Vioolconcert Violiste Noa Wildschut (24) woont in Berlijn en logeert weer even bij haar ouders in Hilversum voor twee Nederlandse tournees. Als voor een concert in Enschede de andere twee musici vertraagd zijn, stapt ze maar vast alleen het podium op. „Het is ‘God zegene de greep’ en gewoon spelen.”
Noa Wildschut treft voorbereidingen voordat de repetitie van het Nederlands Studenten Orkest in Someren begint.
Het begin van Tsjaikovski’s hartstochtelijke Pianotrio weerklinkt in mijn hoofd. Vanavond staat het op de lessenaars in het zevende concert van de tournee met pianist Nikola Meeuwsen en cellist Benjamin Kruithof. Ik maak me klaar om naar Enschede te vertrekken. De telefoon gaat. Ik hoor lichte paniek in Benjamin’s stem. Zijn trein is vertraagd, hij komt pas om acht uur in Enschede aan, de aanvangstijd van ons concert.
Nikola en ik stellen hem gerust: we beginnen gewoon met viool-pianoduo’s totdat hij er is. Eenmaal in de trein belt Nikola. Je zult het niet geloven, zegt hij, maar ook hij heeft problemen met zijn overstap in Duitsland. Hij verwacht er pas om half negen te zijn. Daar sta je dan, moederziel alleen in de kleedkamer, starend naar de dampende minestronesoep en de broodjes die geduldig wachten om door drie hongerige musici verorberd te worden.
Na wat heen-en-weer ge-app besluiten Benjamin en ik om dan maar viool-celloduo’s te spelen. Koortsachtig zoek ik op mijn iPad naar bladmuziek. Maar dan wordt duidelijk dat ook Benjamin acht uur niet haalt. Ik zal solo beginnen met de Tweede partita voor viool solo van Johann Sebastian Bach, die ik voor het laatst in september heb gespeeld. Voordat ik het weet, sta ik voor een volle zaal. Stil doe ik een schietgebedje en begin met de eerste noten van Bach. Het is ‘God zegene de greep’ en gewoon spelen. Na elk deel werp ik een blik achterom, op zoek naar een levensteken van beide jongens. Vlak voor de beruchte ‘Chaconne’ verschijnen ze. De joelende zaal haalt ze als helden binnen.
Noa Wildschut arriveert bij Theater De Ruchte in Someren.
Ik woon in Berlijn, waar ik bleef na mijn studie aan het Hanns Eisler conservatorium. Maar vanwege twee tournees in Nederland verblijf ik deze dagen bij mijn ouders in Hilversum. Behalve de tien concerten met Nikola en Benjamin reis ik twee weken door Nederland en deels België en Duitsland voor twaalf optredens met het Nederlands Studenten Orkest (NSO).
Het werd laat gisteren, en vanmorgen moest ik weer vroeg op voor een Zoom-vergadering met de staf van het zomerfestival in het noord-Duitse Mecklenburg-Vorpommern, waar ik volgend jaar artist-in-residence ben. Dat betekent dat ik voorstellen doe voor programma’s en musici voor vijftig tot zestig concerten in drie maanden. Ik heb een kolossale kop koffie nodig om wakker te worden. Terwijl ik van mijn koffie met havermelk nip, vraag ik me af of de planten in mijn Berlijnse appartement nog leven.
Na een lange vergadering buig ik me over een opname van ConcertLab, die dezelfde dag online zal komen. Ik vind het altijd confronterend om mezelf te horen, maar probeer objectief te luisteren. Na wat kleine aanpassingen maak ik me klaar om naar het Noord-Brabantse Someren te rijden, waar morgenochtend de repetities met het NSO beginnen. We slapen in een grote, studentikoze boerderij. In mijn kamer is er nog geen handdoek en wc-papier, en op het stapelbed liggen dunne dekens. Nadat ik vergeefs probeer de verwarming op mijn kamer aan de praat te krijgen, blijk ik ook nog mijn pyjama vergeten te zijn. Uiteindelijk kruip ik met kleren aan in bed. Niet heel handig van mij, ik wilde juist wat bijslapen. Maar ik moet er ook om lachen. Iedereen is superlief en ik ben met veel enthousiasme ontvangen.
Noa Wildschut wacht tot ze mee kan doen met de repetitie van het Nederlands Studenten Orkest, in theater De Ruchte in Someren.
Vandaag repetities voor het Tweede Vioolconcert van Prokofjev met het NSO. De laatste keer dat ik dit stuk met orkest speelde, was acht jaar geleden. De meeste musici in het orkest zijn van mijn leeftijd, misschien iets jonger. Ik speel meestal met mensen die ouder zijn dan ik, maar het jeugdige en aanstekelijke enthousiasme van leeftijdsgenoten voelt op een prettige manier anders: ze lachen veel en ik heb vaak oogcontact met ze tijdens het spelen. Er hangt een goede, frisse groepsvibe.
De dag is intens. Bij een professioneel orkest heb ik voor een concert misschien anderhalf uur om zo’n stuk van Prokofjev te repeteren. Het NSO repeteert daarentegen tien uur per dag op de stukken, met veel gezelligheid tussendoor.
’s Avonds laat kom ik moe maar voldaan weer aan in Hilversum.
Noa Wildschut vooraf aan haar optreden.
Noa Wildschut treft voorbereidingen voordat de repetitie begint.
De wekker gaat om kwart over zes. Ik slaap deze week niet veel meer dan zo’n vijf uur per nacht. De vermoeidheid slaat toe. Mijn lichaam heeft sowieso altijd tijd nodig om de loomheid van de slaap af te schudden. Ik ben geen ochtendmens, maar deze morgen wacht het ‘hoogtepunt’ uit de serie met Nikola en Benjamin: het Zondagochtendconcert in het uitverkochte Amsterdamse Concertgebouw, dat live op de radio wordt uitgezonden.
We moeten er om half negen zijn om nog een korte video op te nemen voor de socials van het Concertgebouw. Alle drie voelen we de positieve adrenaline. Daardoor durven we op het podium risico’s te nemen en spontaan te musiceren. We geven alles, zonder eraan te denken dat we drie uur later nog een keer optreden in PHIL Haarlem. Tussendoor is er nog een fotoshoot. We voelen echt een muzikale klik en willen graag als trio met elkaar verder. In Haarlem zijn we net op tijd voor een snel broodje en een korte zaalrepetitie. We schudden de uitputting van ons af, want vanmiddag is ons allerlaatste concert van deze tour. Nog één keer rocken.
De deur van de zaal gaat open voor het optreden van Noa Wildschut.
Eindelijk uitgeslapen. Om half vier moet ik in Someren zijn voor de zaalrepetitie met het NSO voor ons eerste concert. Mijn vader biedt aan om me te rijden. Fijn, want ik merk dat ik even op krachten moet komen.
Het theater heeft een kurkdroge akoestiek, gemaakt voor sprekers, maar voor musici is het lastig spelen. Desondanks verheugen we ons op het vrijwel uitverkochte concert. Tussen repetitie en concert zit twee uur, maar de tijd vliegt voorbij met telefoontjes en een vergeefse zoektocht naar een maansteenkettinkje dat mijn moeder me heeft gegeven en ik altijd draag. Het moet ergens afgevallen zijn. Vlak voordat ik het podium op moet, schieten al mijn snaren los. Dat gebeurt wel vaker als het buiten koud is, maar zo net voor opkomst is niet ideaal; het kost tijd om de snaren weer op stemming te brengen. Het publiek wacht geduldig totdat ik klaar ben met stemmen en geeft me een warm onthaal als ik het podium oploop.
Noa Wildschut speelt samen met het Nederlands Studenten Orkest.
Noa Wildschut in gesprek met dirigent Arjan Tien na haar optreden.
Noa Wildschut speelt in februari met het Nederlands Studenten Orkest (NSO). Speeldata en tickets: www.nso.nl
Elke donderdag de mooiste verhalen over kunst en cultuur: interviews, recensies en achtergronden
Source: NRC