Home

12 jaar cel en tbs geëist tegen verdachte Mark S. wegens online misbruik: ‘Het was sextorture’

Het Openbaar Ministerie eist een gevangenisstraf van 12 jaar en tbs met dwangverpleging tegen Mark S. Volgens justitie heeft de 32-jarige verdachte zich schuldig gemaakt aan grootschalig (online) seksueel misbruik.

is regioverslaggever van de Volkskrant in Noord-Nederland.

Niet eerder werd in een onlinemisbruikzaak zo’n hoge straf geëist. Volgens de officier van justitie schiet de term ‘sextortion’ (afpersing met naaktbeelden) tekort om de daden van S. te beschrijven. Het was ‘sextorture’, verwijzend naar het Engelse woord voor marteling: zo indringend en vergaand was zijn gedrag. Het gaat om oplichting, afpersing, ontucht en zelfs verkrachting.

‘De dreiging en drang druipen uit het dossier. Het is onmogelijk om uit te drukken hoezeer de verdachte is binnengedrongen in het intieme leven van slachtoffers’, stelde de officier van justitie.

S. wist gedurende een periode van ruim tien jaar op geraffineerde wijze naaktbeelden af te troggelen van meisjes en jonge vrouwen, waarmee hij hen vervolgens chanteerde. Ze moesten nog meer foto’s of video’s sturen, duizenden euro’s betalen of seksuele handelingen met anderen verrichten. ‘Met valse verzinsels en identiteiten lokte hij meisjes in hun net’, aldus de officier van justitie.

OM vermoedt hoger aantal slachtoffers

In het dossier zijn de ervaringen van 21 meisjes en jonge vrouwen betrokken, van wie de jongste 12 jaar oud was. Maar tijdens de inhoudelijke behandeling werd duidelijk dat justitie vermoedt dat S. ruim honderd slachtoffers maakte.

Volgens het OM staat ‘onomstotelijk vast’ dat Mark S. achter de diverse accounts zit van waaruit de vrouwen werden gedwongen. Er is zestig pagina’s aan bewijs, met name digitale sporen zoals beelden, betaalaccounts en opgeslagen inlognamen en wachtwoorden in telefoons en computers.

S. heeft bijna stelselmatig alles ontkend in verhoren bij de politie en tijdens de behandeling van de zaak in de rechtbank. ‘Hij legt alles constant buiten zichzelf en geeft anderen de schuld.’

Alias

Regelmatig wierp hij zich, onder weer een ander alias, op als een ‘redder in nood’, waarmee hij de vrouwen juist verder in de knel bracht. Hij sprak zelf van ‘een gezamenlijk verdienmodel’.

Maar volgens justitie kan hij niet uitleggen wat het voordeel was voor de slachtoffers. ‘Hij had lak aan hen. Steeds weer zei hij dat alles klaarstond om verspreid te worden.’

Volgens justitie hebben de meiden en vrouwen daardoor ‘lange tijd angsten doorstaan’. S. stelde steeds extremere eisen. De slachtoffers hebben te maken met schaamte, wantrouwen, jarenlange depressies, huisuitzetting en zelfs suïcidepogingen.

Volgens de officier van justitie durfden ze er niet met anderen over te praten uit schaamte en het gevoel naïef te zijn geweest.

S. beweert dat hij enkel financiële motieven had en zijn gokverslaving wilde bekostigen. Daar gelooft justitie niets van. Volgens het OM had hij wel degelijk ook seksuele opwinding als doel. ‘Hij probeerde seksuele fantasieën te botvieren op slachtoffers, als een seksbaas in een virtuele harem.’

Licht verminderd toerekeningsvatbaar

Deskundigen stelden een persoonlijkheidsstoornis bij S. vast. Daarom is hij volgens justitie licht verminderd toerekeningsvatbaar, en zou hij behandeld moeten worden in een tbs-kliniek.

Het wekte verbazing en verontwaardiging dat veel slachtoffers eerder aangifte of melding deden bij de politie, maar dat zij werden ‘afgepoeierd’, zoals de rechtbank het formuleerde.

Volgens het OM deden negen vrouwen eerder aangifte, de eerste in 2010. Een stopgesprek haalde niks uit en kreeg geen gevolg. Het duurde tot 2024 voordat S. werd opgepakt. Pas na inbeslagname van diverse telefoons en laptops werd duidelijk dat alle zaken verband met elkaar hielden en wezen in zijn richting.

Beperkte capaciteit

De officier van justitie wees op de forse toename van online seksueel misbruik, en pleitte voor ‘meer blauw achter het toetsenbord’. Hoewel hij begrip toonde voor de ‘frustratie’ van de slachtoffers die zich tevergeefs meldden, nam hij het ook op voor de politie.

In 2011 zouden er minder technische opsporingsmiddelen zijn geweest, was het lastig een weg te vinden in de kluwen van anonieme accounts en konden slachtoffers mede daardoor ook de identiteit van S. niet overleggen. ‘Ik zou willen dat elk geval van online seksueel misbruik aangepakt wordt, maar de realiteit is anders.’ Hij noemde daarbij ook beperkte capaciteit en prioriteiten als beperkende factoren.

‘Het is wat ons betreft nu niet gepast om gedetailleerd op de zaak in te gaan en iets te zeggen over onze rol’, zei een woordvoerder van de politie vorige week nog, maar woensdag kondigde die alsnog een onderzoek aan.

‘We vinden het heel belangrijk om zorgvuldig uit te zoeken wat de rol van de politie precies is geweest, of er gedaan is wat de slachtoffers van de politie hadden mogen verwachten en of er dingen zijn geweest die wij anders hadden moeten doen.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next