is columnist voor de Volkskrant
Mijn zoon is deze week op Romereis, de traditionele reis in de vijfde klas van vele gymnasia, en ook van het gymnasium waar hij op zit. En ik ook: ik bezocht dezelfde school. Op die school is niets veranderd, de vakken niet, de trappen niet, de lokalen niet en ook aan het Latijn en Grieks is weinig gedaan, en de Romereis is nog steeds de Romereis, al gaan er tegenwoordig blaastesten mee en verblijven de leerlingen in een hotel.
In onze tijd mocht iedereen zich klem zuipen en logeerden we in een klooster, waar ze na jaren van het eerder genoemde klem zuipen geen zin meer hadden in Amsterdamse scholieren of, denk ik, scholieren uit welke stad dan ook. Vandaar het hotel.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Ik heb af en toe appcontact met mijn zoon, dat wil zeggen, ik heb al twee keer het woord ‘leuk’ ontvangen en hij heeft me wat foto’s gestuurd, waar ik dolenthousiast op reageer met: ‘Daar ben ik toen ook geweest!’, of: ‘Heb je dat beeldje met de afgesleten voetjes gezien?’, of: ‘Ik heb daar toen de paus gezien!’ Daarop krijg ik geen antwoord, maar ik hou mezelf er lekker mee bezig.
Het heeft me sowieso een trip down memory lane bezorgd, die appjes uit Rome, en ik probeerde te achterhalen wat me het meest is bijgebleven van toen.
Ik herinner me eigenlijk altijd maar drie dingen: dat wij met de bus van Amsterdam naar Rome gingen en onze leraar Frans met het vliegtuig, en dat ik daar achteraf een snijdend commentaar over schreef in de schoolkrant. Dat iemand tijdens die lange busrit Bob Marley had opgezet, van wie ik toen het nummer No Woman No Cry ontdekte, waardoor ik acuut fan van hem werd.
En dat, na die tergend lange, vieze busreis, een klasgenoot die al een stuk verder in haar ontwikkeling was dan ik haar voet in de gootsteen van het klooster zette en haar been begon te scheren. Ze zei erbij: ‘Ik wil me na die bus weer even vróúw voelen.’
Met open mond keek ik daarnaar. We waren 17 – kon je je al vrouw voelen? Hielp het als je je benen schoor? Was het gewoon om je been te midden van tien andere medepubers in een gootsteen te scheren? Waar kocht een mens scheermesjes? Ik keek ineens ontzettend tegen haar op.
En natuurlijk, ik heb toen ook dertig kerken, het Pantheon, het Colosseum, de Sint-Pieter en de paus gezien, maar Bob Marley, die vrouw uit mijn klas die haar benen schoor en mijn verontwaardiging over de leraar die met het vliegtuig ging, zijn me het meest bijgebleven. Een idool, een lichtend voorbeeld en een carrière: toch best veel overgehouden aan die reis.
Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app. Klik op het belletje naast de auteursnaam.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant