Home

Er was een tijd dat beeldmanipulatie nog leuk was, laat het Rijksmuseum zien

Fotografie Waar in onze tijd beeldmanipulatie vaak als kwalijk en problematisch wordt gezien, ligt de nadruk bij de tentoonstelling ‘Fake!’ in het Amsterdamse Rijksmuseum vooral op de vroege creatieve, geestige en fantasievolle toepassingen.

De grootste maiskolf ooit, W.H. Martin (fotograaf), The North American Post Card Co. (uitgever), 1908. Aankoop 2018

Een man die in opperste verbazing naar zijn identieke zelf kijkt, mensen die opgewekt samen door de lucht zweven, een reusachtige maiskolf die op een kar wordt voortgetrokken door twee zwoegende paarden. In de begintijd van de fotografie werd er volop geëxperimenteerd met foto’s die met schaar, lijm, potlood en inkt bewerkt werden of in de donkere kamer werden veranderd, zo zien we in de tentoonstelling Fake! in het Amsterdamse Rijksmuseum. Waar in onze tijd beeldmanipulatie en AI-beelden in serieuze mediadebatten vaak als kwalijk en problematisch worden gezien, en het woord fake vooral negatief beladen is – denk aan fake news, deepfakes – ligt de nadruk in deze tentoonstelling vooral op de vroege creatieve, geestige en fantasievolle toepassingen. Het laat zien hoe foto’s al vanaf het begin, al bijna tweehonderd jaar lang, bewerkt en gemanipuleerd werden.

Fotografie

Fake! Vroege fotocollages en fotomontages. Met werk van o.a. John Heartfield, Cas Oorthuys en Piet Zwart.

T/m 25 mei in Rijksmuseum Amsterdam. Info: rijksmuseum.nl

Het Rijksmuseum verzamelt, naast het ‘serieuze’ werk van professionele fotografen als Ed van der Elsken, Bertien van Manen en Carrie Mae Weems, fotografie van amateurs en gebruiksfotografie. Het gaat daarbij om reclame, spotprenten, ansichtkaarten, niet zelden spontane vondsten op beurzen, om zo de breedte van de fotografische beeldcultuur in kaart te brengen. Fake!  is een bescheiden presentatie; in twee zalen worden ruim vijftig vroege fotocollages en fotomontages getoond, die voor het grootste deel onschuldig vermaak dienen. Er is een aantal ansichtkaarten waarop mensen en auto’s boven Europese en Amerikaanse steden zweven, een man vervoert zijn eigen afgehakte hoofd in een kruiwagen. Er wordt graag overdreven: behalve die enorme maiskolf worden er behoorlijk uit de kluiten gewassen uien, wortels en appelen vervoerd, gigantische ganzen worden als een soort prehistorische monsters in toom gehouden. In een lollige brief naar een zieke collega heeft een groepje vrienden in een fotocollage de eigen lichamen juist flinterdun gemaakt. Als je je niet aan de realiteit hoeft te houden, zijn de mogelijkheden oneindig.

Auto met vier personen zwevend boven Mulberry Bend Park, New York, Theodor Eismann (uitgever), vóór 1908. Aankoop 2025.

Messcherpe satirische fotomontages

Naast dit soort beelden – zo’n driekwart van de expositie – is er ook werk van serieuze makers als Piet Zwart, Cas Oorthuys en van de Hongaars-Amerikaanse László Moholy-Nagy, een van de pioniers van de fotomontage. In een vitrine zien we zijn boek Malerei Photographie Film uit 1925, waarin ook werk van andere kunstenaars is opgenomen. Het ligt opengeslagen bij een afbeelding van Metropolis, de beroemde fotomontage waarmee Paul Citroen in 1919 zijn visie op de stad van de toekomst neerzette (het origineel is hier niet te zien – dat bevindt zich in het Prentenkabinet Leiden).

De drie spotprenten van John Heartfield (pseudoniem van Helmut Herzfeld), die een paar jaar geleden nog een grote expositie had in de Fundatie in Zwolle, zijn de meest politieke bijdragen in de expositie. Heartfield zette zijn werk in tegen het nazisme, „Fotografie plus dynamiet”, zo werden zijn messcherpe satirische fotomontages destijds genoemd. We zien een montage van een man wiens hoofd in kranten is gewikkeld: Wie burgerlijke kranten leest wordt blind en doof, is de titel, waarmee Heartfield de media bespotte die het gevaar van Hitler onderschatten. Op een andere fotomontage uit 1934 zien we Joseph Goebbels, naziminister van propaganda, die Hitler een Karl-Marxbaard omhangt – In Marx-vermomming, zo stelde Heartfield, hoopte Hitler de arbeiders te paaien. Of iemand dacht dat dit écht was? Waarschijnlijk niet – daarvoor is het allemaal te schots en scheef, te evident knip- en plakwerk.

Als we in deze tijden zorgelijk spreken over beeldmanipulatie, dan is dat vaak omdat het dankzij geavanceerde technieken niet goed zichtbaar is of een beeld echt of nep is, en/of omdat het met regelmaat gebeurt met kwalijke bedoelingen – met name radicaal-rechtse partijen omarmen AI, niet zelden om bepaalde bevolkingsgroepen in een kwaad daglicht te stellen. Bij de vroege voorbeelden die we zien in het Rijksmuseum is van beide aspecten geen sprake. Geen mens – ook al was men in die tijd nog lang niet zo gewend aan fotografie als wij nu – zal hebben gedacht dat ganzen daadwerkelijk twee keer zo groot als mensen kunnen zijn, of dat een afgehakt hoofd nog vrolijk een sigaretje kan roken. Zetten de makers in Fake! mensen graag op het verkeerde been? Absoluut. Waren ze erop uit om ons te misleiden en te bedotten? Zeker. Maar de manier waarop en de onschuld van de motieven maakt dat je vol verbazing en met een grote glimlach door de zalen loopt.

Onze ganzen naar de markt brengen, Martin Post Card Company, 1908. Aankoop 2019 Rijks

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC In Beeld

De mooiste fotografie en de beste tips geselecteerd door de fotoredactie

Fotografie

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next