Home

In de Grote Hal van het Volk krijgt alleen Xi Jinping twéé kopjes thee

Nationaal Volkscongres Bij het Nationaal Volkscongres presenteerde de Chinese overheid het nieuwe vijfjarenplan, met een iets lagere groeidoelstelling en veel technologische ambitie. Het is niet de bedoeling dat daarover wordt gediscussieerd.

Journalisten aan het werk op het Plein van de Hemelse Vrede bij de opening van het Nationaal Volkscongres, donderdag in Beijing.

Het heeft iets van een uitermate goed beveiligd schoolreisje. De weg naar de openingsceremonie van het Chinese Volkscongres begint in de vroege ochtend op parkeerplaatsen verspreid over centraal Beijing. Daar stappen zo’n drieduizend volksvertegenwoordigers en journalisten in genummerde touringcars om de laatste paar kilometer naar de Grote Hal van het Volk te overbruggen. Al kletsend lopen ze vervolgens vanaf de licht besneeuwde parkeerplaats langs vier veiligheidscontroles naar binnen.

Dit is waar de Chinese overheid de plannen en het budget voor het komende jaar presenteert aan de volksvertegenwoordiging. Officieel ter goedkeuring, maar er is geen ruimte voor inspraak. De plannen worden achter gesloten deuren voorbereid, en hier worden ze bekendgemaakt door de premier. Ook president Xi Jinping en de rest van de partijtop is aanwezig. Als onderdeel van dit jaarlijkse ritueel wordt veel pers uitgenodigd om de volksvertegenwoordigers te interviewen.

In de gangen van de Grote Hal, een gebouw uit de jaren vijftig in neoklassieke stijl, vol marmer, kroonluchters, en schilderingen van natuurtaferelen, wordt echter vooral bijgepraat met oude bekenden, met een kopje thee – groen of jasmijn. Buitenlandse journalisten krijgen ook thee, uit thermosflessen, maar als ze vragen willen stellen worden ze vriendelijk afgewezen of weggekeken.

Chinese journalisten omringen de volksvertegenwoordigers die wél iets willen vertellen over hun suggesties voor de overheid met livestream-sticks en camera’s. Hun veelal degelijke voorstellen – over het aanpakken van overwerk, hoge kinderopvangkosten, of gedwongen huwelijken op het platteland – staan deze week niet op de agenda, maar vormen signalen uit de maatschappij die beleidsmakers kunnen oppikken. In de aanloop naar het congres doen ze het goed op sociale media.

Bestuursvoorzitter Dong Mingzhu van electronicagigant Gree Electric wordt geïnterviewd voorafgaand aan de openingssessie van het Volkscongres.

Na een ietwat kritische vraag van een Chinese verslaggever over hoe de jeugdwerkloosheid aangepakt moet worden maakt volksvertegenwoordiger Fu Guotao uit Chongqing zich uit te voeten. Iedereen weet dat het produceren van propaganda vanochtend centraal staat. Volksvertegenwoordiger Yang Yongxiu van autobedrijf FAW vertelt dat hij moest huilen toen hij voertuigen van zijn bedrijf zag deelnemen aan de grootse militaire parade die China afgelopen september organiseerde. „Als ik een bijdrage kan leveren aan de technologische autonomie van de natie is mijn leven de moeite waard”, voegt hij eraan toe. Naast ambtenaren uit het hele land telt het volkscongres leden uit het bedrijfsleven, de wetenschap en de culturele sector.

Volksvertegenwoordigers afkomstig uit China’s 55 officiële etnische minderheidsgroepen, die volgens de Chinese wet méér culturele autonomie hebben maar steeds meer te maken hebben met opgelegde assimilatie, verschijnen in traditionele kleding. De dragers ogen trots maar ook wat vermoeid door de eindeloze stroom foto’s die er wordt gemaakt van hun kleurrijke kostuums, inclusief opvallende hoofddeksels.

Langzamere economische groei

Op deze editie van de Chinese Prinsjesdag worden niet alleen de plannen gepresenteerd voor het jaar dat net is begonnen, maar ook het nieuwe vijfjarenplan, dat dit jaar van start gaat. Het vijfjarenplan is een overblijfsel uit de planeconomie. Nu dient het vooral als instrument waarmee het Chinese leiderschap zijn prioriteiten uiteenzet. In elke overheidslaag, maar ook in elk groot bedrijf, worden die vervolgens omgezet in beleid of strategie. Het systeem wordt geprezen als het geheim achter China’s industriebeleid, dat zo gericht en voor langere tijd duidelijke doelen kan nastreven. Maar het kan ook problemen als overcapaciteit in de hand werken als veel regio’s inzetten op dezelfde doelen.

Het afgelopen jaar was „zeer ongewoon”, stelt premier Li Qiang, die een uur lang voorleest uit een rapport dat de plannen samenvat. Toch veranderen de complexe geopolitieke omstandigheden – Amerika wordt als enige land met naam genoemd – niets aan de Chinese koers voor de komende vijf jaar. Die was namelijk al gericht op „autonomer en sterker worden” op het gebied van wetenschap en technologie, en dat blijft het hoofddoel. Dit was het scenario waar China zich op aan het voorbereiden was en de recente geopolitieke onzekerheid bevestigt voor China’s leiders de urgentie van hun strategie. Op de uitspraak dat China het afgelopen jaar heeft bijgedragen aan een vreedzame wereld volgt applaus.

De Chinese premier Li Qiang buigt voor het Nationaal Volkscongres voordat hij de nieuwe overheidsplannen presenteert.

Nieuw is wel het groeidoel voor de economie dit jaar. De doelstelling wordt voor het eerst geformuleerd als een bandbreedte, in plaats van één streefgetal. Lokale overheden moeten proberen 4,5 à 5 procent groei te realiseren. Vorig jaar groeide de Chinese economie officieel met 5 procent, precies zoals gepland, maar of dat klopt valt te betwijfelen. Veel individuele regio’s rapporteerden lagere cijfers. De wat lagere en ruimere doelstelling dit jaar moet laten zien dat de overheid liever wat langzamere groei ziet in innovatieve sectoren, dan snelle groei die minder oplevert.

Tegelijk blijft groei belangrijk en moet er geïnvesteerd worden „in zowel goederen als mensen”. De term ‘investeren in mensen’ is ook nieuw, en is een manier om broodnodige overheidsuitgaven op het gebied van zorg en sociale verzekeringen te presenteren als investeringen die zich op termijn zullen terugbetalen. Beijing ging de afgelopen decennia veel leningen aan om infrastructuur mee te financieren, maar was terughoudend met geld uitgeven voor de opbouw van een welvaartstaat. Nu de economie kwakkelt en de binnenlandse consumptie achterblijft omdat veel Chinezen aarzelen geld uit te geven dat ze niet hebben, lijkt die knop om te gaan.

Zuiveringscampagne in het leger

Vanaf het mediavak op het tweede balkon zijn de gezichtsuitdrukkingen van de tientallen hooggeplaatsten die vooraan op het podium zitten niet te zien. Wel kun je zien dat president Xi Jinping, centraal in beeld, op het tafelblad voor zich als enige niet één maar zijn gebruikelijke twee theekopjes tot zijn beschikking heeft. Tijdens de speech van Li neemt de president, die de afgelopen veertien jaar op allerlei vlakken de macht naar zich heeft getrokken, af en toe een slokje.

De Chinese president Xi Jinping bij de openingsceremonie van het Volkscongres.

Je zou bijna vergeten dat er achter deze kalmte zoveel politiek drama schuilgaat. Ruim een maand geleden nog stelde Xi onverwacht een onderzoek in naar generaal Zhang Youxia, de nummer twee van het leger die hij al zijn hele leven kende, en die anders hier vandaag in de zaal had gezeten. Ook tientallen andere kopstukken in het leger werden gezuiverd omdat er problemen zouden zijn met hun politieke loyaliteit. De precieze redenen blijven onduidelijk voor de buitenwereld. Dat het Volkscongres dit jaar ruim honderd aanwezigen minder telt dan vorig jaar is waarschijnlijk voornamelijk te wijten aan de gekrompen militaire delegatie.

Aan de plannen voor het leger valt weinig af te lezen, al wordt er gehamerd op het absolute leiderschap van de Communistische Partij over de strijdkrachten. Het militaire budget groeit dit jaar met 7 procent, iets minder dan vorig jaar.

Tegen het einde van Li’s speech komt Taiwan aan bod. De premier haalt fel uit naar „separatisten” en „externe partijen die zich met [het Taiwan-vraagstuk] bemoeien”, en zegt dat China verder moet werken aan een hereniging met het democratisch bestuurde eiland. De bewoording is vrijwel hetzelfde als in het rapport van vorig jaar, en zoals gebruikelijk wordt er niets gezegd over de manier waarop die hereniging volgens China’s leiders zou moeten plaatsvinden.

Na ruim twee uur loopt de grote hal weer leeg richting de parkeerplaats vol bussen. Volgende week volgt nog een plenaire sessie om te stemmen over alle plannen. Er is nog nooit een voorstel weggestemd.

Vijfjarenplan Meer innovatie, minder broeikasuitstoot

In China’s vijfjarenplan ligt de nadruk op technologische innovatie. Elk van de komende vijf jaar (2026-2030) moet het innovatiebudget met ten minste 7 procent stijgen. Sectoren die veel aandacht krijgen zijn AI en de digitale economie, kwantum en groene technologie.

China stelt ook nieuwe doelen op het gebied van voedsel- en energieveiligheid, en belooft de broeikasuitstoot per eenheid van het bbp met 17 procent te laten dalen. Omdat China rekent op een economische groei van 4,5 à 5 procent is de absolute uitstootdaling minder. Om China’s belofte te halen dat de absolute uitstoot van broeigassen voor 2030 moet pieken, zou het doel bij de huidige groeiprognose nog niet ambitieus genoeg zijn.

Verder moet in 2030 de gemiddelde levensverwachting in China gestegen zijn naar 80 jaar (op dit moment is die 79,25 jaar).

Het komende jaar groeien de budgetten voor wetenschap (10 procent) en diplomatie (9 procent) het hardst. Net als vorig jaar wil de Chinese overheid om het nationale overheidstekort rond de 4 procent te houden. Verborgen schulden die een probleem vormen voor lokale overheidsfinanciën moeten wel met „ijzeren discipline” worden aangepakt.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief Wereldzaken

Terugblikken, extra analyses en leestips bij de laatste uitzending van de podcast Wereldzaken.

China

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next