Billy Zijp wordt dit jaar 25, maar op de schaal van volwassenheid geeft ze zichzelf een zesje: ze woont nog thuis en daten doet ze niet. Een nieuwe baan heeft ze wel. ‘Ik vond dat het tijd was om meer te focussen op mijn toekomst.’
Hoe ben je opgegroeid?
‘In Alkmaar, met mijn moeder en mijn zus. Mijn vader is overleden toen ik 4 was. Hij kreeg een hartaanval in zijn slaap. Mijn moeder probeerde hem nog te reanimeren, maar dat is niet gelukt.’
Wat heftig. Hoe ging je daar als kind mee om?
‘Ik heb veel verdriet gehad. Mijn moeder vertelt vaak dat ik maanden na zijn overlijden als we een patatje gingen halen nog steeds zei: nu hoeven we geen broodje shoarma te bestellen. Dat vond hij namelijk het lekkerst. Ik denk dat ik dat deed omdat ik nog moest beseffen dat hij er niet meer was. En ook nooit meer zou terugkomen.
25 in ’26
In de serie 25 in ’26 vragen we jongeren geboren die dit jaar 25 (zijn ge)worden hoe ze zijn geworden wie ze zijn en hoe ze hun toekomst zien. Meedoen? Mail een korte omschrijving (opleiding/woonplaats/bijzonderheden) naar: 25in26@volkskrant.nl
‘Ik ben naar de psycholoog en de kindertherapeut geweest om alles een plekje te kunnen geven. Ook thuis praatten we er veel over. Dat vond mijn moeder belangrijk, anders wordt de pijn alleen maar groter. Nu hebben we het nog steeds veel over hem, maar wel minder dan vroeger. Twintig jaar is een lange tijd. Ik ben er niet overheen, maar ik heb geleerd om ermee om te gaan.
‘Ik woon met mijn moeder nog steeds in hetzelfde huis waar hij is overleden. Dat voelt soms gek, maar ik ben ook gehecht aan deze plek: ik heb er zoveel fijne herinneringen. Zijn dood heeft namelijk ook mooie dingen gebracht. Mijn moeder, zus en ik hebben er een sterke band door gekregen. Zij zijn mijn beste vriendinnen.’
Heb je herinneringen aan je vader?
‘Nou ja… Hij filmde veel. Ik heb vooral herinneringen aan zijn videobandjes. Daarop zie je bijvoorbeeld hoe mijn vader en ik samen op een kleedje een boek lezen, toen we met z’n viertjes op vakantie in Frankrijk waren. Van mijn familie heb ik natuurlijk ook veel verhalen over hem gehoord. Ik vind het moeilijk te accepteren dat dat niet écht mijn eigen herinneringen zijn. Daarom doe ik liever alsof dat wel zo is.’
Wat voor kind was je?
‘Tot mijn 10de was ik heel vrolijk, ik was altijd aan het dansen. Maar als puber ging ik meer in mijn hoofd zitten, nadenken over het leven en piekeren over moeilijke onderwerpen, zoals de dood van mijn vader. En ik werd me ineens erg bewust van hoe ik overkom. Sindsdien ben ik nogal afwachtend en verlegen.
‘Dat heb ik nog steeds: ik neem niet graag ruimte in. Als ik praat, doe ik dat bijna nooit met een harde stem. En ik moet altijd even nadenken voordat ik iets zeg. Ik heb meer met beelden dan met woorden; in mijn hoofd zie ik vooral plaatjes. Dat maakt het lastig om te verwoorden hoe ik me voel.
‘Daarin lijk ik blijkbaar op mijn vader. Mijn zus heeft juist de persoonlijkheid van mijn moeder. Zij zijn allebei erg aanwezig, zeggen meteen wat ze vinden. Mijn zus heeft een keer een filmpje van ons kerstdiner op haar Instagrampagina geplaatst. Toen dachten mensen zelfs dat ze ruzie hadden, omdat ze zo luid met elkaar praatten. Maar zo zijn hun gesprekken gewoon.
‘Vroeger zorgde dat soms voor botsingen, want ik voelde me niet altijd gehoord. Maar daar gaan we nu beter mee om. Zij houden rekening met mij en ik probeer me vaker uit te spreken.’
Heb je al behoefte om uit huis te gaan?
‘Een eigen huisje zou leuk zijn. Misschien in Alkmaar, of ergens anders, dat maakt me niet zoveel uit. Maar ik ben nog niet actief op zoek. Mijn moeder en ik werken op andere dagen, dus ik heb hier genoeg tijd voor mezelf. En het is lekker dat zij voor mij kan koken als ik moet werken, en andersom.’
Wat voor werk doe je?
‘Toevallig heb ik net mijn eerste week bij een printshop achter de rug. Ik heb de mbo-opleiding mediavormgeving gedaan en wil graag grafisch vormgever worden, het liefst in de culturele wereld. Op deze werkplek kan ik meer ervaring opdoen met grafische producties. Ik hoop nieuwe dingen te leren over soorten papier en grafische computerprogramma’s. Het is een stapje dichter bij wat ik leuk vind.
‘Zo’n nieuwe baan is wel spannend. Ik heb faalangst, dus ik vind nieuwe dingen proberen wat enger dan anderen. Hiervoor werkte ik tweeënhalf jaar als verkoper bij de Sissy Boy. Dat voelde heel comfortabel, dus het was makkelijk geweest om te blijven. Maar ik begon daar steeds meer het gevoel te krijgen dat ik een beetje verdwaald was.’
Waardoor kwam dat, denk je?
‘Ik ben vijf jaar jonger dan mijn zus en heb mezelf altijd met haar vergeleken. Toen zij 24 was, vond ik haar heel volwassen. Nu ben ik zelf zo oud, maar voelt het alsof ik nog tussen mijn tienerjaren en volwassenheid in sta.
‘Het hielp niet mee dat mijn werk bij de Sissy Boy als een soort bijbaantje voelde, hoewel ik er wel gewoon hard werkte, vier dagen per week. Maar ik merkte ook dat anderen het niet echt als een serieuze baan zagen. Daarom vond ik dat het tijd was om meer te focussen op mijn toekomst.’
Voel je je nu nog steeds verdwaald?
‘Minder. Dat komt door die nieuwe baan, maar ook doordat ik laatst mijn rijbewijs heb gehaald. Dat stond al zo lang op mijn to-dolijst, maar ik bleef het maar uitstellen omdat ik het zo eng vond. Ik ben trots dat ik het nu eindelijk kan doorkrassen. Het is ook nog eens heel goed gegaan: ik heb mijn praktijkexamen in één keer gehaald.’
Heb je een relatie?
‘Nee, nooit gehad. Ik date ook niet echt. Ik heb wel datingapps, maar daarop is het swipen vooral een leuk spelletje. Tot een date komt het eigenlijk nooit.
‘Wat ook meespeelt, is dat ik het sowieso lastig vind om met mannen om te gaan. Ik kan niet helemaal uitleggen waardoor dat komt, maar zo ben ik gewoon. Misschien heeft het ermee te maken dat ik geen vaderfiguur heb gehad, ik weet het niet.
‘Het is niet zo dat ik meteen een andere kant op loop als ik een man tegenkom. Maar ik heb wel het gevoel dat mannen altijd iets van me willen. Op de middelbare school heb ik een paar mannelijke vrienden gehad, maar die gingen me dan ineens leuk vinden. Dan dacht ik: dit is niet de bedoeling!
‘Ik heb maar weinig mannen in mijn leven. Ik zie de man van mijn zus regelmatig en heb goed contact met onze buurman, maar dat is het enige. Op mijn nieuwe baan heb ik trouwens ook veel mannelijke collega’s. Dat is echt even wennen, want bij de Sissy Boy werkten alleen vrouwen.
Billy Zijp wordt 25 op 22 augustus.
Woonplaats: Alkmaar
Hoe volwassen vind je jezelf op een schaal van 1 tot 10? ‘6. Ik woon nog bij mijn moeder en hoef dus nog geen huur te betalen. Voor mijn gevoel hoort het bij volwassenheid dat je je zorgen maakt over dat soort dingen.’
Voel je jezelf onderdeel van een generatie? ‘Ik denk het. Maar ze zeggen soms ook dat gen Z’ers niet hard willen werken. Daarin herken ik mezelf niet.’
Waar ben je over zeven jaar? ‘Het liefste zou ik dan merchandise voor muzikanten ontwerpen.’
‘Op TikTok zie je nu een soort golf van vrouwen die helemaal niet met mannen willen daten. Maar het is niet alsof het bij mij een feministisch statement is, of zoiets. Ik heb er gewoon geen behoefte aan.’ Ze schiet in de lach. ‘Misschien was het wel makkelijker geweest als ik op vrouwen zou vallen.’
Volg je het nieuws?
‘Ja, ik volg de NOS op Instagram en kijk ’s avonds het journaal. Het is toch wel een lichtelijke puinhoop – in Nederland, maar ook zeker in de rest van de wereld. Mensen worden vermoord alsof het niets is.
‘Kijk, ik zal nooit alles begrijpen of overal de oplossing voor weten. Ik ben maar een klein mens op een grote aardbol. Maar ik wil wel doen wat ik kan. Daarom doneer ik aan goede doelen die ik belangrijk vind. Nu is dat bijvoorbeeld Artsen zonder grenzen, vanwege Gaza. En ik heb ook wel geprotesteerd, bordje mee, dat soort dingen. Na de moord op de 17-jarige Lisa uit Abcoude, in augustus vorig jaar, ben ik bijvoorbeeld gaan protesteren met een bord waarop stond: ‘Niet alle mannen, maar wel altijd mannen.’
Ben je gelukkig?
‘Ik denk het. Ik ben me ervan bewust dat ik veel leuke dingen kan doen: afspreken met mijn zus en mijn vrienden, naar festivals en concerten gaan. En ik ben blij dat het weer zomer gaat worden, ook al is het nog maar februari.
‘Natuurlijk ben ik vaak bang. Maar tot voor kort had ik een lange periode waarin ik alle uitdagingen uit de weg ging. Toen was ik bijna nooit verdrietig en angstig, maar eerlijk gezegd ook nooit vrolijk. Blijkbaar moet ik soms bang zijn om me gelukkig te kunnen voelen. Natuurlijk zou die angst soms wel wat minder mogen. Maar je kan niet alles hebben. Zo is het leven nou eenmaal.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant