Verenigd Koninkrijk Nadat actievoerders inbraken op luchtmachtbasis Brize Norton van de Royal Air Force, in Oxfordshire, werd de activistengroep als terroristische organisatie bestempeld.
Een demonstrant schreeuwt in een megafoon nabij het Koninklijke Gerechtshof op 13 februari.
Het Britse verbod op de pro-Palestijnse actiegroep Palestine Action is ongrondwettelijk, oordeelde het Londense Hooggerechtshof vrijdag. Het verbod heeft geleid tot een aanzienlijke inbreuk op het recht op vrijheid van meningsuiting en het recht op vrijheid van vereniging, aldus de rechter.
Toch blijft het verbod voorlopig gelden omdat de Britse staat nog in beroep kan gaan. Kort op de uitspraak kondigde de regering aan die stap inderdaad te zetten.
De in 2020 opgerichte actiegroep, die ook in Nederland actief is, ageert tegen „Israëlische apartheid”, geweld in Gaza en Israëlische wapenhandel met het Verenigd Koninkrijk. Leden van de protestgroep bezetten en blokkeerden onder meer Britse filialen van de Israëlische wapenfabrikant Elbit Systems. In Nederland werd het kantoor van verzekeraar Allianz, dat aandelen heeft in Elbit Systems, beklad met rode verf en beschadigd.
Ook werd vorige zomer ingebroken bij de luchtmachtbasis Brize Norton van de Royal Air Force, in Oxfordshire. Vanaf deze basis vertrekken militairen naar Cyprus, waarvandaan de Britse luchtmacht vliegtuigen laat opstijgen voor verkenningsvluchten boven onder meer Gaza. Die actie ging het Britse parlement te ver, waarna vorig jaar zomer de activistengroep als terroristische organisatie werd bestempeld – tot onvrede van onder meer mensenrechtenorganisaties als Amnesty International. De groep had vanaf dat moment dezelfde status als Islamitische Staat en Al-Qaida. Kort op het besluit kondigde de medeoprichter van Palestine Action Huda Ammori aan een zaak te maken van het verbod.
Door het verbod was het voortaan ook illegaal om steun te betuigen aan of uitingen te dragen van Palestine Action. De lanceringsdatum van een documentaire over de actiegroep werd daarom vervroegd. Tientallen sympathisanten van de groep werden later gearresteerd voor het openlijk steunen van de groep, vooral tijdens demonstraties. Enkele opgepakte leden van de groep gingen in hongerstaking.