Wong Kar-wai Hyperstilist Wong Kar-wai wordt nog steeds op handen gedragen door filmliefhebbers. Zijn wervelende, dertigdelige serie ‘Blossoms Shanghai’ speelt zich af tijdens de economische bloei van Shanghai in de jaren negentig.
Still from Blossoms Shanghai
Blossoms Shanghai. Regie: Wong Kar-wai: Met: Hu Ge, Xin Zilei, Tiffany Tang, Ma Yili, You Benchang, Huang Yue. 30 afleveringen van ca. 47 minuten, te zien op: Mubi.
Het zijn niet alleen de schelle ritmische pianoklanken van het upbeat muziekje tijdens de credits waardoor Blossoms Shanghai meteen aan Succession doet denken. De beide series hebben ook de wereld van het hyperkapitalisme gemeen, en de vraag wie daar de macht heeft. Alleen speelt de nieuwe dertigdelige serie van Wong Kar-wai zich twaalfduizend kilometer verderop af, niet in een verkild New York maar in een wervelend Shanghai aan het einde van de vorige eeuw. Een ‘boomtown’ in China’s roaring nineties; in de eerste aflevering wordt de beurs van Shanghai na veertig jaar heropend. Waarna de met flair en jazz vertelde opkomst (en mogelijke ondergang) van ‘self-made’ aandelenhandelaar Ah Bao volgt. Het had zo uit The Great Gatsby kunnen komen.
Hoewel zo’n beetje elke scène over de mysterieuze aandelenhandelaar Ah Bao gaat – als hij niet in beeld is dan hebben ze het wel over hem – draait de serie evenzeer om de drie vrouwen die als planeten om hem heen cirkelen. Zo is hij mede-eigenaar van het restaurant Tokyo Nights, gerund door de op geld beluste Ling Zi. Met Miss Wang, die op het staatskantoor voor buitenlandse handel werkt, onderhoudt Ah Bao een al even transactionele relatie. Hij heeft haar nodig voor tips en contacten, maar daaronder broeit het. En dan is er nog Li Li, die alle kenmerken heeft van de klassieke femme fatale. Als nieuwe eigenaar van het chique restaurant Grand Lisbon dingt zij naar zijn clientèle.
Dan zijn er nog twee belangrijke mannelijke bijfiguren. Allereerst Oom Ye, een financieel genie dat hem de trucjes van het vak leert. Als Ah Bao zich de eerste keer bij de gepensioneerde Ye meldt, is hij een niemand uit nergensland (Ah Bao’s geheimzinnige verleden is de hele serie bron voor speculatie en roddel). Ye spreekt in verzen en metaforen en geeft hem, meer nog dan inzicht in de financiële wereld, levenslessen mee. Als tegenstrever vindt hij ene Qiang tegenover zich, een extreem competitieve durfkapitalist die het nieuwe geld vertegenwoordigt.
Ondanks deze sterke plotelementen is Blossoms Shanghai helemaal zoals je zou verwachten van de regisseur van sferische films als de romantische stadsymfonie Chungking Express (1994), het hartenbrekende In the Mood for Love (2000) en wuxiafilm The Grandmaster (2013). Elliptisch, impressionistisch, en elk frame zo mooi dat je het wel zou willen inlijsten, als het volgende niet nog veel mooier was, omdat film nou eenmaal om bewegende beelden gaat die samen betekenis krijgen.
Is het art pour l’art? Soms. Is het erg? Niet per se. Om de vergelijking met Succession door te trekken: was dat niet ook een symfonie van cameravoering en repeterende dialogen? Waar Kendall Roy verstrikt was in het web van zijn familie, zit Ah Bao gevangen in de groeven van de geschiedenis, tussen het collectivisme van Mao en het markt-communisme van Deng Xiaopeng.
Blossoms Shanghai is een ode aan hoe de als kind met zijn familie naar Hong Kong geëmigreerde Wong (1958) zich zijn geboortestad herinnert. Hoewel veel van de scènes zich binnenshuis afspelen, liet hij de beroemde Huanghe Road nabouwen in de studio om zich uit te leven op neonverlichte nachtschappen, vol schaduwen in glinsteringen als een volmaakte neo-noir. Lichtreclames bloeien als zijden bloemen. Met behulp van montagetechnieken kan hij de tijd versnellen en vertragen in een enkel shot. Als er een auto vertrekt, kijkt er altijd wel iemand op de achterbank verlangend achterom.
Wong Kar-wai is nou eenmaal de regisseur van de hunkering. Van de melancholie. De belangrijkste vertelstemmen zijn voice-overs – en ook dat zijn we van hem gewend. Hij maakt films over hoe het voelt, niet over hoe het is. En dat het drie jaar duurde voordat hij alles had gedraaid, komt ook omdat hij elke aflevering als een speelfilm benaderde. Zijn perfectionisme zat hem ook in de weg: acteurs klaagden over oververmoeidheid, en hoofdrolspeler Hu Ge kondigde na afloop aan een lange vakantie te nemen. Wong kennende zal hij aan de beelden blijven werken. Misschien volgt er ooit een speelfilmversie. Of een director’s cut. Zelfs van In the Mood for Love kondigde hij vorig jaar een langere versie aan. Net als Ah Boa weet hij niet of zijn filmuniversum „allemaal een droom is, of een realiteit waar we niet uit kunnen ontwaken”.