Voorafgaand aan de testweken was George Russell bij de bookmakers al de grootste favoriet voor de wereldtitel, en dat beeld is na drie weken rondjes rijden niet veranderd. Ja, Ferrari stond uiteindelijk bovenaan de tijdenlijst, maar dat zegt weinig. Traditiegetrouw laat de Scuderia iets meer zien en in Bahrein gaf Charles Leclerc er zelfs een setje van de C4 aan, een zachtere compound dan Pirelli normaliter meeneemt naar Bahrein. Mercedes voelde die noodzaak niet, wat misschien ook al wel een teken van vertrouwen is.
Zoals McLaren-teambaas Andrea Stella vrijdagavond terecht zei: afzonderlijke rondetijden zeggen weinig, alleen uit de long runs valt iets af te lezen. In dat opzicht heeft Mercedes op verschillende momenten gedurende de drie weken een goede indruk achtergelaten. Concurrenten – niet in de laatste plaats Max Verstappen – hebben bovendien het idee dat de formatie van Toto Wolff nog behoorlijk wat snelheid achter de hand houdt. In dat opzicht was het overigens tekenend dat Pirelli heeft laten weten dat de rondetijden in Bahrein (in tegenstelling tot die in Barcelona) langzamer waren dan verwacht, wat eveneens op sandbagging kan duiden.
Mercedes blijft na de eerste baanactie van dit jaar de favoriet, maar dat neemt niet weg dat Ferrari wel degelijk een goed begin heeft gekend. De long runs oogden relatief consistent, ook qua energiemanagement meerdere ronden achter elkaar. Er is voorzichtig reden tot optimisme in Maranello, al lijkt dat zeker nog niet iets waar men in Brackley en Brixworth nerveus van moet worden.
Toen Stella vrijdagavond zijn eigen idee over de rangschikking deelde, was het beeld helder: Mercedes en Ferrari liggen een stap voor, daarachter lijken McLaren en Red Bull relatief dicht bij elkaar te liggen – waarbij Oscar Piastri donderdagmiddag in de long runs iets sneller was dan Verstappen. Daarbij moet trouwens benoemd dat de Mercedes-klantenteams nog niet volledig dezelfde mappings als het fabrieksteam leken te gebruiken – een aspect waar Alpine op zinspeelde. Misschien zit er voor een klantenteam als McLaren dus nog wel iets meer in het vat.
Dat doet echter niets af aan de goede indruk die Red Bull met de eigen motor heeft achtergelaten. Wolff duidde de DM01-krachtbron in de eerste dagen als ‘de benchmark’ aan, al leek die lof nogal politiek geladen. Bovendien heeft technisch directeur Pierre Waché uitgelegd dat Red Bull qua energiemanagement bepaalde aspecten iets eerder onder de knie heeft gekregen dan concurrenten, maar dat de rest daarna ook stappen in dezelfde richting heeft gezet.
Het maakt Red Bull Powertrains wellicht niet de benchmark, in tegenstelling tot wat Wolff zei, maar het blijft wel bijzonder knap hoe dat project uit de startblokken is gekomen. De power unit is vooralsnog betrouwbaar gebleken en bovendien oogt Red Bull op z’n minst competitief. En zoals Mekies vrijdagavond terecht opmerkte: dat is op zichzelf al een hele prestatie voor een nieuwkomer.
Foto door: Rudy Carezzevoli / Getty Images
Op basis van de bovenstaande conclusies is het al meteen duidelijk: de vier topteams lijken nog altijd de vier topteams in 2026. Met een verandering van zowel de motor- als chassisregels was er in theorie ruimte voor een grote verrassing, maar een sprookje à la Brawn GP in 2009 blijft uit.
Er liggen verschillende factoren aan ten grondslag. De belangrijkste is dat de vier topteams structureel gezien nog altijd de meeste mogelijkheden hebben. Ja, het budgetplafond moet voor een gelijkwaardiger speelveld zorgen, maar structureel hebben de grotere formaties nog altijd belangrijke voordelen. Dat geldt zowel qua faciliteiten als ook qua personeel, al is er één team dat daar in theorie in mee moet kunnen – maar daarover later meer.
Wat betreft de ‘best of the rest’-positie lijken Alpine en Haas vooralsnog goede papieren te hebben, waar die formaties zelf ook zo over denken. Alpine heeft 2025 nagenoeg opgegeven om dit jaar beter voor de dag te komen en dat lijkt in ieder geval te lukken. De Mercedes-krachtbron helpt natuurlijk een handje, al erkennen teamleden dat de integratie ervan en de werkwijze na jarenlang een fabrieksteam te zijn geweest nog wel enige tijd vergt. Maar goed, Alpine lijkt in ieder geval weer in een positie om ergens om te strijden – en dat is al winst vergeleken met vorig seizoen.
De grootste verliezer van het voorseizoen laat zich makkelijk raden: Aston Martin. Die boodschap klonk tijdens de livery-presentatie in Saudi-Arabië al een beetje door. Uit alle hoeken klonk het in de thuisbasis van titelsponsor Aramco: “Het gaat er niet om waar we in Melbourne staan, het draait om de doorontwikkeling en de tweede seizoenshelft.” In Bahrein is duidelijk geworden waarom die boodschap zo nadrukkelijk werd verkondigd: het team heeft werk aan de winkel, heel veel werk zelfs.
Een belangrijk deel lijkt gelieerd aan Honda. Dat F1-project ziet er nu anders uit dan tijdens de succesjaren met Red Bull. Na het besluit om eind 2021 officieel te stoppen met de Formule 1, zijn veel mensen vertrokken of overgeplaatst naar andere R&D-takken van het bedrijf. Honda moest het project dus grotendeels weer opnieuw opbouwen. Tel daar de integratie met een nieuwe partner bij op, en het feit dat Aston Martin nu voor het eerst met een eigen versnellingsbak rijdt, en de complexiteit van het geheel is meteen duidelijk.
In dat opzicht hielp het ook niet dat Adrian Newey voor zijn gevoel pas laat kon beginnen en dat de nieuwe windtunnel pas vier maanden later operationeel was dan gepland. Juist doordat de integratie van de motor in het chassis een belangrijk voordeel werd geacht, laat die vertraging zich ook op andere vlakken voelen. Met Newey, de Honda-fabrieksdeal en de hypermoderne Silverstone-campus lijken de ingrediënten voor succes op de lange termijn weliswaar aanwezig, maar als de wintertest één ding duidelijk heeft gemaakt, dan is het wel dat dit project tijd gaat kosten – en wellicht zelfs veel tijd. De vervolgvraag luidt natuurlijk of Fernando Alonso die tijd nog heeft.
Foto door: Rudy Carezzevoli / Getty Images
Een vrees die technisch directeuren bij nieuwe reglementen vaak uitspreken is dat de regels te rigide zouden zijn. Het is door onder meer Newey gezegd in aanloop naar 2026, maar in de praktijk lijkt het behoorlijk mee te vallen. In het voorseizoen viel de creatie van de legendarische ontwerper zelf op, niet in de laatste plaats door de vrij extreme ophangingskeuzes aan de achterkant.
Tijdens de testweken in Bahrein zijn daar nog een paar interessante oplossingen bij gekomen. Zo kwam Audi met compleet nieuwe sidepods voor de dag – een concept dat afweek van wat andere teams tot dan toe hadden getoond – en baarde Ferrari opzien met de roterende achtervleugel. Teambaas Frederic Vasseur benadrukte dat het een testitem betrof en dat nog moet worden geanalyseerd of er in Melbourne daadwerkelijk mee wordt geracet, al heeft de FIA bevestigd dat het in ieder geval legaal is en dus bruikbaar als Ferrari het zou willen.
Dergelijke creatieve interpretaties van het reglement zijn anno 2026 nog altijd mogelijk, en dat is op zichzelf goed nieuws. Het past namelijk niet alleen bij de vooruitstrevendheid van de koningsklasse, maar benadrukt ook de continue wapenwedloop tussen alle teams. Onder een nieuw reglement geldt dat meer dan wanneer dan ook, waardoor dit nog maar het eerste tipje van de sluier is geweest – in Australië en ook daarna zal de ontwikkelingssnelheid onverminderd hoog liggen.
Waar dat aspect – de ontwikkelingsrace – nog ‘peak F1’ is, geldt dat niet volgens alle coureurs voor de ervaring achter het stuur. Verstappen uitte zijn bezwaren als eerste en ook op de meest uitgesproken manier. De Nederlander noemde het nieuwe F1-tijdperk ‘Formula E op steroïden’ en voegde toe dat hij de 2026-auto vorig jaar een fase niet eens wilde testen in de simulator, simpelweg omdat het zo slecht aanvoelde.
Alhoewel het overkoepelende plaatje niet zomaar te verhelpen valt en samenhangt met hoe deze regels (politiek) tot stand zijn gekomen – onder meer door eerst de motorregels af te hameren voor Audi en Honda en vervolgens pas het chassis en de aerodynamica – valt wel te zien dat teams snel leren. Qua energiemanagement en onnatuurlijke dingen, zoals het liften en extra terugschakelen, ziet het er nu al iets beter uit dan in Barcelona, al volgen de echte uitdagingen nog.
Die uitdagingen – zo klonk in Bahrein – krijgen teams bijvoorbeeld in Melbourne voor de kiezen. Energie terugwinnen wordt daar een veel grotere uitdaging dan in Sakhir, zoals Stella uitlegde, waardoor er Down Under misschien meer ‘onnatuurlijke dingen’ van de coureurs worden gevraagd. Het is te hopen dat het beeld niet te vervreemdend is voor de diehard fans. Want ja, ondanks dat teams in Bahrein veel hebben geleerd qua energiemanagement zijn de zorgen van coureurs nog niet weggenomen, zeker niet voor sommige van de circuits die komen.
Het laatste punt hangt niet direct samen met de baanactie, maar mag na de afgelopen maanden niet ontbreken: de politieke discussie over de compressieratio. Want waar het pure racen volgens Alonso misschien geen ‘peak F1’ is, is het politieke steekspel in de Formule 1 dat zeker nog wel. Het leeft als nooit tevoren. In het voorseizoen domineerde de Mercedes-motor alle gesprekken en in Bahrein was dat tot op zekere hoogte ook het geval.
Wolff heeft laten weten dat Mercedes de FIA het hele proces ‘in the loop’ heeft gehouden, al zag de federatie na klachten van andere fabrikanten toch noodzaak om het testen van de compressieratio ter stemming te brengen. Als er daadwerkelijk wordt overgegaan tot een dubbele test – waarvan eentje bij een temperatuur van 130 graden Celsius – dan zal die aanscherping pas op 1 augustus ingaan, waardoor iedereen dan misschien een beetje verliest (het schoolvoorbeeld van een F1-compromis) en de kwestie op de achtergrond nog wel even blijft sudderen.
Nikolas Tombazis zei namens de FIA dat het verschil in performance veel kleiner is dan dat sommigen in de paddock vermoeden en dat het onderwerp daardoor, in zijn optiek, ook helemaal niet zoveel aandacht zou verdienen. Maar ook dat is typisch F1, want elk grijs gebied van het reglement en elke performance differentiatior – hoe klein die ook moge zijn – wordt fel betwist. Tijdens de testdagen in Barcelona en Bahrein is veel in F1 anders gebleken, maar dat aspect zeker niet.
Bekijk: F1-update: McLaren deelt idee na zorgen Verstappen, Mercedes en Ferrari "een stap voor”?
Wat zou jij graag willen zien op Motorsport.com?
- Het Motorsport.com-team
Source: Motorsport