Home

Een suikerlaagje over het koloniale verleden

Suriname Sebastian en Tyler Koudijzer reisden met hun grootouders naar Suriname, langs belangrijke plekken uit hun familiegeschiedenis. Die is nauw verweven met een vaak vergeten bladzijde uit het Nederlandse koloniale verleden.

Het huis van de eigenaar van de voormalige suikeronderneming Mariënburg in Suriname.

Kijk, wijst opa Iksan, dáár dansten we elke vrijdagavond. Samen met oma Watinie gluurt hij door een kier in de scheefgezakte poort van de soos in Mariënburg. En zie je dat puntdak daar, tussen het groen? Dat is de kerk waar we werden gedoopt. En zo, doet opa voor, zo oogstten ze het suikerriet – met een kapmes.

In 2023 reisden Sebastian (1993) en Tyler (1990) Koudijzer naar Suriname met hun grootouders, die vijftig jaar eerder uit het land waren vertrokken. Samen gingen ze naar alle plekken die de broers alleen uit verhalen kenden. Naar het district Commewijne, waar hun grootouders opgroeiden. Naar de Colakreek, waar zij hun eerste afspraakje hadden. Naar de suikerfabriek in Mariënburg, waar hun grootvader opzichter was. De reis was het begin van hun project De Gesuikerde Onderneming, een langer lopende zoektocht naar hun Javaans-Surinaamse afkomst in fotografie, tekst, spoken word en een gelijknamige theatervoorstelling.

Opa Iksan en oma Watinie kijken door het hek van de oude soos in Mariënburg.

Oma Watinie voor het verlaten huis in Tamansari, waar zij een deel van haar jeugd doorbracht.

Opa Iksan kapt suikerriet in circa 1967 in Saramacca, en meer dan vijftig jaar later weer op dezelfde plek.

Hun familiegeschiedenis is nauw verweven met het Nederlandse koloniale verleden. Na de afschaffing van de slavernij in 1863 haalde Nederland vervangende arbeidskrachten naar Suriname om op de plantages te werken. Eerst Hindoestanen, uit het toen nog Britse India. Daarna, tussen 1890 en 1939, meer dan dertigduizend Javanen uit Nederlands-Indië. Veel van hen werden onder valse voorwendselen geronseld, wisten nauwelijks waar ze naartoe gingen. De grootouders van Tyler en Sebastian zijn nazaten van die Javaanse contractarbeiders.

De eerste groep Javanen die aankwam in Suriname werd door de Nederlandsche Handel-Maatschappij te werk gesteld bij de suikeronderneming Mariënburg. De lonen waren laag, de omstandigheden nauwelijks beter dan die van tot slaaf gemaakten. Nadat hun contract afliep bleven veel Javaanse arbeiders in Suriname, omdat de terugreis voor hen onbetaalbaar was.

Dat verhaal wordt weinig verteld, zegt Sebastian. „En als het al verteld wordt, gaat het vooral over de cijfers, hoeveel contractarbeiders waarheen werden gestuurd.” Met hun kunstproject willen zijn broer en hij de menselijke kant laten zien. Wat het betekent om je thuisland te verlaten, wat het betekent om weer terug te willen.

Oma Watinie op de dag dat zij en opa Iksan trouwden (15 februari 1967) in Nieuw Amsterdam.

Opa Iksan op een schommel.

Hun opa groeide op in de kampong bij Mariënburg, oma in het nabijgelegen Jagtlust als dochter van een dorpsoudste. Ze ontmoetten elkaar op jonge leeftijd, werden verliefd. Op de zwart-witfoto’s van hun trouwdag kijken ze stralend de camera in. Oma zorgde voor de kinderen. Opa ging naar de landbouwschool in Alliance, werkte zich op tot opzichter bij de suikeronderneming.

Zijn grootvader vertelde met trots over het leven in Mariënburg, zegt Sebastian. Zijn herinneringen zijn „gesuikerd”. Alsof er een poederlaagje over ligt. „Voor hem was het óók een mooie tijd.” Vandaar de heldere kleuren in zijn foto’s en de zachte, bijna dromerige focus. Hij wil recht doen aan hoe zijn grootouders deze plekken zien.

De oude suikerfabriek in Mariënburg is vervallen en overwoekerd.

De suikerfabriek in Mariënburg sloot in 1986, maar was begin jaren zeventig, voor de Surinaamse onafhankelijkheid, al niet meer winstgevend. Veel werknemers raakten hun baan kwijt en gingen naar Nederland. Iksan en Watinie vertrokken in 1972. Het dak van de raffinaderij is ingestort, de machines worden langzaam opgeslokt door planten. De nostalgie van opa is ook „heimwee naar een Suriname dat er niet meer is”, zegt Sebastian.

Sebastian en Tyler kijken, als leden van een jongere generatie, anders naar het verleden. Zij zien hoe hun familie werd meegevoerd door de migratiestromen van het kolonialisme, van Java naar Suriname naar Nederland. De armoede onder de achterblijvers in Suriname. Hoe het koloniale bewind doordrong in alle aspecten van het leven van hun grootouders – van school en werk tot de kerk.

Het oude kerkgebouw van de Evangelische Broedergemeente, te Leliëndaal naast Marienburg.

Toen hun grootvader vijf jaar was, kwam er een pater naar de kampong. Die bood het gezin onderdak, eten, onderwijs aan – maar dan moesten de kinderen wel met de Bijbel worden opgevoed. Zijn opa noemt zijn bekering een „redding”, zegt Sebastian. Zelf vindt hij het „een soort omkoping”, een van de manieren waarop de Javaanse cultuur werd uitgewist.

Die verschillende blikken moeten naast elkaar kunnen bestaan, vindt Sebastian. Het zoet en het bitter, het licht en het donker. Voor hem is het belangrijkste de liefde van zijn familie, van zijn opa en oma. Hij hoopt dat die in de foto’s te zien is.

Gemeenschapszin is belangrijk in de Javaanse cultuur, vertelt hij. Gotong royong – samen lasten dragen. In Suriname voelden Tyler en Sebastian dat meteen. Van hun grootvader moesten ze iedereen opa of oma noemen, oom of tante. Vaak bleken ze ook echt familie te zijn. Door de reis begrijpen ze niet alleen waar hun familie vandaan komt, zeggen de broers, maar ook wat hen, ondanks alles, met elkaar heeft verbonden.

De grootouders spelen de doop van oma Watinie na. Oma werd op haar zestiende gedoopt, voordat ze trouwde met opa Iksan.

De Gesuikerde Onderneming is tot 22 maart te zien als onderdeel van de tentoonstelling ‘Generasi 3.0’ in het Fotomuseum Den Haag. Tyler en Sebastian Koudijzer spelen hun theatervoorstelling op 13 februari in Rotterdam en op 27 maart in Den Haag. Meer informatie: degesuikerdeonderneming.nl

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC In Beeld

De mooiste fotografie en de beste tips geselecteerd door de fotoredactie

Source: NRC

Previous

Next