David Byrne in Afas Live Een concert van David Byrne is een experimenteel multimedia-event, waarbij de muzikanten met draagbare instrumenten vrij over het podium bewegen. De show schoot van intiem naar uitbundig naar grappig en extravagant. Met een verpletterende climax.
Concert van David Byrne in Afas Live op 15 februari 2025.
David Byrne. Gehoord: 15/2 Afas Live, Amsterdam. Herhaling: 16/2 aldaar.
Een concert van de Amerikaanse zanger David Byrne is tegenwoordig meer dan een muziekuitvoering. Het zijn experimentele multimedia-events, met zowel vernieuwende techniek als de nadruk op menselijk vernuft. De twee uur durende uitvoering zondagavond in Afas Live, Amsterdam, schoot van intiem naar uitbundig naar grappig en extravagant. En greep je uiteindelijk naar de keel.
Byrne zet de stijl voort die hij voor het eerst presenteerde in 2018: zijn acht muzikanten hebben hun instrumenten bevestigd op buikhoogte, zodat keyboard, gitaren en conga’s lijken te zweven. Alles is draadloos en draagbaar en de performers zijn indrukwekkend op elkaar ingespeeld. De drums worden bespeeld door een viertal mensen: onder anderen een op snaredrum, een op bekkens.
Wat het oplevert? De drummer zit niet, zoals doorgaans, vast achter een drumstel. De keyboardspeler is niet statisch. Byrne democratiseert de dans: iedereen kan continu bewegen, ingestudeerd of spontaan, solo of als troupe.
Concert van David Byrne (geheel links) in Afas Live.
Tot 1991 bekend als oprichter/voorman van Talking Heads en daarna gestaag bouwend aan zijn solo-oeuvre, geeft Byrne een carrière-omspannend concert. Van de sobere versie van ‘Heaven’ (1979) als opener, tot ‘Strange Overtones’ gemaakt met Brian Eno, zigzaggend langs fantastische Talking Heads-liedjes (‘Slippery People’, ‘And She Was’) – en een enkele mindere (‘Flowers’). De muziek is weelderig, met een geweldige bassiste, twee strijkers en een prominente rol voor percussie, die Byrne’s voorliefde voor polyritmiek onderstreept.
Alle muzikanten en vier dansers/achtergrondzangers zijn gekleed in fluororanje schoenen en overalls (verwijzing naar Amerikaanse gevangeniskleding?), dat fel contrasteert met de grootse filmbeelden. Tegen een achtergrond van ijsvlakten, een kolkende rivier of straatbeeld voeren ze prachtige choreografieën uit, hoekig, dwars of juist vloeiend.
Byrne laat ook eigen foto’s zien, overdag gemaakt in Amsterdam, op straat en in het museum (‘Je kunt een heel jaar lang dagelijks andere Van Gogh-sokken aan’). Hij gedraagt zich als een hartelijke gastheer – en dat blijkt de rode draad van het optreden: opvallend veel van zijn teksten en titels verwijzen naar huis, thuis en gezelschap (‘Houses In Motion’).
David Byrne in Afas Live.
Het recente ‘My Apartment Is My Friend’ wordt uitgevoerd bij een projectie van zijn eigen appartement in Manhattan. Hij vertelt over de coronatijd, toen hij in zijn eentje thuis Indiaas kookte en zich afvroeg of hij een relatie had met zijn woning. Daarna, in ‘Everybody’s Coming To My House’ is er het opgeluchte besef dat New Yorkers ook na corona nog behoefte hebben aan de medemens. In de toegift is er de jubelende maar dystopische versie van ‘Burning Down The House’, waarbij de muzikanten verzwolgen lijken te worden door een hellevuur op de achtergrond.
Ergens tegen het eind, na een semi-akoestische versie van klassieker ‘Psycho Killer’, spelen ze het hypnotiserende ‘Life During Wartime’ uit 1979. Eerst is er de associatie met corona (‘I got some groceries, some peanut butter/ To last a couple of days’), daarna de vreugdevolle realisatie dat er weer gedanst kan worden op dit stuwende lied. Het achterdoek is nietszeggend blauw.
En dan knalt het erin. Reusachtige close-ups van ICE-agenten die burgers opjagen en arresteren. Mensen met protestborden, een mozaïek van geïntimideerde demonstranten en helicopters met zoeklichten. Het is een verpletterende climax van een zorgvuldig opgebouwd verhaal over huis, thuis en gastvrijheid.
Elke donderdag de mooiste verhalen over kunst en cultuur: interviews, recensies en achtergronden