Documentaire ‘The Making of De Jeugd van Tegenwoordig’ raast langs twintig jaar De Jeugd via enkele sleutelmomenten, waarin de bandleden gespeeld worden door BN’ers. Het wordt, naar verwachting, een onbetrouwbare maar vermakelijke bende.
Vjèze Fur, Willie Wartaal en Faberyayo casten zichzelf in 'The Making of De Jeugd van Tegenwoordig'.
The making of De Jeugd van Tegenwoordig. Regie: Jan Hulst, Tomas Kaan. Lengte: 77 minuten.
Wat krijg je als je een documentaire, een ironische speelfilm én een making of van die speelfilm in de blender mikt? The Making of De Jeugd van Tegenwoordig. Over die constructie moet je als kijker vooral niet te lang nadenken, prettiger is om achterover te leunen en je te verwonderen over de chaos.
De film raast langs twintig jaar De Jeugd van Tegenwoordig in enkele sleutelmomenten, zoals de totstandkoming van die eerste hit ‘Watskeburt?!‘. De bandleden worden nagespeeld door BN’ers. Ook de audities worden gefilmd. Dat levert, onder meer, een scène op waarin rapper Lange Frans worstelt om Vjèze Furs nasale Amsterdamse tongval te imiteren. Dat blijkt lastig.
Hoe de geschiedenis van De Jeugd écht verliep, daar kom je eigenlijk niet achter. Het grootste obstakel voor de makers is namelijk De Jeugd van Tegenwoordig zelf. De bandleden zijn bij de opnames aanwezig om aanwijzingen te geven (lees: de boel te verstieren).
Faberyayo, Willie Wartaal en Vjèze Fur zijn nog altijd mediagenieke nozems. En toch mist er iets. Vroeger waren ze gevaarlijk. Ze logen tegen journalisten, scholden strak aan de drugs cameramensen uit, verstoorden live-uitzendingen. Inmiddels zijn ze gemoedelijker.
Nou ja, gemoedelijk. Ze zeiken de plannen van de regisseur af, doen alsof ze zijn naam (Jan) vergeten, en plaatsen een steeds verder uit de hand lopende bestelling: een ‘smoked’ earl grey, broodje bakkeljauw, bakkeljauw zonder broodje, en een dubbele espresso van één specifieke zaak in Amsterdam. Warm graag. Maar Vjèze Fur slaat de spijker op de kop wanneer hij dat „binnen de lijntjes klieren” noemt. Echt klieren is buiten de lijntjes, weet hij.
„Het is niet meer spannend”, verzucht de grijze veertiger. Niet alleen het klieren, de algemene volwassenheid. Grappig genoeg gaat de documentaire juist boeien wanneer Vjèze Fur dat toegeeft. Oude popsterren zijn haast per definitie een beetje verloren. De Jeugd fascineert wanneer de leden dat erkennen.
Na afloop kun je je afvragen: waar keek ik naar? Het is geen comebackverhaal, want er was geen dal om uit te klimmen – De Jeugd was en is ontzettend succesvol. „We zijn niet de martelaars van de Nederlandse hiphop”, zegt Vjèze Fur. De drie hadden ook geen ruzie die moest worden bijgelegd. En het is geen coming of age. „Het was gewoon: wéér m’n fiets kwijt, wéér zwarte gaten en toen kreeg ik een kind”, zegt Fur. Al is hij sindsdien wel gestopt met drank en drugs.
Van het gezinsleven, dat voor de bandleden zo cruciaal lijkt te zijn, zien we niets. Deze film is vooral een portret van de wonderlijke en, zo lijkt het, onaantastbare chemie tussen drie onhandelbare rappers en hun verlegen producer Bas Bron. Dat blijft vermaken, óók nu de haren grijs zijn.