Nieuwe wereldorde De Canadese premier Mark Carney oogstte lof met zijn analyse van de gebroken wereldorde. Het mondiale Zuiden was minder onder de indruk. „Wij hebben deze necrologie al decennia geleden geschreven.”
De Canadese premier Mark Carney in Davos.
Het was de juiste toespraak op het juiste moment. Even eerder was Renee Good in Minneapolis gedood door ICE-agenten, die door Donald Trump op vreemdelingenjacht gestuurd waren. Zelf dreigde de president die weken met al dan niet gewelddadige inname van Groenland. Overal in het Westen ging er een schokgolf rond: hoe moet het verder, nu de baas van het machtigste land in ons blok zo onvoorspelbaar geworden is?
En toen was daar Mark Carney. Terwijl de ogen in Davos gericht waren op Trump, benoemde de Canadese premier in zijn speech het einde van de op regels gebaseerde wereldorde. Middelgrote landen moeten samenwerken, zei Carney – anders belanden ze bij de grootmachten op het menu.
Eindelijk was er een westerse leider die opstond tegen het imperialistische gedrag van Trump, in plaats van hem angstig naar de mond te praten. De toespraak werd met een staande ovatie beloond, filmpjes ervan werden gretig gedeeld. Carney vestigde zijn naam op het wereldtoneel.
Maar niet iedereen was onder de indruk. In het mondiale Zuiden werd Carneys toespraak minder enthousiast ontvangen. Niet omdat ze vonden dat hij ongelijk had, maar omdat ze zijn observaties nogal obligaat vonden. „Carneys toespraak is het moment waarop het Westen eindelijk hardop de necrologie voorleest die het Zuiden al decennia geleden heeft geschreven”, aldus de Zuid-Afrikaanse commentator Nco Dube.
Een opvallend element in de toespraak was dat Carney expliciet benoemde dat de betreurde wereldorde altijd al een beetje krom was geweest. Dat de sterkste landen zich altijd al aan de regels onttrokken wanneer dat hen uitkwam. Dat handelsregels asymmetrisch toegepast werden. En dat het internationaal recht met „wisselende strengheid” toegepast werd, afhankelijk van wie de beschuldigde was, en wie het slachtoffer.
Waar Carney in het Westen bejubeld werd om zoveel eerlijkheid, werd hij daarbuiten juist geridiculiseerd. Zo, dus in het Westen komen ze er ook een keertje achter dat het scheef verdeeld is in de wereld – pas nu ze zelf ‘op het menu’ dreigen te komen? Wij worden al jaren opgepeuzeld!
Of, in de woorden van Dube: „Het is het politieke equivalent van een ervaren jazzmuzikant die toekijkt hoe een nieuwkomer applaus krijgt voor het ‘uitvinden’ van improvisatie. Afrika zegt deze dingen al een halve eeuw. […] Maar wanneer kritiek uit de periferie komt, wordt ze afgedaan als geklaag. Wanneer deze kritiek afkomstig is van een G7-premier in Davos wordt ze ‘moedig’ genoemd.”
Niet alleen is het Westen nogal laat met de diagnose van wat er aan de hand is; de kromme wereldorde diende ook zuiver de westerse belangen. Nu dat niet langer het geval is, wordt men ineens wakker. „Het Westen zag het lijk pas toen het hen niet langer van nut was”, aldus Dube.
Protesten tegen de immigratiepolitie in Minneapolis.
Er is een overeenkomst tussen de reacties op Carney en de geschoktheid om het optreden van agenten in Minneapolis. Zoals Carney westerse hypocrisie verweten wordt, krijgt wit Amerika te horen dat hun zwarte buren al decennia onder politiegeweld te lijden hebben. Dus nú, pas nu het jullie zelf treft, vragen jullie je af waarom de politie zomaar mensen doodschiet?
Witte en/of westerse hypocrisie is de afgelopen jaren een groot thema geworden bij denkers uit het mondiale Zuiden. Deze trend is zonder twijfel aangewakkerd door de manier waarop in het Westen gereageerd is op Israëls genocidale geweld in Gaza.
De Indiase auteur en essayist Pankaj Mishra zag in Gaza het bewijs dat het witte superioriteitsdenken na de Tweede Wereldoorlog nooit is verdwenen. De steun voor Israël is wat hem betreft niet alleen het resultaat van een schuldgevoel over de Shoah, maar óók „een zaak van westers racistisch kolonialisme”.
Of neem de Egyptisch-Canadese schrijver Omar el-Akkad, die betoogt dat de genocide in Gaza „zal worden herinnerd als het moment waarop miljoenen mensen naar het Westen keken, naar de op regels gebaseerde orde […], en zeiden: ik wil hier niets mee te maken hebben”.
Het heeft „iets grotesks”, aldus de Tunesische schrijver Soumaya Ghannoushi, om te zien hoe Europa plotseling het internationaal recht herontdekt wanneer Trump spreekt over de annexatie van Groenland. „Dezelfde regeringen die maandenlang juridische normen hebben verscheurd, wapens hebben geleverd en verantwoordelijkheid hebben geweigerd toen Gaza werd verpulverd, spreken nu ernstig over soevereiniteit en orde.”
De Spaanse stad Guernica na het bombardement in 1937..
Die kritiek op westerse hypocrisie is niet nieuw. Zo werd er in de eerste helft van de twintigste eeuw lauw gereageerd op de destijds gloednieuwe tactiek van vliegtuigbommen op vijandelijke doelen. Pas toen het luchtgeweld Europa raakte, met het bombardement op de Spaanse stad Guernica in 1937, kreeg dit type verwoesting voor het Westen morele urgentie.
De Zweedse auteur Sven Lindqvist vergeleek dit bombardement met de Spaanse luchtaanval op het Marokkaanse Chechaouen, twaalf jaar eerder. Dat eerdere bombardement verbaasde niemand, aldus Lindqvist, omdat het „logisch leek dat ‘wilden’ gebombardeerd werden”. Met Guernica werden de koloniale oorlogen in één keer naar ons ‘eigen terrein’ verplaatst.
Zo worden er ook volop historische parallellen getrokken over het optreden van ICE in Minneapolis. De agenten die op ongedocumenteerde vreemdelingen jagen zouden bijvoorbeeld overeenkomsten vertonen met negentiende-eeuwse slavenjagers. Minnesota heeft wel wat weg van Bagdad ten tijde van de Amerikaanse bezetting, aldus journalist Lotfi el Hamidi in De Standaard. En historicus Timothy Snyder vergelijkt Trumps politieke logica met die van Hitler en Stalin: allen gebruiken ze ‘grenzen’ en ‘vreemdelingen’ als voorwendsel om de wet voor iederéén buiten werking te stellen.
Al snel na de Holocaust stelden antikoloniale denkers dat westerse landen het fascistische geweld in hun koloniën hadden geoefend. Ook Duitsland: dat roeide tussen 1904 en 1908 in Namibië zo’n 80.000 ‘opstandige’ inheemsen uit, onder meer in concentratiekampen.
El Hamidi verwijst in zijn artikel naar Aimé Césaire (1913-2008). Deze Frans-Martinikaanse schrijver en essayist schreef in 1950 het boek Discours sur le colonialisme – vier jaar geleden vertaald als Over het kolonialisme – waarin hij stelde dat regeringen die repressieve technieken ontwikkelen om imperialisme af te dwingen of koloniale gebieden te controleren, diezelfde technieken uiteindelijk in eigen land tegen hun eigen burgers zullen gebruiken.
Deze ‘imperiale boemerang’ is ook in Minnesota te zien, betoogt El Hamidi. De oorlogstaal en tactieken die de VS in het buitenland hebben gebruikt, vooral tijdens de war on terror, worden nu ingezet tegen de eigen bevolking.
Familieleden rouwen om de dodelijke slachtoffers van een Israëlische aanval in Gaza-Stad in mei 2025.
Ghannoushi ziet nog een hedendaagse parallel: die tussen Minneapolis en het Israëlische geweld tegen Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever. In beide gevallen gaat het volgens haar om buitengerechtelijk geweld, totale straffeloosheid en terreur als middel om gehoorzaamheid af te dwingen.
Die overeenkomst berust niet op toeval. Amerikaanse en Israëlische veiligheidstroepen trainen samen, constateert Ghannoushi, en leren dus van elkaars tactieken. Wat op Palestijnen is getest, wordt nu elders genormaliseerd.
Een groot verschil is dat de gedode Palestijnen veel minder woede oproepen in het Westen. Daarvoor zijn in de loop der jaren al veel verklaringen aangedragen. Er is de logica van het nieuws, die stelt dat doden ‘verder weg’ minder groot of breaking zijn – en bezet Palestijns gebied voelt ook voor de gemiddelde Nederlandse nieuwsconsument verder weg dan Minnesota. En er is volgens critici sprake van racisme: een dode witte Amerikaan wordt ‘erger’ gevonden dan een dode Arabier.
Wat ook meespeelt, is dat Israël het doden van welke Palestijn dan ook routinematig probeert te rechtvaardigen door het slachtoffer een ‘terrorist’ te noemen. Dat woord is volgens critici niet neutraal.
Sommige daden zijn ondubbelzinnig onder de noemer ‘terrorisme’ te plaatsen: de Hamas-aanval van 7 oktober 2023, bijvoorbeeld, of de aanslag op de redactie van Charlie Hebdo in Parijs. In die gevallen zullen weinigen over het woord ‘terrorist’ struikelen.
Maar de algemene afschuw over terreurdaden wordt ook instrumenteel ingezet. Het label ‘terrorist’ helpt om vijanden zwart te maken – ook als ze het internationaal vastgelegde recht hebben om zich, zoals de Palestijnen, tegen een situatie van bezetting te verdedigen.
Zelfs al worden Palestijnen van een daadwerkelijke terreurdaad verdacht, dan nog schieten Israëlische veiligheidstroepen hen veel vaker dood dan elders op de wereld in vergelijkbare gevallen. Het is een kwestie van mikken: als er iemand met een mes op je afkomt, schiet je hem dan in de knie, of door het hoofd? Zelfs roerloze Palestijnen worden doodgeschoten. De Israëlische daders komen er meestal zonder of met een zeer lichte straf van af.
Ook de Amerikaanse regering probeert de dood van Renee Good, en later die van Alex Pretti, te rechtvaardigen door hen zwart te maken. Over Pretti zei Trumps adviseur Stephen Miller dat hij een ‘binnenlandse terrorist’ geweest was. De Iraanse ayatollah Ali Khamenei bestempelt de demonstranten tegen zijn regime overigens eveneens als terroristen.
Er waren in het mondiale Zuiden ook positieve geluiden te horen over Carneys toespraak. Volgens de Zuid-Afrikaanse journalist Peter Fabricius is de voorgestelde alliantie van middelgrote landen een betere keuze voor zijn land dan vasthouden aan BRICS, het samenwerkingsverband waar het nu in zit. Dat verband, oorspronkelijk met Brazilië, Rusland, India en China, heeft zich inmiddels uitgebreid met landen als Indonesië, Egypte en Iran.
Anderen zien het als iets positiefs is dat de visie van het mondiale Zuiden tot een westerse regeringsleider doorgedrongen is. Je kunt benadrukken dat dat inzicht laat kwam, maar je kunt ook toejuichen dat er tenminste overeenstemming is om iets aan de scheve verdeling in de wereld te doen. Dat moet dan wel gebeuren onder een nieuw gesternte, waarin het recht van de sterkste geldt.
Terugblikken, extra analyses en leestips bij de laatste uitzending van de podcast Wereldzaken.
Source: NRC