Spanje-VS De linkse Spaanse regering veroordeelt de oorlog tegen Iran en roept andere Europese landen op ook fermer te reageren. „Ons standpunt laat zich in vier woorden samenvatten: nee tegen de oorlog”, aldus premier Sánchez. Trump dreigt het land nu met een handelsembargo.
De Spaanse premier Pedro Sánchez vorige zomer in het Spaanse parlement.
Terwijl andere Europese regeringsleiders worstelen met hun reactie op de Amerikaans-Israëlische oorlog tegen Iran, werpt de Spaanse premier Pedro Sánchez zich deze week gepassioneerd op als de anti-Trump van het continent.
De sociaal-democraat noemt de geweldsescalatie in de Golfregio „een ramp” en „Russische roulette spelen met miljoenen levens”. Zijn linkse coalitieregering weert Amerikaanse gevechtstoestellen van twee bases in Andalusië. Dat Trump daarom dreigt met een ‘handelsembargo’, neemt hij voor kennisgeving aan. „Ons standpunt laat zich in vier woorden samenvatten: nee tegen de oorlog”, stelde Sánchez woensdag.
Met die woordkeuze boorde de sinds 2018 regerende premier bewust een groot maatschappelijk trauma aan in de Spaanse samenleving. No a la guerra was de leus waarmee Spanjaarden in 2003 massaal de straat opgingen tegen de omstreden Amerikaans-Britse inval in Irak. In weerwil van dit brede maatschappelijke verzet sloot de toenmalige rechtse premier José María Aznar zich bij de VS en het VK aan, waarna Madrid een jaar later werd getroffen door bloedige Al-Qaeda-aanslagen als vergelding.
In een tv-toespraak greep Sánchez terug op de wijze waarop „een andere Amerikaanse regering ons 23 jaar geleden in een oorlog in het Midden-Oosten stortte”. Om daarna de negatieve gevolgen van die invasie op te sommen: „Een drastische toename van jihadistische terreur, een vluchtelingencrisis in de oostelijke Mediterranée, hogere energieprijzen en stijgende kosten van levensonderhoud.”
Maar bovenal, stelde Sánchez, verliest Europa aan geloofwaardigheid in andere kwesties als het zich nu niet fermer uitspreekt. „We moeten coherent zijn en dezelfde waarden blijven verdedigen die we ook verdedigen als we spreken over Oekraïne, Gaza, Venezuela of Groenland.”
Sánchez zoekt vaker de confrontatie met Trump of diens naaste bondgenoten. Zo was hij vorig jaar op de NAVO-top in Den Haag de enige regeringsleider die weigerde de nieuwe 5-procentsnorm te omarmen. Al ruim twee jaar is zijn regering uitgesproken kritisch op de Israëlische strafcampagne in Gaza. Sánchez reisde in twee jaar al drie keer naar Beijing, wat hem in de ogen van Washington te pro-China maakt. Zijn plan om sociale media pas vanaf 16 jaar toe te staan, kreeg felle kritiek van Elon Musk. En begin dit jaar schreef hij een opiniestuk in The New York Times waarin hij uitlegde waarom Spanje immigranten blijft verwelkomen, terwijl ze elders „wreed” worden opgejaagd.
Daags nadat Madrid maandag zijn vliegtuigen had geweigerd, beklaagde Trump zich over het Zuid-Europese land. „Spanje is een verschrikkelijke bondgenoot geweest”, stelde hij dinsdag tijdens een persmoment in de marge van het bezoek dat de Duitse bondskanselier Friedrich Merz bracht aan het Witte Huis. „We gaan alle handel met Spanje stopzetten. We willen niks meer met Spanje te maken hebben.”
In veel Spaanse media werd opgemerkt dat Merz het in de Oval Office niet opnam voor zijn mede-EU-lidstaat. Integendeel, de christen-democraat wees Trump erop dat Spanje ook al weigert te voldoen aan de opgehoogde NAVO-norm. Uren later verweerde Merz zich dat hij Trumps binnenskamers wel had uitgelegd dat de EU één blok vormt. „Ik heb hem heel duidelijk gezegd: je kan geen losstaand verdrag met Duitsland sluiten of met heel Europa, maar niet met Spanje.” Ook de Franse president Emmanuel Macron en EU-president António Costa schaarden zich achter Madrid.
Omdat Spanje deel uitmaakt van de interne Europese markt, is het voor de VS lastig afzonderlijke handelssancties te treffen. Toch zei Trump dinsdag dat hij zijn minister van Financiën laat onderzoeken hoe „een embargo” kan worden ingesteld. Als Trump een manier weet te vinden om de onderlinge handel stil te leggen, zou dit de Amerikaanse economie overigens harder schaden: de VS voeren een handelsoverschot met Spanje.
Één mogelijke manier waarop Trump de derde economie van de eurozone pijn kan doen, is de levering van vloeibaar aardgas (lng) afknijpen. Vorig jaar haalde Spanje ongeveer een derde van zijn lng uit de VS, waarmee het een cruciaal onderdeel vormt in zijn energiemix. Hoewel een groot deel van de leveringsafspraken voor de komende weken en maanden al vastliggen, kan Trump proberen de export te beletten. Aangezien Europese gasprijzen door de onrust in de Golf reeds oplopen, zou dit de energierekening in Spanje flink kunnen opjagen.
Pedro Sánchez vorige zomer tijdens een bezoek aan Uruguay.
Niet alleen rechtse tegenstanders verwijten Sánchez daarom roekeloosheid. Ook de centrum-linkse, doorgaans regeringsgezinde krant El País stelde in een commentaar dat „Sánchez de verleiding moet weerstaan om zich in te graven en de brede animositeit die er in de Spaanse samenleving leeft jegens Trump aan te wenden voor zijn eigen populariteit”. De conservatieve krant ABC meende dat Sánchez „zijn spandoek binnen heeft” en nu moet inbinden.
Op rechts is de verdenking dat de premier zijn linkse coalitie na enkele fikse regionale stembusnederlagen een nieuwe impuls wil geven. Uiterlijk voorjaar 2027 moet Spanje weer verkiezingen houden, maar als hij dankzij zijn ruzie met de gehate Trump stijgt in de peilingen kan Sánchez dit vervroegen naar de zomer, is een speculatie. Oppositieleider Albert Núñez Feijóo van de rechtse Volkspartij (PP) moet dan ook balanceren. Enerzijds beschuldigde hij Sánchez van partijpolitieke motieven, anderzijds riep hij Trump op Spanje te „respecteren”.
Als het tot strafmaatregelen mocht komen die Spanjaarden in de portemonnee raken, moet blijken hoe hoog Sánchez zijn conflict met Trump wil blijven opspelen. Woensdag was hij ferm over zijn verzet. „Wat pas echt naïef is, is denken dat blind en onderdanig meelopen een vorm van leiderschap is.”
Volg de laatste politieke ontwikkelingen in de VS op de voet