Home

Hoe Ducati zijn MotoGP-rivalen met beide benen op de grond heeft gezet

Honda, Aprilia en KTM lieten in Sepang tekenen van verbetering zien, maar de laatste dag van de driedaagse test suggereert dat Ducati zijn voorsprong niet alleen behouden, maar ook uitgebreid heeft.

Met uitzondering van Yamaha, dat door betrouwbaarheidsproblemen met het V4-motorblok werd gehinderd, was de stemming bij alle MotoGP-fabrikanten goed op de eerste twee dagen van de wintertest in Sepang. Dat veranderde op donderdag, toen Ducati de gashendel verder opendraaide en daarmee de gedachten van de concurrentie al liet afdwalen van het aankomende seizoen naar 2027.

Wereldkampioen Marc Márquez ging nog niet eens voluit vanwege het voortdurende herstel van zijn rechterschouder, maar Francesco Bagnaia en Álex Márquez leverden desondanks een behoorlijk statement af. Hun rondetijden over één ronde waren al indrukwekkend, maar voor de overige fabrikanten moeten met name hun sprintsimulaties angstaanjagend sterk zijn geweest.

"Als we de sprintsimulatie van Pecco als referentie nemen, dan kan de rest eigenlijk wel naar huis en zich alvast gaan focussen op 2027", grapte Massimo Rivola, de CEO van Aprilia Racing. Bagnaia hield zich intussen meer op de vlakte. "Laten we wachten tot Thailand voordat we definitief concluderen dat de problemen van 2025 achter ons liggen. Toch denk ik dat alle rijders profiteren van de veranderingen aan de motor voor dit jaar."

Met onder meer nieuwe aerodynamica lijkt Ducati opnieuw een stap vooruit te hebben gezet.

Foto door: Dorna

Álex Márquez klokte naast de snelste sprintsimulatie ook de snelste rondetijd van de week, waarmee hij slechts een tiende boven het ronderecord bleef. "Ik ben blij, ik denk dat we iets sneller zijn dan vorig jaar", concludeerde de Gresini-rijder. Zijn oudere broer, die dus niet voluit ging, toonde zich ook tevreden na zijn vierde plaats op de ranglijst: "Alles is volgens plan verlopen."

Nadat Ducati donderdag een reality check uitdeelde aan de concurrentie, is het niet makkelijk om de pikorde van de overige fabrikanten te bepalen. Wat wel duidelijk is geworden, is dat Aprilia nu afhankelijker dan ooit is van Marco Bezzecchi, de nummer drie in de titelstrijd van vorig jaar.

De rijder uit Rimini heeft zijn contract bij Aprilia verlengd en daarmee gaat het merk verder met de ietwat riskante strategie om alles in te zetten op één rijder. Van Jorge Martín is namelijk al duidelijk dat hij op weg is naar de uitgang bij Aprilia. Dat maakt het lastig om te beoordelen hoe toegewijd de Spanjaard, die herstelt van een tweetal operaties, en de fabrikant dit jaar nog aan elkaar zijn.

Terwijl Aprilia vol inzet op Marco Bezzecchi, lijkt Ducati opnieuw een maatje te groot.

Foto door: Icon Sportswire via Getty Images

Afgaande op de sprintsimulatie van Bezzecchi is het lastig om te beoordelen of Aprilia momenteel sneller is dan KTM. Dat geldt zeker in de vergelijking met de sprintsimulatie van Pedro Acosta, die een stuk competitiever leek. "De motor is op alle vlakken iets beter geworden, maar het is nog te vroeg om duidelijke conclusies te trekken over wat onze doelstelling moet zijn", oordeelde Bezzecchi.

Wat de Italiaan en Aprilia wel hoop moet geven, is de kwalificatiesimulatie die hij op donderdagmiddag afleverde. Nadat de time attack ’s ochtends niet liep zoals gehoopt, knalde Bezzecchi ’s middags naar de tweede tijd van de week, op slechts één tiende van Álex Márquez.

Hoop was er na de eerste twee testdagen ook volop bij Honda. Met de snelste tijd van Joan Mir op woensdag leek Honda te bevestigen dat de opwaartse lijn van afgelopen jaar werd doorgetrokken naar 2026. De uithaal van Ducati op donderdag dwingt de Japanse fabrikant echter om de verwachtingen weer wat bij te stellen.

Mir noteerde donderdag de achtste tijd, op acht tienden van Márquez, al zegt die tijd niet alles over de potentie van de huidige RC213V: op woensdag was Mir namelijk drie tienden sneller geweest. Qua race pace doet zijn sprintsimulatie vermoeden dat Honda momenteel net iets langzamer is dan Aprilia en KTM, al lijkt het verschil kleiner te zijn dan in 2025.

Honda heeft progressie geboekt, maar heeft in Sepang ook problemen met het motorblok gehad.

Foto door: Gold and Goose Photography / LAT Images / via Getty Images

Honda heeft een stap vooruit gezet met de RC213V, maar die lijkt kleiner te zijn dan velen eerder in de week dachten. In de aanloop naar de seizoensstart in Thailand blijft het verhelpen van een gebrek aan grip — de afgelopen tijd een terugkerend thema bij het merk uit Tokio — het belangrijkste aandachtspunt.

"Het zou een fout zijn om ons op Ducati te richten, omdat we nog steeds ver achter liggen en zij zich weer verbeterd hebben", legde Mir uit. "We zijn ons bewust van onze beperking qua grip en dat is waar we de meeste winst moeten boeken." Dat Honda het nog altijd lastig heeft, werd bevestigd door de falende motor van Luca Marini, die daardoor te voet moest terugkeren naar de pits.

Yamaha kampte dinsdag eveneens met motorproblemen, die de fabrikant dwongen om de rijders woensdag toe te laten kijken hoe de anderen wél konden testen. Voor rookie Toprak Razgatlioglu was dat een hard gelag, aangezien hij na succesvolle jaren in het World Superbike nu bezig is met zijn aanpassing aan de MotoGP.

Het is na de test in Sepang duidelijk dat Yamaha nog steeds in de hoek waar de klappen vallen zit.

Foto door: Hazrin Yeob Men Shah / Icon Sportswire via Getty Images

De uitspraken die de Turk donderdag deed, vatten de huidige stand van zaken bij Yamaha perfect samen. Afgaande op deze teksten lijken de twijfels van degenen die vraagtekens zetten bij zijn overstap ineens een stuk meer gerechtvaardigd dan eerst. "Ze zeggen dat ik moet rijden alsof ik op een Moto2-motor zit. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Het is niet eenvoudig om mezelf zo laag op de ranglijst te zien", vertelde hij nadat hij de achttiende tijd had gereden tijdens de test.

De frustratie die bij Razgatlioglu heerst, is ook terug te vinden bij Yamaha. Dat is te danken aan het gebrek aan betrouwbaarheid van het nieuwe V4-motorblok, dat de afgelopen maanden is ontwikkeld. "Yamaha heeft ons gevraagd voorzichtig te rijden", zei Álex Rins, de enige fabrieksrijder van Yamaha die de test voltooide. Teamgenoot Fabio Quartararo crashte op de eerste dag, brak zijn vinger en keerde daarna terug naar Europa.

Rins was met een achterstand van 1,1 seconde de snelste Yamaha-rijder, maar hij reed geen sprintsimulatie. Jack Miller was donderdag de enige die dat deed namens de fabrikant uit Iwata, maar die overtuigde niet. Beide factoren hebben de twijfels over de werkelijke stand van zaken bij Yamaha in ieder geval niet weggenomen.

Wat zou jij graag willen zien op Motorsport.com?

- Het Motorsport.com-team

Source: Motorsport

Previous

Next