Home

Noorwegen eindigt eerste in het medailleklassement, maar Zweden heeft de beste vrouwen

Langlaufer Johannes Høsflot Klaebo met de gouden medaille die hij op de 10 kilometer won.

Met zijn zes gouden medailles is Johannes Høsflot Klaebo onbetwist de grote man van de zondag geëindigde Olympische Winterspelen in Milaan-Cortina d’Ampezzo. De 29-jarige Noorse langlaufer is niet alleen de meest succesvolle winterolympiër aller tijden (elf keer goud op drie Winterspelen, eenmaal zilver en eenmaal brons), hij had ook de grootste bijdrage aan de oogst van zijn land.

Noorwegen is met groot verschil bovenaan het medailleklassement geëindigd, met achttien gouden medailles, twaalf keer zilver en elf keer brons. De nummer 2 en 3, de Verenigde Staten en Nederland, staan op gepaste afstand met respectievelijk twaalf en tien keer goud. Een knappe prestatie van twee relatief kleine landen: Noorwegen telt zo’n 5,6 miljoen inwoners en Nederland zo’n 18 miljoen, tegen de VS met ruim 332 miljoen inwoners.

Maar naar het medailleklassement is ook met een andere bril te kijken. Hoe zien die klassementen er bij afzonderlijk de mannen en vrouwen uit? Wat zegt de welvaart van een land over de sportieve successen? En wat zijn de verschillen in leeftijd?

In het vrouwenmedailleklassement eindigde niet Noorwegen maar de Verenigde Staten, Zweden, Nederland en Italië op de eerste plek. De vrouwen van alle vier de landen wonnen zes keer goud. Zweden eindigt uiteindelijk eerste, omdat de vrouwen uit dat land de meeste zilveren medailles wonnen (6). Aan Nederlandse kant werden zes van de tien gouden medailles door vrouwen gewonnen.

Het succes van de Verenigde Staten überhaupt grotendeels te danken aan de Amerikaanse vrouwen: zij wonnen 17 van de 28 medailles. Ook voor onder meer Zweden, Canada en Duitsland behaalden vrouwen meer medailles dan mannen.

In de medaillespiegel voor alleen mannen gaat Noorwegen wel aan kop. Dat komt mede dankzij het succes langlaufer Johannes Høsflot Klaebo. Hij won maar liefst zes gouden medailles deze Spelen. Nederland staat op een gedeelde tweede plaats, samen met Zwitserland en Duitsland.

De Noorse medailles zijn economisch gezien efficiënt behaald, het bbp-klassement wordt namelijk aangevoerd door Noorwegen. Het bbp (bruto binnenlands product) laat zien wat er in een land wordt verdiend. Om het klassement te bepalen, is dat getal gedeeld door het aantal gouden medailles dat een land heeft gewonnen.

In het geval van Noorwegen staat tegenover elke medaille 12 miljard dollar aan bbp. Brazilië behaalde één gouden medaille, hier staat ruim 2.000 miljard dollar aan bbp tegenover. Daarbij moet gezegd dat die medaille werd gewonnen door alpineskiër Lucas Pinheiro Braathen, die opgroeide in Noorwegen en daar leerde skiën.

Het succes van een land op de Spelen wordt natuurlijk niet alleen bepaald door het bbp. Zo speelt het aantal inwoners van een land een belangrijke rol, net als het klimaat – wintersporten uitoefenen is maar in een beperkt aantal landen mogelijk – en de interesse in een sport in een land. Bovendien zijn er in de ene sport veel meer medailles te winnen dan in de andere. Zo zijn er in het alpineskiën dertig medailles verdeeld, tegenover zes in het ijshockey.

Gerangschikt op leeftijd, blijkt dat het succesvolste cohort tussen de 20 en de 30 jaar oud zijn. Er zijn ook sporters die het hoogste niveau tot op hoge leeftijd weten vol te houden: zes veertigers wonnen een medaille in Milaan. Schaatsveteraan Jorrit Bergsma (40), brons én goud. De Japanse Ami Nakai (brons bij het kunstrijden) en de Koreaanse Gaon Choi (goud bij het freestyle snowboarden) zijn met hun 17 jaar de jongste medaillewinnaars van deze Spelen.

Olympische Spelen

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next