Home

Oefenen in trots, via Jamai

Ik heb een Indische vriendin, die soms veel beter lijkt te snappen wat er in Indo’s broeit dan ik. Zo vertelde ik haar laatst dat ik geobsedeerd ben door het dirigeertalent van Jamai Loman in de televisiewedstrijd Maestro. Ze deelde die obsessie. Net als ik keek en herbekeek zij de afgelopen weken zijn optredens. Hoe waardig, zelfverzekerd en elegant hij ingewikkelde werken als het Concerto for Orchestra van Bartók dirigeerde. Ik was me nog aan het verwonderen over deze toevalligheid, toen ze me zei dat de fascinatie te maken heeft met het feit dat Jamai Loman een Indische man is, die zonder terughoudendheid en in kalmte leidt, terwijl zij en ik (onbewust) onze achtergrond associëren met nederigheid en bescheidenheid. Zijn winst is zo ook een beetje die van ons. „Een gelaagd rolmodel”, noemde ze hem.

De week daarop, toen ik haar vroeg waarom we allebei zo’n voorliefde hebben voor Hermès-sjaals, herinnerde ze me eraan hoe Indische vrouwen schoonheid en elegantie als overlevingsmechanisme gebruiken. Een Cartier-horloge maakt je minder kwetsbaar voor de veroordelende ogen van degenen die je voorouders overheersten. Parels, ringen en Dior-tassen zijn niets minder dan een wapenuitrusting. Een harnas.

Ik bevind me nu in een levensfase waarin ik het Indische deel van mezelf niet constant benadruk. Ik schrijf er niet veel over, ik lees geen Indische literatuur.

Misschien is een van de redenen daarvoor wel lafheid. Het gekeerde tij in de wereld en daarmee de angst om als ‘de ander’ gezien te worden. Bovendien voelt het minder prangend om te graven naar de wortels van een verleden als er onder onze ogen zoveel nieuwe geschiedenis wordt gemaakt.

Een bijkomende luxe van Indisch zijn, is bovendien dat je het af en toe een beetje mag wegmoffelen want de Indo, die is nooit een probleem geweest voor de Nederlander. Die is door middel van bloedvermenging al geclaimd. Die zorgt niet voor problemen. Die mag er gewoon zijn, tot op zekere hoogte dan, want er zijn natuurlijk grenzen aan de ruimte die je mag claimen. What else is new.

Een andere vriendin, met een Puerto Ricaanse moeder, maakt in een andere variatie vaak hetzelfde mee. Veel verder dan ‘I like to be in America’ uit West Side Story komen vrienden niet wanneer we het over haar roots hebben. En in Nederland bestaat geen enorme Puerto Ricaanse gemeenschap, dus kan ze zich zelden laven aan haar moedercultuur. En zo wordt ze regelmatig gezien als een Nederlander met een toevallige enorme bos krullen.

Maar nu is daar Bad Bunny, de Puerto Ricaanse superster die vorige week optrad in de beroemde halftimeshow van de Amerikaanse Super Bowl. In zijn show bleek Zuid-Amerikaanse vreugde een politiek statement tegen de onderdrukking en haat van de regering-Trump. De show, die uit elkaar barstte van talent en liefde, liet nog maar eens zien hoe schraal, wanstaltig en bloedeloos het nieuwe fascisme is. Een hoopvol moment voor iedereen die gelooft dat er nog een tegenstem mogelijk is. Mijn vriendin werd overspoeld door terechte trots: haar achtergrond was opeens een schitterend teken van verzet.

Dus daar ga ik dan. Sjaaltje om, grote Gucci-zonnebril op en dan nog maar eens Jamai kijken, hoe zijn directie van het thema van Schindler’s List in het programma door jury en presentator heel voorzichtig tot politiek statement werd verklaard.

Oefenen in trots, dat is het.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Cultuurgids

Elke donderdag de mooiste verhalen over kunst en cultuur: interviews, recensies en achtergronden

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next