techgiganten lijken te denken. Vanaf het aantreden van Trump vertonen de bazen van de grote techbedrijven een genante onderdanigheid. Ze sponsorden Trumps inauguratiebal royaal, zaten braaf op de eerste rij en smeerden Trump op alle mogelijke manieren stroop om de mond. Ze waren blijkbaar als de dood dat Trump hen zakelijk heel hard kon treffen. Vooralsnog blijkt dit enorm mee te vallen.
Trumps dreigementen blijken vaak loos te zijn en toegeven aan die dreigementen is daardoor bijna altijd een slecht idee. Als blijkt dat Amerika’s economische belangen of de Amerikaanse veiligheid worden geschaad door zijn oprispingen, bindt hij altijd vrij snel in. Dat zouden techbedrijven in hun oren moeten knopen, maar ook de leiders van landen die ten prooi vallen aan Trumps potsierlijke en kinderachtige machtsspelletjes.
Amerikanen van migrantenafkomst en andere minderheden hebben veel van Trump – en Hegseth – te vrezen, landen in Latijns-Amerika en het Midden-Oosten inmiddels ook, maar wie economische macht heeft kan zijn rug gerust recht houden en zijn geweten schoon.
Europa kan de Amerikaanse techbedrijven helpen een geweten te ontwikkelen, door ze te confronteren met de schade die ze aan democratie en samenleving aanrichten, door garanties te eisen dat Europese data bij hen in veilige handen zijn, door alleen zaken te doen met bedrijven die inzage geven in hun algoritmen en door snel Europese alternatieven te ontwikkelen voor het geval ze gewetenloos blijven.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant