Home

Waarheidsgetrouw zijn is voor politici een absolute voorwaarde in tijden waarin de democratie onder druk staat

De pijnlijke aftocht van Nathalie van Berkel uit de politiek was onvermijdelijk na het gesjoemel met haar cv.

In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.

Dat Nathalie van Berkel zich heeft teruggetrokken als beoogd staatssecretaris van Financiën en Kamerlid voor D66 is niet alleen een drama voor haarzelf. Zonder diploma’s kun je het ver schoppen, haar aanstelling als staatssecretaris had een opsteker voor velen kunnen zijn. Nu volgt na de sociale klim een pijnlijke val.

Van Berkels besluit is wel het enig juiste. Voor wie wil functioneren in het hart van de democratie, is het van groot belang geen onwaarheden te verspreiden. Dat gold altijd al en is in deze tijd van desinformatie van nog groter belang. Het mag zo zijn dat Van Berkel mondeling altijd heeft laten weten dat zij de opleidingen die zij vermeldde niet heeft afgemaakt of alleen de toelating doorliep, in de schriftelijke versies van haar cv heeft die toevoeging steeds ontbroken.

Wie bijvoorbeeld het persbericht van de Algemene Bestuursdienst uit juni 2019 erop naslaat, leest daar: ‘Nathalie van Berkel studeerde Nederlands recht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en bestuurskunde aan de Universiteit Leiden.’ Dat bericht werd gemaakt bij haar benoeming tot lid van de raad van bestuur van uitkeringsinstantie UWV. Toch ook al een functie waarin het ongepast is een loopje te nemen met de waarheid.

Op de site van de Aloysius Stichting, een scholenkoepel waarbij zij in de raad van toezicht zat, stond zij vermeld als drs. en ontbrak ook dat zij haar opleidingen niet had voltooid. Dat zijn geen toevalligheden, maar is een patroon.

Dat Van Berkel bij navraag door deze krant bovendien niet royaal verantwoording wist af te leggen, maakt haar ongeschikt voor de plek waarop zij had moeten functioneren. Iedere burger die met de overheid in aanraking komt en onjuiste gegevens verstrekt, wordt daar op ongenadige wijze op afgerekend. Dat geldt zeker bij Financiën.

Voor D66 en partijleider Rob Jetten is het een hard gelag dat meteen al een beoogd bewindspersoon afvalt. Het moet voor zijn partij reden zijn nog eens grondig het proces van selectie tegen het licht te houden. De interne commissie die daarover gaat, zette Van Berkel op nummer 2 van de kandidatenlijst. Dat was al een waagstuk voor iemand die van buitenaf de politieke arena betreedt.

De leden waren verstandiger en zetten Van Berkel terug naar plek 6, wetende dat een runner-up direct achter de lijsttrekker altijd meer het zoeklicht vangt dan iemand met een positie wat lager op de lijst. Maar dat neemt niet weg dat het risico van onvolledige informatie over opleidingen beter ingeschat had moeten worden. In de parlementaire geschiedenis zijn immers meer van dergelijke ongelukken te vinden.

Bekendste geval is Charl Schwietert (VVD), die in 1982 na enkele dagen aftrad als staatssecretaris van Defensie omdat hij, anders dan eerder beweerd, geen doctorandus bleek. ‘Ik ben weleens wat elastisch met de feiten’, luidde zijn toelichting. In het kabinet-Schoof bleef staatssecretaris Vicky Maeijer (PVV) op haar post, ondanks de onthulling dat zij plagiaat pleegde bij het schrijven van haar masterscriptie. De Erasmus Universiteit verklaarde het werkstuk ongeldig.

Wat dat betreft handelt D66 nu zuiverder. Want wie een voorbeeldfunctie wil bekleden, moet zelf voorbeeldig zijn.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next