Winterspelen Xandra Velzeboer won voor de Nederlandse shorttrackers het vierde goud in Milaan, dit keer op de 1.000 meter. Ze dankte haar coaches dat ze precies op het juiste moment in topvorm is.
Xandra Velzeboer vocht zich vanuit het midden van de groep naar goud op de 1.000 meter shorttrack.
Zou Nederland deze Winterspelen nog een keer gaan verliezen met shorttrack? In de sport die notoir is om zijn onvoorspelbaarheid omdat schaatsers zichzelf en anderen in een oogwenk uit kunnen schakelen, lijkt er deze dagen in Milaan elke finale een oranje schaatser als eerste over de finish te komen.
Maandag was het weer de beurt aan Xandra Velzeboer, die in navolging van Jens van ’t Wout haar tweede individuele gouden medaille won, op de 1.000 meter dit keer. In tegenstelling tot op de 500 meter, waar Velzeboer geen moment níét op kop reed, vocht ze zich dit keer vanuit het midden van de groep naar voren voor haar tweede olympische titel.
Vijf ronden voor het einde moest eerst Arianna Fontana eraan geloven, de 35-jarige Italiaanse aan wie de 24-jarige Velzeboer vroeger een handtekening vroeg. Even aanzetten bij het uitkomen van de bocht, en toen lag Velzeboer op twee.
Nu kon het vizier op Courtney Sarault, de Canadese die dit jaar vrijwel elke wedstrijd op de 1.000 meter won. Met nog drie rondjes te gaan stak Velzeboer haar voorbij, terwijl achter haar de Zuid-Koreaanse Gil-li Kim aan een opmars begon. Ze schaatsten even naast elkaar over het rechte eind, maar toen deed Velzeboer bij het ingaan van de bocht de deur achter zich dicht en gleed ze in de laatste rondjes onbedreigd naar de finish.
Met haar armen wijd en het ongeloof op haar gezicht gleed Velzeboer rondjes over het ijs. Langs de kant keken bondscoach Niels Kerstholt en zijn assistent Haralds Silovs elkaar aan met een blik van: wat gebeurt hier? En op de boarding vormden vijftien oranje geklede teamgenoten – inclusief Jens van ’t Wout – en stafleden intussen een erehaag voor de tweevoudig kampioene.
Nederland leverde voor de derde keer op rij de olympische kampioen op de 1.000 meter shorttrack voor vrouwen. Na tweemaal Suzanne Schulting mag nu Xandra Velzeboer zich vier jaar lang de beste noemen op de afstand die de langeafstandsspecialisten van de 1.500 meter en de sprinters van de 500 meter bij elkaar brengt.
Helemaal een verrassing is dat niet. Velzeboer werd al eens wereldkampioen op de 1.000 meter in 2023. Toen versloeg ze in de finale onder meer Schulting. Sindsdien sloeg boegbeeld Schulting, deels gedwongen door ziekte en blessures, een andere richting in en ging langebaanschaatsen. Met Velzeboer diende een opvolger zich direct aan.
Haar specialiteit is het sprinten over 500 meter, waarop ze al haar explosiviteit kan aanspreken. Het liefst leidt ze op die discipline van start tot finish. Maar dat kan bij de 1.000 meter niet; daar wordt naast snelheid ook tactisch vernuft en uithoudingsvermogen gevraagd.
Velzeboer zat dit seizoen bij een aantal wereldbekerwedstrijden al dichtbij de overwinning, vertelde ze. „Ik zat vaak op de goede positie in de finale, maar dan was ik fysiek niet goed genoeg om het af te maken.” Dat gaf haar het vertrouwen dat het met haar race-instincten wel goed zat, zei Velzeboer.
Het was wachten op het moment dat alles samen kwam: fysieke topconditie, scherpe geest, flinke dosis zelfvertrouwen. „We hebben het hele seizoen hier naar toegewerkt, alle wedstrijden die hieraan vooraf gingen waren om te pieken op de Spelen. Dat heb ik het hele seizoen in mijn hoofd gehad, ook als dingen niet helemaal gingen zoals ik wilde.”
Ze roemde haar coaches Kerstholt en Silovs voor hun rol in het succes. „Zij bleven dit seizoen maar herhalen dat we moesten vertrouwen in het proces, dat alleen de Spelen telden. En ze hadden gelijk: Ik heb in de wereldbeker het hele seizoen maar een keer op het podium gestaan op deze afstand, maar hier win ik.”
Toen ze Jens van ’t Wout de afgelopen dagen twee keer goud zag winnen, gaf dat Velzeboer het laatste zetje naar de topvorm waarin ze nu verkeert. „Toen dacht ik: dit kan dus gewoon. Dat gaf zoveel vertrouwen, daar werd ik zo gretig van. Ik ben nu zo goed dat ik mijn snelheid van de 500 meter kan gebruiken om het af te maken. Ik had alles onder controle vandaag”, zei Velzeboer met haar eigen tweede gouden medaille om haar nek.
Velzeboer zei fysiek zo sterk te zijn dat ze haar sprintsnelheid kon gebruiken om de race af te maken.
Bondscoach Kerstholt verscheen even later bij de Nederlandse pers met een grote glimlach op zijn gezicht. Hij begon zijn verhaal niet met de nieuwe gouden medaille van Velzeboer, maar met de kwalificatie van de Nederlandse mannen op de aflossing voor de olympische finale, iets wat de vrouwen vorige week ook al lukte.
„Dat is vooraf een van onze grote doelen geweest, dat we met die relays het podium halen.” Een eerste poging om dat te doen, mislukte afgelopen week op de gemengde aflossing nadat Velzeboer onderuit ging. Maar er komen nog twee kansen aan: komende woensdag (vrouwen) en donderdag (mannen) moet het gebeuren.
Hij heeft Velzeboer de afgelopen jaren zien uitgroeien tot een complete shorttracker, zei Kerstholt. „Xandra is heel gedisciplineerd, die houdt van snelheid, die moet je echt afremmen soms. En als je dan ziet hoe ze deze finale tactisch uitspeelt, dat is heel lekker.”
Kerstholt noemde het statistisch zowat onmogelijk wat er de afgelopen dagen in het Forum Milano was gebeurd en probeerde het succes te „downplayen”, te relativeren. „Dat doe ik als we verliezen en als we winnen. In shorttrack valt de domino nou eenmaal de ene keer de ene kant op, dan weer de andere kant. Mensen moeten nu niet gaan denken dat wij nu altijd alles gaan winnen.”
Maar gevraagd of vier olympische titels wel te downplayen zijn, moest ook de bondscoach even naar zijn woorden zoeken. „Misschien niet, weet ik niet”, zei hij aarzelend, voordat hij in de lach schoot. „We zijn ook gewoon kneitergoed. Maar misschien is dit iets wat we nooit meer meemaken, dus we moeten er gewoon van genieten nu het zo is.”