Home

Ploegenachtervolging schaatsers: zilver voor de vrouwen, mannen vallen buiten podium

De olympische ploegenachtervolging blijft voor Nederland een moeizaam onderdeel. Twaalf jaar na de enige zeges slaagden de mannen- en vrouwenploeg er opnieuw niet in om goud te winnen. De vrouwen pakten zilver. De mannen eindigden als vierde.

is sportverslaggever van de Volkskrant en schrijft vooral over schaatsen, atletiek en roeien.

De beste kansen op de ploegenachtervolging, wist bondscoach Rintje Ritsma, had Nederland bij de vrouwen. Daar is een goed op elkaar ingespeelde ploeg met Joy Beune, Marijke Groenewoud en Antoinette Rijpma-de Jong. Die drie zijn de regerend wereldkampioen op het onderdeel. Maar gedurende de eerste anderhalve week van de Spelen liep het zelfvertrouwen al een deukje op. De afzonderlijke radertjes in de ploeg leken niet in al te beste vorm te steken.

Beune, vorig jaar individueel ook nog wereldkampioen op de 1.500 en 3.000 meter, was deze winter onverslaanbaar tot aan het olympisch kwalificatietoernooi (OKT). Zij zou voor drie keer goud kunnen gaan, was de gedachte. Maar ze plaatste zich alleen voor de 3 kilometer, waarop ze in Milaan als vierde eindigde. Ook Groenewoud, nog zo sterk tijdens het OKT, maakte op de ijsbaan op het beursterrein van Milaan weinig indruk: 8ste op de 3 kilometer, 7de op de 5 kilometer. En wat Rijpma-de Jong kon was nog ongewis. Zij kwam nog niet individueel in actie.

In de finale nam het drietal wel het voortouw. Dat was geen verrassing. De Canadezen hebben een trio dat uit langeafstandsspecialisten bestaat. Die komen pas later op stoom. Na een relatief trage start haalden Isabel Weidemann, Ivanie Blondin en Valerie Maltais – als de Daltons: van groot naar klein achter elkaar – elke ronde ongeveer twee tienden van een seconde terug op de Nederlanders. Met nog anderhalve ronde te gaan waren ze er definitief voorbij. Onder opvallend veel toejuichingen, een heel contingent Canadese toeschouwers had zich in de bocht na de finish genesteld, vlogen ze naar de finish.

Tot het uiterste gedreven

De finale had het Nederlandse trio maar net gehaald. Tegen Japan werden Beune, Groenewoud en Rijpma-de Jong tot het uiterste gedreven; elke doorkomst was het verschil tussen beide ploegen maar een paar tienden. Naar het einde toe leek de ploeg van kopvrouw Miho Takagi het gat te slaan, maar door een inzinking in de laatste 200 meter – een halve seconde werd vermorst – kwamen de Nederlanders met 0,12 voorsprong als eerste over de finish en wisten ze dat ze de finale hadden gehaald. Hun eindtijd: 2.55,84.

Maar ze weten ook dat in de andere halve finale de trojka van Canada - Isabel Weidemann, Ivanie Blondin en Valerie Maltais - maar 0,07 seconden trager waren. En dat terwijl de Canadezen in de laatste ronden de teugels lieten vieren omdat al lang duidelijk was dat de ploeg van de Verenigde Staten geen bedreiging vormde. Op halve kracht waren ze ongeveer even snel als Nederland én ze hadden energie gespaard. Dat gaf in de finale de doorslag. Een kleine seconde na de relatief uitgeruste Canadezen finishte de Nederlandse ploeg.

Uitgeruste Chinese ploeg

De Nederlandse mannen, die van tevoren hun kansen op een plek in de finale om het goud al laag inschatten, troffen een uitgeruste Chinese ploeg in de strijd om het brons. Het Nederlandse trio, met Chris Huizinga, Stijn van de Bunt en Jorrit Bergsma, had tegen Italië stevig doorgereden. Dat was heel anders voor Ning Zhongyan, Liu Hanbin en Wu Yu. Zij deden geen enkele poging om hun tegenstander onder druk te zetten, maar gingen op trainingstempo over het ijs om de benen te sparen.

De Chinese tactiek rendeerde. Ze startten flitsender dan de Nederlandse ploeg, die door bondscoach Rintje Ritsma zonder Marcel Bosker het ijs op was gestuurd. Een pikante beslissing, omdat Bosker na het OKT voor de ploegenachtervolging was aangewezen en dat besluit ten koste was gegaan van de deelname van Tim Prins. Zonder Bosker, maar met Bergsma, pakte het Nederlandse team in de slotfase veel tijd terug. Maar niet genoeg: China pakte met 0,09 seconden voorsprong brons.

Het goud werd opgehaald door de drie thuisrijders: Davide Ghiotto, Andrea Giovannini en Michele Malfatti. Zij legden de Amerikaanse ploeg, bijnaam ‘the pain train’, op de pijnbank. Ethan Cepuran, Casey Dawson en Emery Lehman waren de favorieten, maar konden niet op tegen de niet aflatende reeks razende rondjes van de Italianen, die nauwelijks verval kenden.

Zo blijft Nederland op slechts twee olympische titels steken, in de geschiedenis van dit onderdeel dat in 2006 in Turijn voor het eerst op de Winterspelen werd verreden. Nederland won alleen in 2014 goud, bij zowel de mannen als de vrouwen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next