Home

‘De eindigheid van de wereld’ zou evengoed tussen de horror kunnen staan als in de economiesectie

Je kunt het neoliberalisme wel doodwensen, maar wat komt er dan voor in de plaats? ‘Geen socialistisch systeem, maar het autarkische, xenofobe en oorlogszuchtige illiberalisme’, aldus de Franse econoom Arnaud Orain. Oftewel: het roofkapitalisme. Hij schreef er een voortreffelijk, verontrustend en hoogst actueel boek over.

is economieredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft over de financiële sector.

Het krioelt in de wereldliteratuur van verhalen over de duistere gevolgen van een uitgekomen wens, van de gouden handjes van koning Midas tot de horrorklassieker The Monkey’s Paw. In het Tsjechische sprookje Otesánek gaat de kinderwens van een stel op macabere wijze in vervulling wanneer hun baby, een tot leven gekomen boomstronk, zo’n onverzadigbare honger aan de dag legt dat hij zijn ouders opvreet. Een beroemde Indiase fabel verhaalt dan weer over een arme wever die een extra hoofd en paar handen wenst om aan twee lappen stof tegelijk te kunnen werken. Helaas zien mensen de tweekoppige wever aan voor een demon, en knuppelen hem dood.

In de wereldeconomie is iets vergelijkbaars gebeurd. Het neoliberalisme is de voorbije decennia door zo veel schrijvers doodgewenst dat ze met al hun boeken gemakkelijk heel Wall Street hadden kunnen dichtmetselen en via uithongering op de knieën hadden kunnen krijgen. Inmiddels mogen we veilig concluderen dat hun wens is uitgekomen: het vermaledijde neoliberalisme, met zijn ongelijkheid, egoïsme, klimaatschade en dogmatische marktgeloof, is dood en begraven. Maar de aarde op zijn kist is nauwelijks aangestampt of een veel erger monster rijst al uit het graf: het roofkapitalisme.

Monsterlijk

Over dit monster schrijft de Franse econoom en historicus Arnaud Orain (1977) in zijn voortreffelijke en, alleen al gezien Donald Trumps imperiale ambities in Venezuela en Groenland, uiterst actuele boek De eindigheid van de wereld – Mateloos kapitalisme van de zestiende eeuw tot vandaag. Het (neo)liberalisme, merkt Orain op, is een systeem dat telkens zijn eigen ondergang voortbrengt.

‘Wanneer het zijn voorvechters niet meer tevredenstelt, gooien zij het roer om en proberen er op tal van gebieden mee af te rekenen. Wat er vervolgens ontstaat is geen socialistisch systeem, maar het autarkische, xenofobe en oorlogszuchtige illiberalisme. En dat heeft zowel de werkende mens als de consument niets te bieden, groei noch overvloed.’

Het neoliberalisme staat tot het roofkapitalisme als een lieflijk zoemend honingbijtje tot een killer bee, toont Orains boek. Marktdenken wijkt voor machtsdenken. Vrijhandel voor tariefmuren. Concurrentie voor monopolies. Uitwisseling voor uitbuiting. Mensenrechten voor staatsraison. En multilateralisme en diplomatie voor nationalisme en wapengekletter. Niet langer geldt handel als een spel waarin alle partijen op zijn minst een beetje winnen, maar als een nulsomspel, waarin alle buit toebehoort aan de overwinnaar.

Natuurlijk, het neoliberalisme was hypocriet, met zijn gladde praatjes over economische groei als een vloed die alle bootjes zou optillen en de wereld zou omtoveren tot één grote Kumbaya zingende global village. Maar het roofkapitalisme is veel erger dan hypocriet: het verhult zijn plunderzucht niet eens meer.

Eindigheid

‘Le capitalisme de la finitude’, het kapitalisme van de eindigheid, noemt Orain dit rechts-reactionaire wereldbeeld. ‘De stuwende kracht hierachter is sinds vijf eeuwen een angstige onrust die bij de elites ontstaat en zich vervolgens als een olievlek verspreidt onder grote delen van de bevolking: dat is het gevoel dat de wereld ‘eindig’ is, oftewel begrensd, beperkt, en dat die in allerijl moet worden ingepalmd.’

Schaarste vormt natuurlijk altijd de kern van de economie, maar in sommige perioden slaat bij machthebbers de vlam in de hersenpan, en bekruipt hen een koortsachtig gevoel van op=op, van grijpen wat je grijpen kunt zolang de voorraad strekt. Het gebeurde in de 17de en 18de eeuw, toen de Vereenigde Oostindische Compagnie, ‘een van de grootste monopolisten die de geschiedenis ooit had gekend’, rovend en moordend door Azië voer. Het gebeurde opnieuw tussen 1880 en 1945, toen de Britten en de Duitsers wedijverden om de heerschappij op de wereldzeeën.

En het gebeurt momenteel weer, nu de pax Americana, die generaties lang het vrije verkeer van handelsschepen garandeerde, ten einde is, en een unipolaire wereld plaatsmaakt voor een chaotische multipolaire wereld, waarin de VS, China, Rusland en de EU elkaar in een precair evenwicht houden. De energietransitie en de wapenindustrie vergen fenomenale hoeveelheden lastig te delven metalen, zoals koper, lithium en zeldzame aarden. Dit heeft een nieuwe territoriale stormloop op grondstoffen ontketend, schrijft Orain, zoals rubber, palmolie en goud dit deden in de 19de eeuw, of peper, nootmuskaat en kaneel in de dagen van de VOC. ‘Er zal niet genoeg zijn voor iedereen’, luidt Orains refrein.

Verontrustend

De symptomen zijn overal. Kijk naar de Houthi’s in Jemen, die Chinese en Russische handelsschepen ongehinderd de Rode Zee laten oversteken richting het Suezkanaal, maar Amerikaanse en Europese schepen onder vuur nemen. Naar de Amerikaanse pleidooien om kaperbrieven te verstrekken aan de eigen handelsschepen en ze, à la Piet Hein, Chinese koopvaarders te laten enteren. Naar het ontstaan van een ‘kapitalisme tegen de markt’ in Silicon Valley, waar de invloedrijke investeerder Peter Thiel openlijk de lof van monopolies bezingt, omdat ‘concurrentie voor losers’ is. Of naar de octopusachtige greep die Amerikaanse techreuzen op de economie hebben, ter land – via grondverslindende distributie- en datacentra –, ter zee – via de onderzeese internetkabels van Amazon, Meta en Alphabet – en ter lucht – via de satellietconstellaties van Musk en Bezos.

De eindigheid van de wereld is verontrustend leesvoer, dat in de boekhandel net zo goed op de plank met horror zou kunnen staan als tussen de economische lectuur. Orain geeft de lezer veel stof tot nadenken, en misschien ook wel tot enig gerechtvaardigd doemdenken.

Arnaud Orain: De eindigheid van de wereld – Mateloos kapitalisme van de zestiende eeuw tot vandaag. Uit het Frans vertaald door Alexander van Kesteren. Querido; 304 pagina’s; € 27,99.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next