schrijft voor de Volkskrant over cabaret, stand-upcomedy en musical.
Na een wat trage start, in het najaar, zitten we inmiddels in een cabaretseizoen waarover ik met de week enthousiaster word. In januari en februari gingen er een paar geweldige shows in première. Voor diepgravend engagement is er Micha Wertheim voor iedereen, voor het onder-je-stoel-van-het-lacheneffect was daar Mijn lieve achterdocht, de nieuwe solo van Ronald Goedemondt.
Nu krijg ik weleens reacties als ‘Heel leuk en aardig, Joris, dat je met sterren strooit, maar hoe kunnen wij dan aan kaartjes komen?’ Dit praktische probleem geldt vooral bij Ronald Goedemondt. Al voordat ik mijn recensie schreef, was zijn tournee volledig uitverkocht. Dit seizoen speelt Goedemondt Mijn lieve achterdocht nog maar tot en met 15 maart. Er is geen enkele kaart meer voor te krijgen.
Wekelijks neemt Bor Beekman, Robert van Gijssel, Els de Grefte, Joris Henquet, Merlijn Kerkhof of Anna van Leeuwen stelling in de wereld van film, muziek, theater of beeldende kunst.
Om de lezers te hulp te schieten besloot ik daarom tips te vragen aan Robert-Jan Veen, de impresario van Ronald Goedemondt van theaterbureau De Keet. Hoe scoor je kaartjes?
Veen had (relatief) goed nieuws: ‘In april gaat de nieuwe tournee van Mijn lieve achterdocht in de verkoop, voor het hele theaterseizoen 2026-2027. Dit gaat wel via een lotingsysteem. In de nieuwsbrief van De Keet en die van de theaters, en ook op sociale media, worden data aangekondigd waarop de kaartverkoop bij het theater van jouw voorkeur van start gaat. Je krijgt vanaf die datum twee dagen om je in te schrijven. Je hoeft hierbij niet zo vroeg mogelijk te zijn. Na die twee dagen gaat het theater loten en krijg je te horen of je kaartjes kunt kopen.’
Deze lotingen hebben een reden, want bij Veens impresariaat zitten twee van de populairste cabaretiers van Nederland: naast Ronald Goedemondt ook Jochem Myjer. Volgens Veen is de vraag naar hun shows tien tot twintig keer zo groot als het aantal kaarten dat beschikbaar is.
Een paar jaar terug is er daarom een lotingsysteem ingevoerd, om te voorkomen dat mensen op een bepaald tijdstip in opperste staat van stress in een digitaal gevecht om kaarten belanden. Ook worden kaarten nu verstrekt als ‘smart tickets’ via de diverse ticketsystemen van de theaters. Hierdoor wordt het vrijwel onmogelijk voor tussenhandelaren om kaarten illegaal door te verkopen.
Veen is tevreden over zijn lotingsysteem, omdat het eerlijker is. ‘Dit is eigenlijk de digitale versie van wat er lang geleden ook gebeurde, toen theaters nog met inschrijfformulieren werkten. Bij overvraagde voorstellingen gingen die formulieren toen ook gewoon in de bak en werd er geloot, en dan had je mazzel of niet.’
Het zou zomaar kunnen dat in de toekomst ook cabaretiers van andere theaterbureaus gaan werken met dit systeem. Cabaret is in Nederland dusdanig populair dat het ook bij publiekstrekkers als Peter Pannekoek, Daniël Arends en Van der Laan & Woe een enorme uitdaging is om aan kaarten te komen.
Gelukkig zijn er ook nog heel veel cabaretiers die minstens zo veel kwaliteit leveren, en voor wie je veel makkelijker kaarten kunt krijgen.
Ik sluit daarom af met drie cabaretiers die nu nog prima toegankelijk zijn: Marie Koet, David van Rosmalen en Wina Ricardo. Deze jonge comedians vormden bij de Volkskrant-verkiezing van ‘het comedytalent van 2026’ de top 3. De komende tijd zijn ze te zien met try-outs van hun debuutvoorstellingen – alle drie warm aanbevolen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns