Home

Koos Postema (93) bracht als tv-presentator oud-klasgenoten bij elkaar, maar wilde vooral verheffen

Koos Postma (1932-2026), presentator Koos Postema werd in de jaren zeventig en tachtig bekend met tv-programma’s ‘Klasgenoten’ en ‘Achter Het Nieuws’. Maar hij bracht ook gevoelige onderwerpen op tv, en hoopte ermee maatschappelijke taboes te doorbreken.

Koos Postema (l) met actrice Sylvia Kristel in het tv-programma Klasgenoten.

Koos Postema, die zaterdag op 93-jarige leeftijd overleed, werd als tv-presentator geregeld getypeerd als een betrouwbare, begripvolle onderwijzer met een „montere, licht docerende toon” (VARA-Gids 1994). Hij wilde het volk verheffen door het te informeren over misstanden in de wereld, en door gevoelige onderwerpen als homoseksualiteit, abortus en transgenderisme bespreekbaar te maken. De Rotterdamse journalist presenteerde in de jaren tachtig het tv-programma Klasgenoten, in de jaren zeventig het taboedoorbrekende praatprogramma Een Groot Uur U, en in de jaren zestig actualiteitenprogramma Achter Het Nieuws.

Volgens Postema moest een journalist vooral een goede verhalenverteller zijn, iets wat hij zelf van huis uit meekreeg: „Ik kom uit een gezin van praters, we leefden bij het woord. Gezelligheid. Warmte. Je kent het wel. We vertelden elkaar vaak verhalen”, zei hij in 1999 tegen de Volkskrant. Ook de open houding die hij in zijn shows aannam, voerde hij terug op zijn jeugd: „Mijn moeder was een eenvoudige vrouw, maar ontzettend verdraagzaam.” (Margriet, 2008). Postema’s vertrouwenwekkende, onbevooroordeelde uitstraling zorgden ervoor dat mensen makkelijk hun ziel voor hem bloot legden.

Tv-presentator Koos Postema in 2022.

Postema’s vader, een Rotterdamse trambestuurder, stierf toen hij vier jaar was. Moeder Postema bleef achter met vier kinderen, maar kreeg veel steun van haar familie. Een oom vervulde bijvoorbeeld de vadertaken, zoals naar de dierentuin gaan met Koosje. Zijn jeugd werd bepaald door het Duitse bombardement op Rotterdam van mei 1940, waarbij de wijk waarin hij woonde van de kaart werd geveegd. In 2020 maakte hij over deze episode de podcast Een jongen in de oorlog. Hij was ten tijde van het bombardement zeven jaar, maar zei zich ieder detail nog te herinneren. Met zijn moeder vluchtte hij naar familie in Vlaardingen. Na een paar dagen gingen ze terug om de schade op te nemen. Er was niets meer. Postema: „Samen liepen wij door straten die geen straten meer waren. Er stonden alleen nog lantaarnpalen. Overal stenen, overal rook en vuur.” (Humo, 2000). En: „De stad stonk naar brand en het bleef maar mooi weer.” (Elsevier, 1994)

Altijd schoolmeester

In het socialistisch gezin stond de verheffing van de arbeiders middels onderwijs en voorlichting hoog in het vaandel. Postema werd onderwijzer op een vormingsschool voor jonge arbeiders. Het verheffingsideaal nam hij ook mee naar Hilversum, waar hij vanaf 1960 eerst voor de radio en al snel voor televisie ging werken. „Wij hadden bij de VARA het gevoel dat we mensen moesten emanciperen. Daar waren we zelfs voor opgericht: de verheffing der arbeiders.” Criticus Kees Fens zei later over Postema’s schoolmeestertoon: „Voor Koos Postema is het elke avond ouderavond. Hij wil dat we allemaal overgaan.” (Volkskrant, 1996).

Postema had het idee dat het aan de kaak stellen van misstanden, of het slechten van taboes, de samenleving verder zou helpen. Als reizende reporter van Achter Het Nieuws deed hij in de jaren zestig verslag van de oorlogen in Vietnam en Angola, de hongersnood in Biafra, en de Afro-Amerikaanse strijd tegen racisme in de Verenigde Staten. Nieuw in Achter Het Nieuws waren de ‘sociale reportages’. Hierin werden precaire maatschappelijke onderwerpen behandeld waarover tot dan toe liever werd gezwegen: abortus, drugs, ongehuwde moeders.

De talkshow die Postema in de jaren zeventig leidde, Een Groot Uur U, borduurde hierop voort met onderwerpen als pedoseksualiteit, homoseksualiteit, scheiden, kunstmatige inseminatie, transgenders. Taboes via televisie bespreekbaar maken en normaliseren was de achterliggende gedachte. Als Postema sterilisatie bij mannen besprak, zo stelde hij later, zaten de volgende dag de wachtkamers van de klinieken vol. Later, na veertig jaar in Hilversum, moest hij echter teleurgesteld concluderen dat de mens zich niet liet verheffen, in ieder geval niet via de televisie: „Het is een prachtig medium, maar de honger krijg je er de wereld niet mee uit. Daar hebben we ons behoorlijk op verkeken.” (NRC, 2020).

Koos Postema (l) bij een radiouitzending van ‘Langs de lijn’.

In het reünieprogramma Klasgenoten (1985-1994) bracht hij bekende mensen samen met hun klasgenoten van weleer. Meer nog dan de persoonlijke jeugdherinneringen ging het Postema om het oproepen van een tijdsbeeld: Rotterdam in de oorlog, de Amsterdamse Jordaan in de jaren vijftig. Als hoogtepunten noemde Postema de uitzendingen met volkszanger André Hazes – die tekeer ging tegen een oud-leraar – en met schrijver Gerard Reve. Diens oud-leraar gaf hem op zijn kop omdat hij niet netjes over de liefde zou schrijven. Reve antwoordde dociel: „Ja, meester.”

Niet meer op het hoofdveld

Toen Klasgenoten werd afgedankt door de VARA, verhuisde Postema met het programma naar de commerciële televisie, eerst naar Veronica, vervolgens naar Joop van den Ende’s nooit van de grond gekomen zender TV10, en toen naar RTL. Onder de hoede van Van den Ende kwam hij in 1996 terecht bij Sport 7. Postema werd het gezicht van deze nieuwe betaalzender van John de Mol – zijn laatste grote klus voor zijn pensioen, noemde hij het. Maar de kritiek was hevig, de kijkers bleven weg – Nederlanders bleken gratis voetbal een grondrecht te vinden – en na drie maanden moest de zender stoppen.

Het debacle beschadigde Postema. Als gezicht van de zender kreeg hij veel kritiek over zich heen. Verder leek zijn glansrijke loopbaan nu als een kaars uit te gaan. Na Sport 7 maakte Postema nog wel programma’s voor regionale zender Radio Rijnmond, voor educatieve zender RVU, en voor MAX, maar hij speelde nooit meer op het hoofdveld. Zijn laatste grote programma was 60 jaar Oranje op tv (2011). Postema werd geridderd en kreeg een straat naar zich vernoemd in het Mediapark.

Hij noemde zichzelf een gezegend mens, zijn leven lang was hij samen met zijn vrouw Ineke, overleden in 2020, met wie hij twee dochters had. Over zijn avonturen met zijn vijf kleinkinderen schreef hij het boek Oppas-opa. Dat tv-presentatoren tegenwoordig sterren zijn, vond hij grote onzin. Zelf was hij bescheiden over zijn aandeel in de Nederlandse geschiedenis. Tegen NRC zei hij in 2020: „Van die programma’s blijft niets hangen. Daarvoor is televisie een veel te vluchtig vak. Dat vind ik ook helemaal niet belangrijk. Ze hoeven straks niet te zeggen: ‘Wat was die Postema een goede programmamaker’. Ik heb veel liever dat ze zeggen: ‘Wat was die Koos een aardige kerel’.”

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next