DEN HAAG - Wie rondom de schemering op straat was, viel het misschien al eens op: niet alle straatverlichting gaat tegelijkertijd aan. En daarvoor is een goede reden. Maar wie bepaalt überhaupt wanneer de lantaarns branden?
Nee, er is geen ambtenaar die de hele dag uit het raam kijkt en als het donker wordt met een druk op de knop de hele stad van licht voorziet, vertelt een woordvoerster van de gemeente Den Haag. Jammer, want het leek ons best een relaxte baan.
Een eentje met een grote verantwoordelijkheid, want in Den Haag staan bijvoorbeeld zo'n 80.000 lantaarnpalen. En die gaan allemaal 'centraal aan en uit', laat de woordvoerster weten. Hoe werkt dat dan? Nou, zet je schrap voor wat ambtelijke Lingo.
'Het tijdstip van in- en uitschakelen wordt bepaald door de beheerinstellingen van de openbare verlichting. Deze zijn gebaseerd op onder andere astronomische tijdtabellen (zonsopkomst en -ondergang) en vooraf ingestelde beheerscenario's.'
'Deze instellingen worden vastgesteld door de gemeente (of namens de gemeente door de beheerder van de openbare verlichting) en kunnen per seizoen variëren.'
'Een astronomische klok houdt rekening met de stand van de zon', legt Rob van Heur uit.
Hij is bestuurslid van Nederlandse Stichting Voor Verlichtingskunde (NSVV), die zich bezighoudt met advies en kennis op het gebied van licht. 'Daar zitten de tijden van de zonsondergang in geprogrammeerd.'
Maar zegt Van Heur, 'Je wil de verlichting eigenlijk altijd al aanhebben vóór zonsondergang. Want als het bijvoorbeeld een heel erg bewolkte dag is, wordt het daarvoor al knap donker.'
Een andere optie is dat er ergens een centrale lichtsensor is, die meet hoe licht of donker het is. 'In Engeland is dat zelfs per lantaarnpaal, maar in Nederland hebben we dat niet.'
Waarom eigenlijk niet? 'Nou, dan doet de ene het wel tijdens de schemering en de andere niet. Dan is een sensor net iets viezer of iets ouder en dan krijg je een rommelig beeld.'
Nu we het toch over lantaarnpalen hebben, wat zijn eigenlijk de trends? 'LED-verlichting', zegt Van Heur. 'Die bespaart enorm veel energie.'
Dat blijkt ook uit de cijfers van de gemeente Den Haag, waar ze druk bezig zijn overal LED op te hangen. Was er in 2024 nog 13.529.712 kWh nodig om een jaartje de straatverlichting te laten branden, vorig jaar was dat nog 'maar' 12.393.600 kWh. En voor mensen die zin hebben in een rekensom: een gemiddeld huishouden verbruikte vorig jaar 1706 kWh, blijkt uit cijfers van het CBS.
Wel valt op dat de Haagse lantaarnpalen met LED-verlichting (inmiddels tweederde van de stad en uiteindelijk allemaal, is het plan) een stuk feller en 'ongezelliger' licht geven. Het vertrouwde warme wit lijkt te hebben plaatsgemaakt voor 'kil Oost-Duits licht', maar dat ligt niet aan de LED-lampen, bezweert deskundige Van Heur.
'Dat is echt een keuze, want technisch gezien hoeft dat zeker niet. Met LED-verlichting kun je alles, dus ook dezelfde kleurtemperatuur, zoals wij dat noemen, behouden. LED is zeker niet automatisch feller of minder gezellig. Dat is echt in te stellen.'
En dan nog even de vraag hoe het komt dat er vaak zoveel verschillende soorten lantaarnpalen zijn binnen één gemeente. 'Meestal kies je een standaard model, dat lekker makkelijk in onderhoud is', zegt hij.
'Maar je vervangt verlichting nooit overal tegelijk, dus dan verschijnt het ene type in de ene wijk en later een ander model ergens anders. Soms heeft het er ook mee te maken dat een andere partij een aanbesteding wint.'
Goedkoop dus? 'Nou, wel goed, maar geen gekkigheid. En soms wil je bijvoorbeeld in een historisch centrum mooie verlichting hebben, dan gaat het om de smaak.'
'Op een gewone verkeersweg is het vaak functioneel, niet te veel poespas. Maar in het stadcentrum wil je iets toevoegen aan de beleving van mensen, hoe ze een stad ervaren. En dan kies je voor iets mooiers.'
Zo staan er in Den Haag bijna zesduizend 'Haagse masten', gietijzeren exemplaren naar een ontwerp uit de negentiende eeuw.
'Ze worden veel gebruikt in historische of beeldbepalende straten. Ze worden dus ingezet waar een authentieke uitstraling gewenst is', laat de Haagse woordvoerder weten.
En dan de hamvraag: waarom gaan die lantaarns nou niet allemaal tegelijk aan? 'Dat heeft te maken met de zogenaamde piekbelasting. De palen worden daarom automatisch gedeelte voor gedeelte aangezet. Als alles tegelijk aangezet wordt, dan kan het net dat niet aan en valt alles uit', zeggen ze bij de gemeente Den Haag.
Is dat overal zo? Jazeker, weet Van Heur. 'Dat is ook heel logisch. Anders krijg je een hele grote piek op het net, dat wil niemand. In het allerergste geval kan inderdaad de beveiliging aanslaan en valt alle stroom uit.'
'Thuis moet je ook niet alle apparaten tegelijk aan zetten en je elektrische auto opladen. Dus don't try this at home. Dus daarom doen ze het gestaffeld, om een enorme piek te voorkomen.'
Source: Omroep West Den Haag