God, familie, defensie. Dat is waar pelotonscommandant Robert-Jan Midavaine voor leeft – in die volgorde. Hij is 25 en geeft al leiding aan dertig infanteristen met wie hij op uitzending naar Litouwen wil. ‘Thuis mag ik zachter zijn.’
schrijft voor de Volkskrant over theater en human interest
Hoe ben je opgegroeid?
‘In het mooie Hendrik-Ido-Ambacht, in een gezin van zes. Ik ben christelijk opgevoed. Van jongs af aan mocht ik elke zondag naar de kerk. Samen met mijn oudere zus, mijn jongere zusje en broertje renden we er dan naartoe. Nu is iedereen uitgevlogen, maar op zondag komt iedereen weer terug bij vader en moeder. Door ons geloof zijn we een hecht gezin.’
25 in 26
In de serie 25 in 26 vragen we jongeren die dit jaar 25 (zijn ge)worden hoe ze zijn geworden wie ze zijn en hoe ze hun toekomst zien. Meedoen? Mail een korte omschrijving (opleiding/woonplaats/bijzonderheden) naar: 25in26@volkskrant.nl.
Wat heeft het opgroeien met de kerk je gebracht?
‘Heel veel. De Bijbel biedt veel aanknopingspunten voor hoe je het leven dient te leven. Zo ben ik dan ook opgevoed: met eerlijkheid, betrouwbaarheid en dienstbaarheid als belangrijke waarden. Ik denk dat een groot deel van die waarden maakte dat ik bij defensie wilde werken.’
Hoe oud was je toen je wist dat je militair wilde worden?
‘Dat begon al heel jong. In groep drie tekende ik al soldaten in mijn schrift en was ik uren zoet met stripboeken over de oorlog. Mijn vader was zeer geïnteresseerd in de Tweede Wereldoorlog. Altijd als we op vakantie gingen, wilde hij naar een oorlogsmuseum. Ik denk dat hij mij stiekem heeft geïnspireerd. Er wordt weleens gezegd: een droom kan ook een vloek zijn omdat je die na moet jagen, maar voor mij voelt defensie als het juiste levenspad.’
‘Ik heb de Koninklijke Militaire Academie in Breda gedaan en ben nu officier. Mijn huidige functie is pelotonscommandant, dus ik geef leiding aan een eenheid van dertig man. Doordeweeks slaap ik hier op de kazerne (Havelte in Drenthe, red.) en in het weekend ga ik terug naar Hendrik-Ido-Ambacht.
‘Mijn eenheid behoort tot de infanterie. Dat is het vuile werk, het echte knokken. Wij moeten het gaan doen aan de frontlinie. Volgende week trainen we hierachter in het bos drie dagen in de loopgraven. Onze brigade heeft de zwaarste militaire middelen van heel Nederland. Over twee weken gaan we naar Duitsland om te trainen met onze pantservoertuigen. Dat is dan echt schieten, met onze jongens rennend ernaast. Ik ren daar dan met mijn wapen tussen, en geef tegelijkertijd leiding.’
En je bent 25.
‘Ja, dat is uniek, en dat besef ik. Veel jongens onder me zijn ouder dan ik. Dat geeft een groot verantwoordelijkheidsgevoel, maar het laat ook zien dat leeftijd er niet toe doet als je leiderschapskwaliteiten bezit. Ik ben keihard met ze aan het werk om op termijn met onze eenheid op een mogelijke uitzending naar Litouwen te kunnen. Daar moeten we aan de grens de Russen afschrikken met onze pantservoertuigen. Maar ja, als Rusland tóch binnenvalt, moeten we er klaar voor zijn.
‘Dat betekent gesprekken voeren met de jongens van 19, die soms net van de opleiding komen: wat betekent het om op uitzending te gaan? Om in een verschrikkelijke situatie terecht te komen? Wat betekent het dat er een kans is dat ik zal sneuvelen? Wil ik dat?’
Robert-Jan Midavaine is 25 geworden op 8 oktober 2025.
Woonplaats Hendrik-Ido-Ambacht
Hoe volwassen vind je jezelf op een schaal van 1 tot 10?
‘9 op 10. Ik draag in mijn werk ongelooflijk veel verantwoordelijkheid en daarvoor is volwassenheid een vereiste.’
Voel je jezelf onderdeel van een generatie?
‘Niet specifiek. De dingen die we doen en meemaken maken ons tot wie we zijn, niet onze leeftijd. Ik voel me verbonden met de mensen met wie ik leef, niet zozeer met mijn generatie.’
Waar ben je over zeven jaar?
‘Ik hoop getrouwd, met een prachtig gezin. Ik hoop dat ik op uitzending ben geweest, ervaring heb opgedaan als militair en leidinggevende.’
Wat betekent dat voor jou?
‘Het hoort bij het beroep. Het is belangrijk werk.’
Is dat het hele antwoord?
‘Kijk, als je me nu vraagt: ben je bereid te sneuvelen? Dan zeg ik nee. Ik wil niet dood. Maar ik ben wel bereid het risico te lopen. Ik wil in situaties komen waarin ik iets kan betekenen voor mijn medemens, voor de veiligheid van Nederland, voor de vrijheid die we hebben in dit land.
‘Ik vind: goede dingen mogen wat kosten. Dat heeft de geschiedenis ons al laten zien. In het beste geval heb je geen defensie nodig, geen militairen, geen politie. Maar in deze wereld gaan dingen niet volgens het boekje, en als je wilt beschermen wat je lief is, dan zullen mensen daar actief voor moeten vechten.’
In de plannen van het huidige kabinet gaat het extra geld naar Defensie ten koste van sociale zekerheid, wat vind je daarvan?
‘Ik ben natuurlijk blij dat Defensie meer geld krijgt, en helaas, écht helaas, moet dat ten koste gaan van andere dingen. Maar ja, bot gezegd: zonder veiligheid is er ook geen sociale zekerheid. Dus wat is dan je prioriteit?’
Zonder veiligheid heb je niks, zoals Defensieminister Yeşilgöz zou zeggen.
‘Precies.’
Hoe ziet je leven op de kazerne eruit?
‘Ik werk in principe gewoon van 8 tot 5. Dat is soms kantoorwerk, dan ben ik oefeningen aan het voorbereiden of een opleidingsprogramma aan het schrijven. In de avond ga ik nog een uurtje sporten, lees ik een boek of regel ik persoonlijke zaken. In juni ga ik trouwen met mijn vriendin, we hebben net een huis gekocht, dus er valt genoeg te regelen voor de toekomst.’
Maak je je soms zorgen over de toekomst?
‘Ja en nee. Ja, omdat ik me, zeker met de oorlog in Oekraïne nu, goed besef dat al onze vrijheden van de ene op de andere dag weg kunnen zijn, dat je land ineens in oorlog kan zijn. Aan de andere kant wil ik graag op het hier en nu focussen, en niet in angst leven.’
Het is interessant dat je werk in het teken staat van een eventuele toekomstige oorlog, maar het je toch lukt om in het hier en nu te leven.
‘Juist omdat we ons goed voorbereiden op wat komt, kunnen we dankbaar zijn voor wat we nu hebben. Ik haal veel rust uit de Bijbel. Het ligt allemaal in de handen van God. Hoe het gaat, moet het gaan. Ik vervul daarin mijn taak, het pad dat mij gegeven is. Ik heb een huis mogen kopen, ik ga trouwen; daar ben ik God dankbaar voor. Ik ben ook niet bang om te sterven, omdat ik weet dat ik geborgen ben bij Jezus. Uiteindelijk leert de Bijbel me om liefdevol om te gaan met het leven en met anderen.’
Zou je defensie een liefdevolle plek noemen?
‘Dat is een interessante. Het is een keiharde wereld waarin het soms flink afzien is, maar juist daarom is er geen organisatie die zoveel kameraadschap en daarmee zoveel liefde in zich draagt. Je doet het met elkaar en je weet: als ik in die loopgraaf sta, of ik nou luitenant of soldaat ben, we steunen elkaar en we beschermen elkaar.’
Is dit niet ook een beetje het verkooppraatje van defensie?
‘Nee, ik ervaar dat dagelijks. Ik heb kameraden voor het leven ontmoet, en ik ben elke dag ongelooflijk trots op wat wij neerzetten als groep. Iedereen hier heeft het op momenten, tijdens koude nachten in het bos, ongelooflijk zwaar gehad. Dat schept een band.’
Ben je nooit eenzaam op de kazerne?
‘Natuurlijk mis ik thuis weleens, mijn familie en vrienden, maar dat is goed. Dan weet ik weer voor wie ik dit doe. Dit is het mooiste werk dat er is, en als ik me eenzaam voel, dan weet ik dat ik aan kan kloppen bij de kamer naast me om met iemand te praten die dat ook zo ziet.’
Als het interview op zijn einde loopt, stelt Midavaine een vraag aan de interviewer: ‘Denk je dat men nu een goed beeld heeft van de persoon achter de militair?’
Leuke vraag! Waar komt die vandaan?
‘Ik hoop dat mensen zien dat er achter elke militair een mens schuilgaat. Maar ik merk dat ik het moeilijk vind om helemaal ontspannen te antwoorden, omdat ik hier, in dit uniform, moeilijk loskom van de houding en taal van een leidinggevend militair. Misschien hadden we het interview beter bij mij thuis kunnen doen, in burgerkleding. Hier loop ik met kin omhoog en borst vooruit. Thuis mag ik zachter zijn.
‘Ik kan me soms zorgen maken over mijn functioneren als man. Hoe ik een goede vriend kan zijn voor mijn vriendin en een goede vader in de toekomst. Ben ik in staat om de veilige basis te zijn die ik wil zijn? Ben ik in staat om er straks voor hen te zijn, thuis? Mijn ouders waren allebei veel thuis, dus ik weet hoe belangrijk dat is, dat iemand aanwezig is.
‘Als ik daaraan denk kan ik me schuldig voelen. Dat de mensen van wie ik hou offers moeten brengen, zodat ik kan doen wat ik doe. Mijn vriendin zal er straks soms alleen voor staan. Ook als we trouwen en kinderen krijgen, blijf ik doordeweeks op de kazerne wonen. Dan zal ik soms onbereikbaar zijn, en haar niet altijd kunnen helpen.’
Heb je ooit getwijfeld om kinderen te krijgen?
‘Nee, dat is voor mij een van de mooiste dingen op aarde. Uiteindelijk is het simpel: God is het allerbelangrijkste in mijn leven, daarna mijn vrouw, mijn kinderen en dan pas mijn werk, hoe mooi en belangrijk ik dat werk ook vind. Ik weet dat mijn vriendin volledig achter me staat, maar mocht een keuze ooit nodig zijn, dan zal ik altijd kiezen voor mijn familie.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant