Na de grootste olieramp uit de Argentijnse geschiedenis schikte oliebedrijf Shell in 2009 met de getroffen gemeente Magdalena voor 9 miljoen dollar. Dat had niet gemogen, oordeelt de Argentijnse rechter nu. Volgens de grondwet moet milieuschade worden hersteld.
is correspondent Latijns-Amerika van de Volkskrant. Hij woont in Mexico-Stad.
Op een januaridag in 1999, hartje Argentijnse zomer, botst het Duitse vrachtschip Sea Paraná met de olietanker Estrella Pampeana voor de kust van de provincie Buenos Aires. Uit de romp van het schip van Shell lekt meer dan 5 miljoen liter olie de Río de la Plata in, de enorme baai waarin de rivieren Uruguay en Paraná samenkomen en uitmonden in de Atlantische Oceaan.
Met het hoge tij kruipt de olie ter hoogte van het stadje Magdalena landinwaarts en tast het strand en kwetsbare natuurgebieden aan. De olieramp is de grootste in de Argentijnse geschiedenis. Het zwaar getroffen Magdalena, een gemeente met 28 duizend inwoners zo’n 100 kilometer ten zuidoosten van Buenos Aires, daagt in 2002 Shell voor de rechter. Magdalena vraagt een schadevergoeding van 35 miljoen dollar, maar het Hooggerechtshof wijst de eis enkele jaren later af.
In 2009 komen de gemeente en de Argentijnse tak van Shell tot een schikking: het oliebedrijf belooft ruim 9 miljoen Amerikaanse dollar (volgens de huidige wisselkoers circa 8 miljoen euro) te betalen en investeringen te doen in de ontwikkeling van het stadje. Het enige dat nog ontbreekt is een stempel van goedkeuring van de rechter.
Nu, 27 jaar na de ramp en 17 jaar na het akkoord tussen Magdalena en Shell, heeft een Argentijnse federale rechtbank zich uitgesproken. Het oordeel geeft een verrassende draai aan de oude zaak: de schikking is ongrondwettig, stelt de rechter. De uitspraak dateert van december, maar werd deze maand gepubliceerd.
Milieurampen kunnen niet op deze manier worden geschikt, zo concludeert de rechtbank. De Argentijnse grondwet schrijft namelijk voor dat ‘alle inwoners recht hebben op een gezond milieu’. Bovendien stelt ze betreffende grondwetsartikel 41 dat milieuschade moet worden hersteld.
De hoogte van de schikking was nergens op gebaseerd, schrijft de rechter, een studie naar de milieuschade ontbrak. ‘Er werd een bedrag vastgesteld zonder wetenschappelijke basis noch technische evaluatie.’ Dus wijst de rechtbank de schikking in z’n geheel af.
Dat is goed nieuws, meent milieuactivist José Luis Meiras van de lokale organisatie Colectiva Magdalena 318. ‘De activisten hebben gelijk gekregen’, zegt hij via de telefoon. ‘Mijn inschatting is dat de rechter geen precedent wilde scheppen voor bedrijven om milieuschade af te kopen.’ Volgens hem ontweek Shell met de schikking alle verantwoordelijkheid voor de ramp.
Doordat de rechtbank het oude akkoord afwijst, ligt in theorie de weg weer open voor de gemeente om een veel hogere vergoeding te eisen van het oliebedrijf. De nieuwe uitspraak verwijst naar een schadeonderzoek dat een kwart eeuw geleden het herstel van de milieuschade schatte op ruim 90 miljoen dollar.
Maar het nietig verklaren van het oude akkoord zou ook kunnen betekenen dat Magdalena helemaal niks krijgt. Zolang de rechter geen uitspraak deed over de schikking, werd ook de toegezegde 9 miljoen dollar niet betaald. Magdalena heeft niks ontvangen, bevestigt burgemeester Lisandro Hourcade via de telefoon. Hij benadrukt dat dezelfde advocaten die destijds de gemeente bijstonden zich nu beraden op vervolgstappen. ‘Zodat Magdalena een zo hoog mogelijke vergoeding krijgt voor de schade van 1999.’
Een woordvoerder van Shell benadrukt dat het bedrijf hoopt dat de schikking uit 2009 alsnog kan worden geratificeerd. ‘We gaan in beroep tegen deze uitspraak’, is het geschreven antwoord op vragen van de Volkskrant. Ook Shell bevestigt dat er sinds het oude akkoord nog geen geld is overgemaakt aan de gemeente Magdalena. Wel financierde het bedrijf een onderwijsprogramma. Shell zegt te willen ‘zorgen voor mensen en milieu’.
De vraag is hoeveel de gemeente nog bij Shell kan halen, 27 jaar na het olielek. Milieuactivist Meiras vertelt dat de natuur zich sindsdien heeft hersteld en dat er van blijvende schade geen sprake is. ‘De Río de la Plata heeft een groot herstellend vermogen.’ Hijzelf is niet van plan om een zaak te beginnen tegen het grote Shell, maar stelt dat nu de – volgens hem oneerlijke – schikking van tafel is, milieuorganisaties druk moeten blijven uitoefenen op de gemeente om een hogere vergoeding te eisen van het oliebedrijf.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant