Het Amerikaanse hooggerechtshof heeft vrijdag geoordeeld dat de door president Donald Trump opgelegde importheffingen onwettig zijn. Die bevoegdheid ligt bij het Congres. Het handelsakkoord met de Europese Unie valt niet onder deze uitspraak.
Trump legde in april op zijn 'Bevrijdingsdag' importheffingen op aan een hele lijst landen, waaronder de Europese Unie. Het waren zogenoemde "wederkerige" heffingen van tussen de 10 en 50 procent.
Als verantwoording beriep Trump zich op de zogenaamde International Emergency Economic Powers Act (IEEPA) uit 1977, die werd gebruikt om vijandige landen sancties op te leggen. Zijn argument was dat de economische veiligheid van de VS op het spel stond.
In augustus oordeelde een rechtbank in New York bij het hoger beroep van de president dat de importheffingen onwettig waren (behalve die op staal en aluminium). Traditioneel gezien liggen zulke bevoegdheden namelijk bij het Congres. De heffingen bleven van kracht, zodat de Amerikaanse regering opnieuw in hoger beroep kon gaan.
Trump sprak destijds zijn vertrouwen uit in het hooggerechtshof. Hij verwachtte niet dat de heffingen zouden worden teruggedraaid. Het hooggerechtshof bestaat voor het merendeel uit conservatieve rechters, van wie er drie door Trump zijn aangesteld.
De regering had ook al aangegeven dat als het hooggerechtshof de heffingen onwettig zou verklaren, er alternatieven voor in de plaats zouden komen. Importheffingen vormen de kern van Trumps economische beleid
De handelsdeals die de VS met handelspartners sloot, vallen niet onder de uitspraak van het hooggerechtshof. Dus ook niet het handelsakkoord tussen de VS en de EU, waarin de VS een maximumtarief van 15 procent zou instellen en de EU bijvoorbeeld afziet van invoerheffingen op Amerikaanse industriële goederen.
Source: Nu.nl economisch