Het kabinet-Jetten kan teren op behoorlijk wat ervaring. In de ministersploeg is vooral het midden van het land vertegenwoordigd. De verhouding tussen man en vrouw komt wat schever te liggen.
zijn onderzoeksjournalist en datajournalist van de Volkskrant.
Het kabinet-Jetten dat over bijna twee weken door koning Willem-Alexander moet worden beëdigd, heeft veel meer ervaring dan het vorige. Onder premier Dick Schoof trad in 2024 voor het eerst in de parlementaire geschiedenis een ministersploeg aan zonder enige eerdere ministeriële ervaring. Van de zeventien ministers die onder Jetten gaan werken, hebben er zes al eerder als minister gediend.
De ervaring wordt in het kabinet vooral door de VVD ingebracht. Dilan Yesilgöz (Defensie), Eelco Heinen (Financiën), David van Weel (Justitie en Veiligheid), Vincent Karremans (Infrastructuur en Waterstaat) en Sophie Hermans (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) waren alle vijf eerder minister. Verder is beoogd minister Stientje van Veldhoven (Klimaat en Groene Groei) namens D66 de enige met eerdere ministeriële ervaring.
De ministersploeg is voornamelijk afkomstig uit het midden van het land. Zuid-Holland, Utrecht en Noord-Brabant leveren ieder drie ministers. Uit Noord-Holland, Gelderland en Overijssel komen twee ministers. De provincies Groningen, Friesland, Flevoland, Limburg en Zeeland zijn in deze ministersploeg niet vertegenwoordigd.
Twee ministers (Elanor Boekholt-O’Sullivan en Yesilgöz) zijn in het buitenland geboren. Rob Jetten zelf is geboren in het Brabantse Veghel.
De man/vrouw-verhouding in de ministerploeg is onder Jetten iets schever dan in voorgaande jaren. Net als in het kabinet-Schoof telt de ministersploeg zeven vrouwelijke ministers. Omdat kabinet-Jetten echter meer mannelijke ministers telt (10 in plaats van 8) daalt het percentage vrouwen tot 41 procent.
Het enige kabinet dat meer vrouwelijke dan mannelijke ministers telde, blijft daarmee voorlopig Rutte-IV. In die ministersploeg zetelden 11 vrouwen en 9 mannen. Pas in Ruttes tweede kabinet, dat in 2012 aantrad, was minimaal een derde van de ministers vrouw.
De staatssecretarissen in het beoogde kabinet-Jetten trekken de man/vrouw-verhouding wel wat gelijker. Eind deze maand zal de koning voor deze functies zes vrouwen en vier mannen beëdigen. Daarmee maken vrouwen 46 procent uit van het totale kabinet (inclusief Jetten zelf).
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant