Drama In ‘Marty Supreme’ gebruikt Josh Safdie het verhaal van tafeltennisser Marty Reisman als waslijn voor alles wat hem interesseert: van Amerikaans kapitalisme tot vampirisme.
Marty Reisman (Timothée Chalamet) in een luxe Londens hotel, in 'Marty Supreme'.
Marty Supreme. Regie: Josh Safdie. Met: Timothée Chalamet, Gwyneth Paltrow, Odessa A’zion. Lengte: 149 minuten. Te zien in de bioscoop.
Zoals maar één spermacel de geboorterace kan winnen om zo uit te groeien tot Leven, zo kan er ook maar één tafeltennisser de beste zijn – en onsterfelijk worden. Aldus de opening van Marty Supreme: een kinderkoor zingt Alphaville’s ‘Forever Young’ terwijl een eicel langzaam in een vliegende pingpongbal verandert.
Wie die bal slaat? Marty ‘The Needle’ Reisman – de hosselende Amerikaan die anno 1950 pionierde in het tafeltennis. Zijn opgang staat centraal in Josh Safdies Marty Supreme. Al gaat de film niet echt over hem, noch over tafeltennis. Waarover wel? Kapitalisme, Joodse angst, ‘verloren mannen’ en ‘doelbewuste vrouwen’, oedipaal fetisjisme, sport als diplomatie, vampirisme (ja, écht) of toch gewoon weer de Amerikaanse Droom? Voer voor uren discussie.
Marty heeft een uniek talent, dat niemand serieus neemt. Hij ziet een eigen lijn oranje pingpongballen in de toekomst, cornflakesdozen met zijn beeltenis. Maar tafeltennis is vlak na de oorlog vooral een hobby, gespeeld in rokerige, oude New Yorkse dranklokalen met kogelgaten in de muren. Geen publiekssport. Als Marty zijn overtocht naar het WK in Londen bij elkaar rooft, krijgt hij een krakend stapelbed toegewezen.
Marty hosselt evenwel al snel wat bij elkaar: een suite in het Ritz, een nacht met dé Amerikaanse actrice van het Interbellum (Gwyneth Paltrow), en de aandacht van haar echtgenoot: de oppermachtige pennenmagnaat Milton Rockwell. Alle luxe van de naoorlogse wereld lijkt binnen handbereik te liggen voor een Amerikaans-Joodse jongen met talent.
Marty Reisman (Timothée Chalamet) op de vlucht in de straten van New York.
Totdat hij in een wedstrijd genadeloos afgaat tegen de Japanse Koto Endo. Daarna verandert Marty Supreme in de stresscinema die we wel kennen van Safdies eerdere films Good Time en Uncut Gems – een harttest in bioscoopstoel. Ditmaal voert die tocht langs de onderbuik van New York; de gokhallen waar Marty amateurs blut speelt om zijn revanche tegen Endo te bekostigen. Het landelijke New Jersey waar het Amerikaans antisemitisme na WOII haastig bedekt werd. Japan, waar nog altijd Amerikaanse militairen aanwezig zijn.
Zo ontstaat in de marges een gelaagd beeld van de naoorlogse wereldorde, met Amerika aan de top. Iedereen moet zich daar opnieuw toe verhouden. Safdie propt het Joodse milieu in New York vol met bezwete, pokdalige, hijgerige arbeidersjongens als Marty. Nu hebben ze eindelijk ‘de kans’ en willen ze zó graag iets van zichzelf maken, dat ze niet eens meer zien hoe komisch hun obsessies (pingpong) zijn.
Tegelijkertijd laat Marty Supreme ook al het einde van die periode van kansen zien. De jaren-tachtigsoundtrack verwijst naar een periode waarin „kapitalisme won”, zei Safdie in een interview met The Guardian. En ook in de plot wordt duidelijk dat de superrijken altijd winnen. Zij zijn de orka’s die spelen met hun prooi – terwijl ze door de lucht geslagen worden, mogen de zeehonden even denken dat ze vliegen. Alleen als je écht meedogenloos bent, word je onsterfelijk.
Safdie zocht voor zijn personages hun evenbeeld in het echte leven. De ultieme streber Timothée Chalamet speelt Marty met volledige overgave. Met de woorden: „We zoeken een échte klootzak, en jij bent het”, werd tv-zakenman Kevin O’Leary door Safdie gestrikt als pennenmagnaat Milton Rockwell. En ook Gwyneth Paltrow, regisseur Abel Ferrara, de voormalig dakloze Ted Williams en nog veel meer (non)acteurs die versies van zichzelf lijken te spelen. Dat verbindt de film ook weer aan een hedendaags Amerika.
Maar dat is slechts één interpretatie. Je kunt de plot ook zien als een voortzetting van de Joodse overlevingsstrijd – er moet zelfs een hond genaamd Moses gered worden. En dan is er ook nog dat vampierding… Veel discussieplezier.